Koninklijk besluit betreffende het recht op vergoeding voor het kopiëren voor eigen gebruik, van 18 oktober 2013

 
GRATIS UITTREKSEL

HOOFDSTUK 1. - Definities

Artikel 1. Voor de toepassing van dit besluit moet worden verstaan onder :

  1. de wet : de wet van 30 juni 1994 betreffende het auteursrecht en de naburige rechten;

  2. de vergoeding voor het kopiëren voor eigen gebruik : recht op de vergoeding bedoeld in artikel 55, eerste lid, van de wet;

  3. de bijdrageplichtigen : de fabrikanten, de invoerders en de intracommunautaire aankopers bedoeld in artikel 55, tweede lid, van de wet;

  4. de dragers : de dragers bedoeld in artikel 55, tweede lid, van de wet;

  5. de apparaten : de apparaten bedoeld in artikel 55, tweede lid, van de wet;

  6. de invoer : het binnenkomen op het nationale grondgebied van één of meer dragers of apparaten afkomstig uit een land dat geen lid is van de Europese Unie;

  7. de intracommunautaire aankoop : het binnenkomen op het nationale grondgebied van één of meer dragers of apparaten afkomstig uit een andere lidstaat van de Europese Unie;

  8. de uitvoer : het buiten het nationale grondgebied brengen van één of meer dragers of apparaten naar een land dat geen lid is van de Europese Unie;

  9. de intracommunautaire levering vanaf het nationale grondgebied : het buiten het nationale grondgebied brengen van één of meer dragers of apparaten naar een andere lidstaat van de Europese Unie;

  10. de exclusieve invoerders en exclusieve intracommunautaire aankopers : de invoerders en de intracommunautaire aankopers die op het nationale grondgebied een exclusief recht hebben voor de verspreiding van dragers en apparaten;

  11. de als groothandelaar aangemerkte invoerders en intracommunautaire aankopers : de invoerders en de intracommunautaire aankopers van wie de hoofdactiviteit erin bestaat dragers en apparaten ter beschikking te stellen van andere verdelers;

  12. de andere invoerders en intracommunautaire aankopers : de invoerders en de intracommunautaire aankopers die noch exclusief, noch groothandelaar zijn;

  13. de beheersvennootschap : de vennootschap die krachtens artikel 55, vijfde lid, van de wet belast is met de inning en de verdeling van de vergoeding voor het kopiëren voor eigen gebruik;

  14. de minister : de minister bevoegd voor het auteursrecht.

    HOOFDSTUK 2. - Bedragen van de vergoeding

    Art. 2. § 1. De vergoeding voor het kopiëren voor eigen gebruik die van toepassing is op apparaten waarmee werken kunnen gereproduceerd worden, wordt bepaald per eenheid als volgt :

  15. voor de volgende apparaten, zonder geïntegreerde drager, die niet integreerbaar zijn in een computer en autonoom functioneren : een Hi-Fi-keten met radio-cassette-CD, een gecombineerde DVD-lezer en videorecorder, een gecombineerde DVD-brander en videorecorder; een draagbare radio-cassette recorder, een gecombineerde draagbare radio-cassette-CD, een televisie en gecombineerde DVD-brander, een DVD-recorder, een cassettedeck, een videorecorder, een CD-brander, een MiniDisc-brander, een brander van CD Audio naar MiniDisc, wordt de vergoeding voor het kopiëren voor eigen gebruik vastgesteld op 2,00 euro;

  16. voor de volgende geïntegreerde apparaten met geïntegreerde drager : een televisie, een Hi-Fi-keten, een gecombineerde DVD-brander en een videorecorder, een multifunctionele keten DVD Home cinema, een Set top Box, een multimediacenter, wordt de vergoeding voor het kopiëren voor eigen gebruik vastgesteld op :

    1. 3,30 euro wanneer de opslagcapaciteit minder of gelijk is aan 256 GB;

    2. 10,75 euro wanneer de opslagcapaciteit hoger is dan 256 GB en minder of gelijk is aan 1 TB;

    3. 13,00 euro wanneer de opslagcapaciteit hoger is dan 1 TB;

  17. voor de volgende niet geïntegreerde apparaten met geïntegreerde drager : een DVD-recorder, een DVD-lezer, een CD-brander, een videorecorder, een keten DVD home cinema, wordt de vergoeding voor het kopiëren voor eigen gebruik vastgesteld op :

    1. 3,30 euro wanneer de opslagcapaciteit minder of gelijk is aan 256 GB;

