Vonnis/arrest, Ondernemingsrechtbank Gent, 2026-03-17
| Juridiction | Bélgica |
| Court | Ondernemingsrechtbank Gent |
| Judgment Date | 17 mars 2026 |
| ECLI | ECLI:BE:ORGNT:2026:JUG.20260317.2 |
| Docket Number | A/24/00253 |
| Link to Original Source | https://juportal.be/content/ECLI:BE:ORGNT:2026:JUG.20260317.2 |
De ondernemingsrechtbank Gent, afdeling Gent 2de kamer heeft vonnis verleend tussen partijen:
.
De heer [PD],
Eiser,
Met als raadsman […]
.
TEGEN:
.
Meester [CV], in eigen naam, advocaat […]
verweerster,
vertegenwoordigd door […]
.
Inhoud:
I. INFORMATIE OVER DE PROCEDURE
II. SITUERING VAN HET GESCHIL
III. VORDERINGEN VAN PARTIJEN
IV. VOORAF
V. ONTVANKELIJKHEID
V.A. Wat betreft de hoedanigheid van eiser als vennoot van gefailleerde
V.B. Wat betreft de hoedanigheid van eiser als schuldeiser van gefailleerde
V.C. Wat betreft de vordering van een vennoot tegen de curator tijdens het faillissementsbewind
V.D. Wat betreft de verjaring
VI. BEOORDELING TEN GRONDE
VI.A. Vooraf: wat betreft collectieve schade en eigen schade
VI.B. Vordering “medeplichtig aan vervalsing” inzake “lening Fortis aan [GETR]”
VI.C. Fouten inzake de [EJS]-procedure
VI.D. Fouten met betrekking tot de participatie [CAR]
VI.E. Fouten inzake het verdwenen machinepark in Polen
VI.F. Fouten inzake de fiscale administratieve procedure
VI.G Fouten inzake de verificatie van aangiftes van schuldvordering
VI.H. Fouten bij de niet-invordering van de rekening-courant ten aanzien van [GETR]
VI.I. Vordering tot het vergoeden van “morele schade en andere schade”
VII. DE BESLISSING
.
I. INFORMATIE OVER DE PROCEDURE
Het geding werd ingeleid bij dagvaarding van 21 mei 2010.
Er werd een tussenvonnis gewezen op 17 juni 2025.
Partijen hebben conclusies genomen.
De rechtbank heeft de partijen in openbare terechtzitting van 16 december 2025 gehoord, waarna de debatten werden gesloten en de zaak in beraad werd genomen.
De rechtbank heeft kennis genomen van het rechtsplegingsdossier en de neergelegde stukken.
De bepalingen van de wet van 15 juni 1935 op het taalgebruik in gerechtszaken worden nageleefd.
.
II. SITUERING VAN HET GESCHIL
.
2.1. Eiser stelt vennoot te zijn van de GCV [PDC]° met ondernemingsnummer […]
GCV [PDC]° werd failliet verklaard bij vonnis van 8 juni 2000 door de toenmalige rechtbank van koophandel Gent. Verweerster werd aangesteld als curator.
Eiser is van oordeel dat verweerster in haar hoedanigheid van curator fouten heeft begaan en vordert hiervoor een schadevergoeding van 5.708.139,00 EUR.
.
2.2. Aanvankelijk heeft eiser zijn vordering tot solidaire veroordeling gesteld tegen 4 verwerende partijen, nl. de heer [AER], NV [AST] en NV [GETR] en verweerster, dit voor de rechtbank van eerste aanleg Oost-Vlaanderen, afdeling Gent.
In essentie beweert eiser dat de heer [AER], [AST] en [GETR] zijn “opgebouwde levenswerk ten bedrage van 10.000.000 Euro“ hebben vernietigd door middel van “oplichting” en “maffiapraktijken”.
