Décision judiciaire de Raad van State, 23 décembre 2015

Date de Résolution23 décembre 2015
JuridictionNietigverklaring
Nature Arrest

RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK

XIVe KAMER

A R R E S T

nr. 233.355 van 23 december 2015 in de zaak A. 208.760/XIV-36.073

In zake : de NV KINEPOLIS MEGA bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Els Empereur kantoor houdend te 2018 Antwerpen Brusselstraat 59/5 bij wie woonplaats wordt gekozen eveneens bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Annelies Verlinden kantoor houdend te 1050 Brussel Louizalaan 106

tegen :

de VLAAMSE VERVOERMAATSCHAPPIJ DE LIJN bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Dirk Lindemans kantoor houdend te 1000 Brussel Keizerslaan 3 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep

1. Het beroep, ingesteld op 6 mei 2013, strekt tot de nietigverklaring van de volgende beslissingen: - de beslissing van de Raad van Bestuur van de Vlaamse Vervoermaatschappij De Lijn van 18 juli 2012 “waarbij wordt beslist om de onroerende goederen, die op heden het voorwerp uitmaken van een gebruiksovereenkomst van 8 januari 2003 gesloten tussen de verzoekende en de verwerende partij, in erfpacht te geven”; - de beslissing van onbekende datum van de verwerende partij “die samenhangt met de eerste bestreden beslissing, waarbij wordt beslist de gebruikersovereenkomst van 8 januari 2003 gesloten tussen de verzoekende en de verwerende partij, te beëindigen met ingang vanaf 1 januari 2014, zodat de erfpachtovereenkomst in werking kan treden en uitwerking kan hebben”.

XIV-36.073-1/50

II. Verloop van de rechtspleging

2. Bij arrest nr. 225.385 van 7 november 2013 is de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissingen verworpen.

De verzoekende partij heeft een verzoekschrift tot voortzetting van de rechtspleging ingediend.

De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend en de verzoekende partij heeft een memorie van wederantwoord ingediend.

Auditeur Alexander Van Steenberge heeft een verslag opgesteld.

De verwerende partij heeft een verzoek tot voortzetting van het geding en een laatste memorie ingediend. De verzoekende partij heeft een laatste memorie ingediend.

De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 3 juni 2015.

Staatsraad Kaat Leus heeft verslag uitgebracht.

Advocaten Annelies Verlinden en Matthias Stinissen, die loco advocaat Els Empereur verschijnt voor de verzoekende partij, en advocaat Dirk Lindemans, die verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord.

Auditeur Alexander Van Steenberge heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven.

XIV-36.073-2/50

Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973. III. Feiten

3.1. Op 8 januari 2003 sluiten de verzoekende en de verwerende partij een gebruikersovereenkomst waardoor voor een terrein van de verwerende partij een recht van gebruik wordt verleend aan de verzoekende partij, waarbij dit terrein wordt aangewend als parkeerterrein voor de bioscoopbezoekers van Kinepolis Antwerpen.

Artikel 3 van de voornoemde overeenkomst bepaalt dat het recht van gebruik wordt verleend, met ingang van 1 januari 2002 voor 12 maanden en eindigt na het verstrijken van deze éénjarige periode. “Indien er geen aangetekende opzegging geschiedt, wordt de overeenkomst stilzwijgend verlengd telkens met één jaar”. De partijen kunnen de overeenkomst aangetekend opzeggen uiterlijk zes maanden “voor het te voorziene einde van de overeenkomst”.

Artikel 11 van de betrokken overeenkomst verleent gedurende de looptijd van deze overeenkomst een recht van voorkoop aan de verzoekende partij. De verwerende partij verbindt er zich toe als zij voornoemd onroerend goed aan een derde wenst te verkopen, aan de verzoekende partij, bij aangetekend schrijven, de aangeboden prijs en voorwaarden ter kennis te brengen. Indien de verzoekende partij het goed tegen die prijs en die voorwaarden wil aankopen, moet zij de verwerende partij, op identieke wijze, hiervan binnen dertig dagen op de hoogte brengen.

3.2. Tijdens haar zitting van 18 juli 2012 (zie nog infra) beslist de raad van bestuur van de verwerende partij om aan de Heeren Group een 99-jarige erfpacht toe te kennen voor de gronden waarvoor een recht van gebruik geldt, met als voorwaarde dat de exploitatie van de verwerende partij op geen directe of indirecte wijze hinder ondervindt.

XIV-36.073-3/50

3.3. Op 8 januari 2003 werd een notariële verkoopakte verleden waarbij de verzoekende partij aan de verwerende partij een eigen strook grond verkoopt gelegen nabij de Noorderlaan, volgens kadaster Groenendaallaan 394, 1.006,5 m². De voormelde afspraken, gemaakt in de in punt 3.1. vermelde gebruiksovereenkomst van 8 januari 2003 hadden ook betrekking op deze strook. In de ‘Bijzondere Voorwaarden’ wordt bepaald dat aan de verzoekende partij te allen tijde vrije doorgang wordt verleend op het betrokken terrein opdat de bereikbaarheid van het bioscoopcomplex Metropolis niet in het gedrang zou komen (nodig om de veiligheid te garanderen) en dat de verzoekende partij een voorkeurrecht bedingt tot aankoop van het goed bij verkoop ervan door de verwerende partij. Voor wat betreft de modaliteiten van dit voorkeurrecht wordt verwezen naar artikel 47 en volgende van de Pachtwet.