    2. 10,75 euro wanneer de opslagcapaciteit hoger is dan 256 GB en minder of gelijk is aan 1 TB;

    3. 13,00 euro wanneer de opslagcapaciteit hoger is dan 1 TB;

  18. voor de volgende apparaten met geïntegreerde drager : een MP3-speler, een MP4-speler, een draagbare telefoon met een MP3 en/of MP4 functie, een tablet, wordt de vergoeding voor het kopiëren voor eigen gebruik vastgesteld op :

    1. 1,00 euro wanneer de opslagcapaciteit minder of gelijk is aan 2 GB;

    2. 2,50 euro wanneer de opslagcapaciteit hoger is dan 2 GB en minder of gelijk is aan 16 GB;

    3. 3,00 euro wanneer de opslagcapaciteit hoger is dan 16 GB.

    § 2. De vergoeding voor het kopiëren voor eigen gebruik die van toepassing is op de computer die kan worden aangewend voor de reproductie van werken wordt vastgesteld op 0 euro.

    § 3. De vergoeding voor het kopiëren voor eigen gebruik, die van toepassing is op dragers waarmee werken kunnen gereproduceerd worden, wordt bepaald per eenheid als volgt :

  19. voor de volgende digitale dragers : een CD-R/RW Data, een CD-R/RW Audio, een MiniCD-R/RW, een MiniDVD-R/RW, een MiniDisc, een audiocasette DAT, wordt de vergoeding voor het kopiëren voor eigen gebruik vastgesteld op 0,12 euro;

  20. voor de volgende digitale drager : een DVD+/-R/RW, wordt de vergoeding voor het kopiëren voor eigen gebruik vastgesteld op 0,40 euro;

  21. voor de volgende digitale dragers : een USB-sleutel, een geheugenkaart, wordt de vergoeding voor het kopiëren voor eigen gebruik vastgesteld op :

    1. 0,15 euro wanneer de opslagcapaciteit minder of gelijk is aan 4 GB;

    2. 0,50 euro wanneer de opslagcapaciteit hoger is dan 4 GB en minder of gelijk is aan 16 GB;

    3. 1,35 euro wanneer de opslagcapaciteit hoger is dan 16 GB;

  22. voor de volgende digitale drager : een externe harde schijf, wordt de vergoeding voor het kopiëren voor eigen gebruik vastgesteld op :

    1. 1,30 euro wanneer de opslagcapaciteit minder of gelijk is aan 500 GB;

    2. 6,75 euro wanneer de opslagcapaciteit hoger is dan 500 GB en minder of gelijk is aan 1 TB;

    3. 9,00 euro wanneer de opslagcapaciteit hoger is dan 1 TB;

  23. voor de volgende analoge dragers : een audiocassette, een audiotape, een videocassette 8mm, wordt de vergoeding voor het kopiëren voor eigen gebruik vastgesteld op 0,12 euro;

  24. voor de volgende analoge drager : een videocassette, wordt de vergoeding voor het kopiëren voor eigen gebruik vastgesteld op 0,40 euro.

    HOOFDSTUK 3. - Tijdstip waarop de vergoeding voor het kopiëren voor eigen gebruik verschuldigd is

    Art. 3. § 1. De vergoeding voor het kopiëren voor eigen gebruik is verschuldigd op het moment van het in de handel brengen van het apparaat of de drager op het nationale grondgebied.

    § 2. Voor fabrikanten, alsook voor exclusieve en voor als groothandelaar aangemerkte invoerders en intracommunautaire aankopers bestaat het in de handel brengen op het nationale grondgebied in de terbeschikkingstelling door hen in België van één of meer apparaten of dragers, voor zover zulks geen uitvoer of intracommunautaire levering vanaf het nationale grondgebied inhoudt.

    § 3. Voor de andere invoerders en intracommunautaire aankopers bestaat het in de handel brengen op het nationale grondgebied respectievelijk in de invoer en de intracommunautaire aankoop van één of meer dragers of apparaten.

    Art. 4. Onverminderd het bepaalde in het tweede lid kunnen ondernemingen, die in het kader van hun handelsbedrijvigheid niet-gebruikte dragers of apparaten uitvoeren of vanaf het nationale grondgebied intracommunautair leveren, waarvoor zij de vergoeding voor het kopiëren voor eigen gebruik hebben betaald, de teruggave van die vergoeding door de...

Om verder te lezen

PROBEER HET UIT