Besluit van de Regering van de Franse Gemeenschap betreffende de proef voor de toelating tot de initiële opleiding voor de toegang tot de ambten van inspecteur met toepassing van de artikelen 12, eerste en tweede lid, 13, § 5, 17 en 19 van het decreet van 10 januari 2019 betreffende de algemene inspectiedienst, de 3 juin 2021

HOOFDSTUK 1. - Algemene bepalingen

Artikel 1. Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder:

  1. " het decreet " : het decreet van 10 januari 2019 betreffende de Algemene Inspectiedienst;

  2. " de toelatingsproef " : de proef voor de toelating tot de initiële opleiding bedoeld in de artikelen 17 tot 20 van het decreet;

  3. " de examencommissie ": de examencommissie(s) van de toelatingsproef samengesteld overeenkomstig artikel 19 van het decreet.

  4. " de kandidaat " : de persoon die zijn kandidatuur voor de toelatingsproef indient;

  5. " het competentieprofiel ": het competentieprofiel dat gemeenschappelijk is voor de uitoefening van het ambt van inspecteur bepaald in bijlage 1 bij het besluit van de Regering van de Franse Gemeenschap van 21 januari 2021 tot vaststelling van de competentieprofielen bedoeld in de artikelen 17, derde lid, en 33, eerste lid, van het decreet van 10 januari 2019 betreffende de algemene inspectiedienst;

  6. " het college van voorzitters " : indien voor het mondeling gedeelte van de toelatingsproef meerdere examencommissies worden samengesteld, is een college waarin de voorzitters van deze examencommissies samenkomen, verantwoordelijk voor de coördinatie van de werkzaamheden van de examencommissies die zij voorzitten, door middel van beslissingen genomen bij consensus om de eenheid van de beoordeling en de gelijke behandeling van kandidaten te garanderen.

    HOOFDSTUK 2. - De oproep tot kandidaten en de nadere regels voor de vorm en de termijn voor de indiening van een kandidatuur voor de toelatingsproef met toepassing van de artikelen 12 en 13, § 5 van het decreet

    Art. 2. § 1. De regering draagt de functionele ministers op de oproep voor kandidaten voor de proef voor de toelating tot de initiële opleiding vast te stellen en te lanceren, volgens de volgende inhoud, nadere regels en vormregels:

  7. de ontvangers betrokken bij de oproep tot kandidaten overeenkomstig artikel 13 van het decreet;

  8. het aantal te vervullen betrekkingen, overeenkomstig artikel 12, tweede lid, van het decreet, de beschrijving van het ambt van inspecteur, de te vervullen ambten, de vereiste bekwaamheden, alsook de selectiecriteria bedoeld in afdeling 2 van dit besluit;

  9. de voorwaarden voor de toegang tot de ambten overeenkomstig artikel 13, §§ 1 tot 3, van het decreet;

  10. de termijn en vorm voor de indiening van de kandidaatstelling: op straffe van onontvankelijkheid moet elke kandidaatstelling in elektronische vorm worden ingediend binnen de termijn vermeld in de oproep tot kandidaten; deze termijn mag niet korter zijn dan 10 werkdagen, noch langer dan 20 werkdagen, zoals bepaald in artikel 1, § 2, 15 °, van het decreet.

    Een ontvangstbewijs wordt binnen 5 werkdagen langs elektronische weg gestuurd;

  11. de te verstrekken documenten, de termijn voor de mededeling ervan en de gevolgen van de onvolledigheid van het dossier van kandidatuur. Op straffe van onontvankelijkheid van de kandidatuur, moet het volgende worden meegedeeld:

    - een uittreksel uit het strafregister (model 2), gedateerd ten hoogste 6 maanden vanaf de datum van indiening van het document;

    - een attest met betrekking tot de stand van zaken van het tuchtdossier van de kandidaat voor de afgelopen 5 jaar, en van elke inrichtende macht waar hij de voorbije 5 jaar prestaties in vast verband verleend heeft;