3.3. Met een e-mail van 16 februari 2010 stelt het hoofd vastgoed van de verwerende partij, verwijzend naar een vraag tot aankoop gedaan door de verzoekende partij, dat hierover een gesprek kan worden gehouden. Zij meldt tevens dat vooraf aan elke aankoop- en verkoopprocedure door de verwerende partij een administratieve procedure moet worden doorlopen.

3.4. Uit een persbericht van 3 februari 2012 in De Standaard en een persbericht van 9 februari 2012 in het Nieuwsblad blijkt dat de verwerende partij, in het kader van een besparingsronde, haar parking nabij de bioscoop te koop stelt en dat “het gerucht gaat” dat de verzoekende partij de parking graag zou overnemen. Volgens het persbericht van 3 februari 2012 verklaart de woordvoerder van de verwerende partij dat een aantal sporen worden besproken om de parking af te stoten: “Verkopen kan, maar de grond kan ook in concessie worden gegeven”.

3.5. Volgens de verwerende partij dienden er zich verschillende kandidaten aan waaronder de nv Ikea Belgium, Interparking en de Heeren Group. Niet iedereen bracht, volgens de verwerende partij, een bod uit gelet op het voorkooprecht van de verzoekende partij. De volgens de verwerende partij

XIV-36.073-4/50

“daadwerkelijk geïnteresseerden” werden uitgenodigd om hun bod en voorstel uit te brengen ten laatste tegen eind juni 2012.

Op 29 juni 2012 bracht de bvba Heeren Group een effectief bod

uit.

3.6. In een aan de verwerende partij gericht schrijven van 3 juli 2012, verwijzend naar een vergadering van 22 juni 2012 tussen de verzoekende en de verwerende partij met betrekking op het onderhoud van de site en waarop de verwerende partij haar intentie tot verkoop op “korte termijn” meldt (de beslissing van de raad van bestuur van de verwerende partij tot erfpachtverlening aan de Heeren Group dateert van 18 juli 2012), stelt de verzoekende partij dat de verwerende partij tijdens die vergadering nog meldde dat de biedingen verwacht worden in de eerste helft van juli en dat een verkoop zou moeten afgesloten zijn voor het eind van dat jaar. De verzoekende partij drukt haar verwondering uit dat zij deze intentie tot verkoop op dergelijke toevallige wijze moet vernemen en dat zij op de hoogte wil worden gesteld van het verloop van deze verkoopprocedure en onder meer wenst te weten over welke terreinen het precies gaat en wat de situatie van de bestaande tramsporen en tramhalte zal zijn. Zij wijst er op dat Kinepolis sinds jaren over een gebruiksrecht op de terreinen en eveneens over een voorkooprecht beschikt.

3.7. De verwerende partij reageert met een brief van 9 juli 2012:

“Wij verwijzen naar uw aangetekend schrijven van 3 juli 2012 en zijn verbaasd over de inhoud ervan.

De meeting die op 22 juni 2012 werd vastgelegd was uitsluitend gericht op de valorisatie van het terrein dat de NV Kinepolis Mega ingevolge de heersende overeenkomst van 8 januari 2003 in gebruik heeft.

De onderhoudsproblematiek werd in het verleden steeds rechtstreeks door de heer [R.] met de verantwoordelijken van De Lijn Antwerpen besproken. Het onderhoud van de site valt uitsluitend onder de bevoegdheid van De Lijn Antwerpen. De heer [R.] werd hiervoor ook steeds doorverwezen naar De Lijn Antwerpen.

Wij verwijzen naar het onderhoud dat plaatsvond op 3 mei 2010 met de heer [R.] in de kantoren van het Lijnhuis te Mechelen waarbij betrokkene meldde dat de NV Kinepolis Mega geïnteresseerd was in de aankoop van de in gebruik gegeven site en meer in het bijzonder in de verbindingsweg. Er werd toen duidelijk toegelicht dat

XIV-36.073-5/50

een verkoop beslist wordt door de raad van bestuur en een schattingsverslag moest worden voorgelegd aan diezelfde raad. De waarde bepaald in het schattingsverslag is evenwel niet de vraagprijs. Vanwege de NV Kinepolis Mega ging een officiële bevestiging van vraag tot aankoop komen, alsook een bod. Tot op heden kon geen van beide genoteerd worden.

N.a.v. een krantenartikel dat op 3 februari 2010 verscheen in De Standaard met als titel ‘De Lijn verkoopt parking Metropolis’ en een gelijkaardig artikel dat op 9 februari 2012 verscheen in het Nieuwsblad werden onze diensten geconfronteerd met geïnteresseerden die een uitgewerkt bouwproject konden voorleggen, waaruit duidelijk bleek dat het om een realisatie zou gaan op het gezamenlijk eigendom van de NV Kinepolis Mega en De Lijn. Betrokkenen vermeldden dat zij reeds geruime tijd in onderhandeling waren met uw afgevaardigden. Tijdens het onderhoud op 22 juni 2012 bevestigde de heer [R.] dat hij het krantenartikel gelezen had.

In het kader van de opgelegde bezuinigingspolitiek is het inderdaad dringend dat de site...

Pour continuer la lecture

SOLLICITEZ VOTRE ESSAI