Volgens eiser zou verweerster, in haar hoedanigheid van curator van de GCV [PDC], aan deze handelingen hebben meegewerkt in samenspanning met [AER], [AST] en [GETR]. Minstens zou zij als curator hebben nagelaten hiertegen op te treden, wat eiser als een fout beschouwt.
.
2.3. Bij vonnis van 15 januari 2024 van de rechtbank van eerste aanleg Oost-Vlaanderen, afdeling Gent werd de zaak wat betreft de vordering tegen verweerster afgesplitst omwille van bevoegdheidsredenen en verzonden naar de ondernemingsrechtbank Gent, afdeling Gent.
De vordering van eiser ten aanzien van de overige drie verwerende partijen werd wel beoordeeld door de rechtbank van eerste aanleg Oost-Vlaanderen, afdeling Gent. De vordering van eiser werd afgewezen om reden dat eiser niet bewijst een persoonlijk belang te hebben en ten overvloede om reden dat eiser niet bewijst dat er sprake was van enige fout in hoofde van de partijen [AER], [AST] en [GETR].
Door eiser werd beroep aangetekend tegen voormeld vonnis van 15 januari 2024. Er is nog geen arrest in graad van beroep tussengekomen gelet op het overlijden van de heer [AER].
.
2.4. In huidige procedure moet deze rechtbank enkel oordelen over de afgesplitste aansprakelijkheidsvordering tegen verweerster.
.
III. VORDERINGEN VAN PARTIJEN:
.
3.1. De zaak werd aanhangig gemaakt bij dagvaarding van 21 mei 2010.
Verweerster werd gedagvaard in persoonlijke naam als volgt: “Meester [CV], advocaat“.
Met betrekking tot het optreden van verweerster in haar hoedanigheid van curator werd in de dagvaarding overwogen:
.
“Vast staat dat de curator nooit iets heeft ondernomen om het actief van het faillissement van de G.C.V. [PDC], dat bestaat uit een belangrijk pakket aandelen van de N.V. [GETR] (waarde E 150 000,00) en uit een rekening-courant t.b.v. 7,5 miljoen BEF (E 185 920,00) op de N. V. [GETR]. Verder waren er nog de machines in Polen, de participatie in [CAR] en [EJS] en de aan [EJS] betaalde voorschotten.
Hoewel dit vonnis van de Rechtbank van Koophandel te Gent dd. 14/01/2003 en het Arrest van het Hof van Beroep te Gent dd. 11/06/2007 de aanwezigheid van dit actief heeft bevestigd, heeft de curator tot op heden nog steeds niets ondernomen.
De curator dient verantwoordelijk te worden gesteld voor het verlies dat verzoeker geleden heeft door dit niet-optreden.
Vermits de G.C.V. [PDC] omzeggens geen schulden had, zou al het door de curator te realiseren actief aan de aandeelhouders (lees : thans nog voor 100% verzoeker) toekomen, zodat het verlies voor verzoeker hier begroot wordt op 25 000 000 BEF of €19 733,81”.
.
Ten aanzien van verweerster werd in de dagvaarding gevorderd:
“Vierde gedaagde zich te horen veroordelen om aan verzoeker een bedrag van 619 733,81 te betalen, bedrag te vermeerderen met de compensatoire intresten en met de gerechtelijke intresten vanaf heden;
Gedaagden zich hoofdelijk of in solidum of de ene bij gebreke van de andere te horen veroordelen tot het betalen van de gerechtskosten, met inbegrip van de rechtsplegingsvergoeding t.b.v. 16 000,00”
.
3.2. Staande het geding heeft eiser zijn vordering “uitgebreid”. In laatste syntheseconclusie vordert eiser ten aanzien van verweerster:
.
“De vordering ontvankelijk en gegrond te verklaren;
Dienvolgens verweerster te veroordelen tot het betalen van 5.708.139,00 EUR in hoofdsom, meer de wettelijke intresten sedert datum van dagvaarding tot datum van volledige betaling.
