Decreet betreffende de organisatie van het medisch-sanitair vervoer.

Gepubliceerd op:2008-11-20/36
 
GRATIS UITTREKSEL

HOOFDSTUK I. - Algemene bepalingen en begripsomschrijvingen.

Artikel 1. Dit decreet regelt overeenkomstig artikel 138 van de Grondwet een in artikel 128, § 1, ervan bedoelde aangelegenheid.

Art. 2. In de zin van dit decreet wordt verstaan onder :

1° medisch-sanitair vervoer : elk vervoer van patiënten per ambulance of met een lichte ziekenwagen, met uitzondering van het vervoer bedoeld bij de wet van 8 juli 1964 betreffende de dringende geneeskundige hulpverlening;

2° norm EN 1789 : Europese norm "NBN EN 1789 betreffende de medische voertuigen en hun uitrustingen - ziekenwagens";

3° patiënt : persoon wiens gezondheidstoestand tijdens het vervoer opgeleid personeel vereist om zorgen te verstrekken of een geschikt medisch-sanitair vervoer mogelijk te maken;

4° ambulance : landvoertuig, ingericht voor het vervoer van en het verstrekken van zorgen aan zieken en gewonden. Dat voertuig moet uitgerust zijn voor het voer van liggende patiënten en van patiënten die een bijzonder medisch toezicht nodig hebben.

De ambulances die aangepast zijn aan het medisch-sanitair vervoer vallen onder drie categorieën :

- type A : ambulance voor het vervoer van patiënten, ontworpen en uitgerust voor het sanitair vervoer van patiënten wier gezondheidstoestand niet laat vermoeden dat ze patiënten in nood kunnen worden.

Voor deze categorie bestaan er twee types ambulances :

* Type A1 : aangepast aan het vervoer van één enkele patiënt;

* Type A2 : aangepast aan het vervoer van één of meerdere patiënten op één of meerdere brancards en/of zetels;

- type B : medisch uitgeruste ziekenwagen : ziekenwagen die ontworpen en uitgerust is voor het vervoer, de zorgen en het toezicht op patiënten;

- type C : mobiele intensieve zorgen-unit : ziekenwagen die ontworpen en uitgerust is voor het vervoer, de intensieve zorgen en het toezicht op patiënten;

5° lichte ziekenwagen : voertuig dat aangepast is voor het sanitair vervoer van patiënten die noch een bijzonder medisch toezicht behoeven noch liggend vervoerd moeten worden, al dan niet uitgerust voor het vervoer van personen met een beperkte zelfzorgvermogen;

6° dienst voor medisch-sanitair vervoer : elke natuurlijke of rechtspersoon die medisch-sanitair vervoer verricht in het Franse taalgebied in de zin van artikel 4 van de Grondwet;

7° thuisbasis : daadwerkelijke plaats van bedrijvigheid, vastgesteld door de dienst voor het uitrijden van ambulances en lichte ziekenwagens;

8° ambulancier : elke persoon die beschikt over de bekwaamheden bedoeld in artikel 4, lid 1, 3°, om medisch-sanitair vervoer te verrichten.

HOOFDSTUK II. - Werkingsnormen van de diensten.

Art. 3. Twee personen die de kwalificaties van ambulancier hebben, dienen aanwezig te zijn bij elk vervoer van een patiënt in een ambulance.

Elk vervoer in een ambulance vereist de aanwezigheid van een ambulancier aan het bed van de patiënt.

Wanneer voor een vervoer het gebruik van een ambulance van type B of C vereist is, is de aanwezigheid van een dokter en/of een verpleger aan het bed van de patiënt vereist. In dat geval is de aanwezigheid van een ambulancier aan het bed van de patiënt niet verplicht.

Het...

Om verder te lezen

PROBEER HET GRATIS UIT