    - wanneer de kandidaat naar het ambt van inspecteur van een cursus godsdienst of een cursus niet-confessionele zedenleer solliciteert, het visum van het hoofd van de betrokken eredienst of van de organisatie erkend bij de wet waaronder hij ressorteert en die morele steun biedt volgens een niet-confessionele filosofische opvatting en uitgevaardigd volgens de nadere regels bepaald in artikel 2 van het besluit van de regering van de Franse Gemeenschap van 3 juni 2021 tot uitvoering van artikel 13, § 1, tweede en derde lid, het decreet van 10 januari 2019 betreffende de algemene inspectiedienst;

    De vereiste stukken moeten aan de diensten van de Regering uitsluitend langs elektronische weg bezorgd worden, op het e-mailadres dat hiervoor wordt opgegeven en vermeld in de oproep tot kandidaten, binnen een termijn van maximum 20 werkdagen zoals bepaald in artikel 1, 15 ° van het decreet, vanaf de laatste dag van het lanceren van de oproep tot kandidaten. Als de oproep tot kandidaten gelanceerd wordt de maand voorafgaand aan het begin van de zomervakantie, wordt deze termijn vastgesteld op 35 werkdagen vanaf de laatste dag van de oproep tot kandidaten.

    Indien een kandidaat het attest met betrekking tot de stand van zaken van zijn tuchtdossier niet binnen de termijn bedoeld in het vorige lid voorlegt, wordt de termijn verlengd tot 5 werkdagen voor het schriftelijke gedeelte van de toelatingsproef op voorwaarde dat de kandidaat aantoont dat hij de aanvraag uiterlijk op de vervaldatum voor de indiening van de kandidaturen ingediend heeft. Om in aanmerking te komen voor deze verlenging, levert de kandidaat het bewijs van deze aanvraag binnen de termijn bedoeld in het vorige lid. De ontvankelijkheidsbeslissing van de kandidatuur wordt vervolgens genomen onder voorbehoud van de inhoud van het ontbrekende document.

    Bij het verzenden van het ontvangstbewijs bedoeld in 4 °, of in een volgende e-mail, kan de examencommissie die bevoegd is om te beslissen over de ontvankelijkheid van de kandidaturen, en die benoemd wordt met toepassing van artikel 19, de kandidaat vragen om, binnen de termijn die zij uitdrukkelijk bepaalt op straffe van onontvankelijkheid van de kandidatuur, die niet minder dan 5 werkdagen mag zijn, elk ander document voor te leggen dan die vermeld in 5 ° en dat zij essentieel acht voor het nagaan van de naleving van de toegangsvoorwaarden.

    Een ontvangstbewijs wordt binnen 5 werkdagen langs elektronische weg verzonden na ontvangst van de aanvullende documenten die door de kandidaat bezorgd zijn.

    De examencommissie die verantwoordelijk is voor het schriftelijke gedeelte van de toelatingsproef, die ook verantwoordelijk is voor het beslissen over de ontvankelijkheid van de kandidaturen, beslist er zo over dat haar beslissing langs elektronische weg wordt meegedeeld binnen een termijn van minimum 10 werkdagen vóór het schriftelijke gedeelte van de toelatingsproef;

  12. de beoogde plaatsen en datum voor het schriftelijke gedeelte van de toelatingsproef.

    In de oproeping worden de gegevens van de plaats waar het schriftelijke gedeelte van de toelatingsproef zal worden afgenomen alsook het rooster langs elektronische weg meegedeeld en dit, binnen minimaal 10 werkdagen voorafgaand aan het schriftelijke gedeelte van de toelatingsproef;

  13. de regels en de nadere regels met betrekking tot het verloop van de toelatingsproef, alsook de...

Pour continuer la lecture

SOLLICITEZ VOTRE ESSAI