Te zeggen voor recht dat verweerster gehouden is de procedure tot afsluiting van het faillissement op te starten binnen de maand na datum van het tussen te komen vonnis op straffe van een dwangsom van 10.000 EUR/dag per dag vertraging en de oorspronkelijk beslagen tegoeden voor vrij en onbelast over te maken aan concluant.
De vorderingen ten aanzien van concluant onontvankelijk, ontoelaatbaar en ongegrond te verklaren.
De geleden schade te bepalen en de overige vorderingen ten bedrage van 4.372.293,81 EUR ontvankelijk, toelaatbaar en gegrond te horen verklaren, met dien verstande dat het inkomstenverlies dient geactualiseerd tot op heden, inkomstenverlies met verlies in pensioenrechten tot gevolg.
Alle kosten gemaakt door verweerster al dan niet gelinkt aan het zich aansluiten bij de vordering van [AER] en [GETR] bij het onregelmatig aanhouden van de faling gedurende 24 jaar met verwijzing naar een eerder precedent in het vonnis te Oudenaarde te verwerpen.
Verweerster te veroordelen tot de kosten van het geding, daarin begrepen de basisrechtsplegingsvergoeding ten bedrag van 23.546,51 €.
Te zeggen voor recht dat elk kantonnement is uitgesloten.”
.
3.3. Verweerster in laatste syntheseconclusie:
.
“De vordering, zoals door eiser ten aanzien van concluante geformuleerd, af te wijzen als ontoelaatbaar, zoniet onontvankelijk en in elk geval ongegrond.
Eiser dienvolgens te veroordelen tot de kosten van huidige procedure, aan deze zijde bepaald op de te indexeren rechtsplegingsvergoeding, te begroten op het basisbedrag, zoals hieronder nader begroot.
Minstens – uiterst ondergeschikt – in de mate alsnog een veroordeling ten aanzien van concluante zou worden uitgesproken, de vordering(en) te herleiden rekening houdend met wat hoger werd uiteengezet en concluante toe te laten tot het kantonnement.”
.
IV. VOORAF
.
4.1. De rechtbank had eerder in zijn tussenvonnis van 17 juni 2025 vastgesteld dat de conclusies van eiser, zowel wat de feiten als het recht betreft, een behoorlijke mate van inconsistentie en thematische sprongen bevatten, hetgeen de leesbaarheid bemoeilijkt en het volgen van de inhoudelijke lijn in de gestelde vorderingen uitdagend, zo niet onmogelijk, maakt. In hetzelfde tussenvonnis had de rechtbank in herinnering gebracht dat artikel 149 GW de rechter niet verplicht te antwoorden op conclusies die dermate verwarrend zijn dat het onderzoek ervan onmogelijk blijkt (Cass. 25 oktober 2019, F.18.0131.F ).
Om die reden heeft de rechtbank in voormeld tussenvonnis twaalf uitgebreide vragen geformuleerd met het oog op verduidelijking en op het helder krijgen van het debat. Het debat zou integraal hernomen worden. Desalniettemin moet de rechtbank vaststellen dat, ondanks conclusies van 71 pagina’s, de vorderingen en beweringen van eiser nog steeds onsamenhangend en onduidelijk blijven. Op pagina 64 van zijn laatste syntheseconclusie geeft eiser een “samenvatting van de vorderingen” weer om tot een totale schadevergoeding van 5.708.139,00 EUR te komen. De hoofdstukken waarnaar daarbij wordt verwezen, evenals de opgenomen schadecijfers, sluiten evenwel niet aan bij de tekst van de syntheseconclusie.
.
4.2. De rechtbank zal bijgevolg enkel die vorderingen behandelen die hij uit de conclusie kan ontwaren en zoals deze begrepen worden door de rechtbank. Als er punten van de vordering in dit vonnis niet beantwoord worden, is dit te wijten aan het feit dat deze niet uit de syntheseconclusie konden worden afgeleid, hetgeen uitsluitend voortvloeit uit de wijze waarop eiser zijn conclusie heeft opgesteld.
In elk geval kan verweerster gevolgd worden waar zij in conclusie stelt “niet alleen maakte de wijze waarop eiser zijn vorderingen heeft uitgewerkt het concluante uiterst moeilijk om haar recht van verdediging uit te oefenen, maar hetzelfde geldt voor de rechtbank, die geconfronteerd met de handelswijze van eisers slechts moeilijk en moeizaam over de vorderingen kan oordelen.”
.
...
Pour continuer la lecture
Commencez GratuitementDébloquez l'accès complet avec un essai gratuit de 7 jours
Transformez votre recherche juridique avec vLex
-
Accès complet à la plus grande collection de jurisprudence de common law sur une seule plateforme
-
Générez des résumés de cas avec l’IA qui mettent en évidence les enjeux juridiques clés
-
Fonctionnalités de recherche avancées avec des options de filtrage et de tri précises
-
Contenu juridique complet avec des documents provenant de plus de 100 juridictions
-
Fiable pour 2 millions de professionnels, y compris les plus grands cabinets du monde
-
Accédez à la recherche assistée par l’IA avec Vincent AI : requêtes en langage naturel avec citations vérifiées
Débloquez l'accès complet avec un essai gratuit de 7 jours
Transformez votre recherche juridique avec vLex
-
Accès complet à la plus grande collection de jurisprudence de common law sur une seule plateforme
-
Générez des résumés de cas avec l’IA qui mettent en évidence les enjeux juridiques clés
-
Fonctionnalités de recherche avancées avec des options de filtrage et de tri précises
-
Contenu juridique complet avec des documents provenant de plus de 100 juridictions
-
Fiable pour 2 millions de professionnels, y compris les plus grands cabinets du monde
-
Accédez à la recherche assistée par l’IA avec Vincent AI : requêtes en langage naturel avec citations vérifiées
Débloquez l'accès complet avec un essai gratuit de 7 jours
Transformez votre recherche juridique avec vLex
-
Accès complet à la plus grande collection de jurisprudence de common law sur une seule plateforme
-
Générez des résumés de cas avec l’IA qui mettent en évidence les enjeux juridiques clés
-
Fonctionnalités de recherche avancées avec des options de filtrage et de tri précises
-
Contenu juridique complet avec des documents provenant de plus de 100 juridictions
-
Fiable pour 2 millions de professionnels, y compris les plus grands cabinets du monde
-
Accédez à la recherche assistée par l’IA avec Vincent AI : requêtes en langage naturel avec citations vérifiées
Débloquez l'accès complet avec un essai gratuit de 7 jours
Transformez votre recherche juridique avec vLex
-
Accès complet à la plus grande collection de jurisprudence de common law sur une seule plateforme
-
Générez des résumés de cas avec l’IA qui mettent en évidence les enjeux juridiques clés
-
Fonctionnalités de recherche avancées avec des options de filtrage et de tri précises
-
Contenu juridique complet avec des documents provenant de plus de 100 juridictions
-
Fiable pour 2 millions de professionnels, y compris les plus grands cabinets du monde
-
Accédez à la recherche assistée par l’IA avec Vincent AI : requêtes en langage naturel avec citations vérifiées
Débloquez l'accès complet avec un essai gratuit de 7 jours
Transformez votre recherche juridique avec vLex
-
Accès complet à la plus grande collection de jurisprudence de common law sur une seule plateforme
-
Générez des résumés de cas avec l’IA qui mettent en évidence les enjeux juridiques clés
-
Fonctionnalités de recherche avancées avec des options de filtrage et de tri précises
-
Contenu juridique complet avec des documents provenant de plus de 100 juridictions
-
Fiable pour 2 millions de professionnels, y compris les plus grands cabinets du monde
-
Accédez à la recherche assistée par l’IA avec Vincent AI : requêtes en langage naturel avec citations vérifiées