Arrêt Nº278654 de Conseil du Contentieux des Etrangers, 12/10/2022

CourtConseil du Contentieux des Etrangers (France)
Writing for the CourtDE BRUYN D.
Judgment Date12 octobre 2022
Procedure TypePlein contentieux
Judgement Number278654
X - Pagina 1
nr. 278 654 van 12 oktober 2022
in de zaak RvV X / IV
In zake:
X
Gekozen woonplaats:
ten kantore van advocaat F. GELEYN
Henri Jasparlaan 109
1060 BRUSSEL
tegen:
de commissaris-generaal voor de vluchtelingen en de staatlozen
DE RAAD VOOR VREEMDELINGENBETWISTINGEN, IVde KAMER,
Gezien het verzoekschrift dat X, die verklaart van Afghaanse nationaliteit te zijn, op 4 april 2022 heeft
ingediend tegen de beslissing van de adjunct-commissaris van 3 maart 2022.
Gelet op artikel 51/4 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het
verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen.
Gezien de nota met opmerkingen en het administratief dossier.
Gelet op de beschikking van 24 augustus 2022 waarbij de terechtzitting wordt bepaald op
14 september 2022.
Gehoord het verslag van rechter in vreemdelingenzaken D. DE BRUYN.
Gehoord de opmerkingen van verzoeker en zijn advocaat N. D’HAENENS loco advocaat F. GELEYN en
van attaché H. NUYTS, die verschijnt voor verwerende partij.
WIJST NA BERAAD HET VOLGENDE ARREST:
1. Over de gegevens van de zaak
Verzoeker, die verklaart van Afghaanse nationaliteit te zijn, komt volgens zijn verklaringen op
1 september 2020 België binnen zonder enig identiteitsdocument en verzoekt op 17 september 2020 om
internationale bescherming. Op 3 maart 2022 beslist de adjunct-commissaris tot weigering van de
vluchtelingenstatus en weigering van de subsidiaire beschermingsstatus. Dit is de thans bestreden
beslissing, die de volgende dag aan verzoeker aangetekend wordt verzonden.
Deze beslissing luidt als volgt:
X - Pagina 2
A. Feitenrelaas
Volgens uw verklaringen bezit u de Afghaanse nationaliteit, bent u Pashtoun van etnische origine en
ongeveer 24 jaar oud. U werd geboren in Kateli, een dorp gelegen in het district Ghanikhel (Shinwar) in
de provincie Nangarhar. U ging naar school tot en met de zevende graad en moest nadien uw vader
helpen met de landbouw op zijn velden. U hebt twee oudere zussen die gehuwd zijn en het huis verlaten
hebben. Daarnaast hebt u nog drie jongere broers die nog thuis wonen.
In de maand asad van het jaar 1398 (juli/augustus 2019) was u op een avond rond elf uur uw vaders veld
aan het irrigeren toen u aan de weg naast het kanaal iemand met een zaklamp zag. Ook zag u een
persoon met een schop die aan het graven was op de weg en nog twee andere personen die rond hen
stonden. Omdat er eerder al een explosie had plaatsgevonden langs diezelfde weg en er veel mensen
passeerden om naar het ziekenhuis in Plesar te gaan, was u achterdochtig en besloot u de autoriteiten te
verwittigen. Zoals alle dorpelingen had u vroeger immers een nummer gekregen dat u kon bellen om de
politie te informeren als u iets verdacht zou zien. U vertelde de persoon die uw oproep beantwoordde wat
u had gezien, waarop hij u bedankte en u verder ging met het irrigeren van de velden. Ongeveer een uur
later, toen u bijna klaar was met de irrigatie, kwamen er veiligheidstroepen toe die het gebied dat u
aangeduid had omsingelden. Omdat uw beurtrol voor de irrigatie erop zat verliet u de velden en keerde u
terug naar huis waar iedereen al lag te slapen. De volgende ochtend werd u als laatste wakker en vergat
u volledig te vertellen wat u de vorige avond had gezien. Het was een gewone dag, u bleef een tijdje thuis
en ging ook even bij de winkel van de buurman zitten. Later die namiddag kwa m uw neef A. (...) die voor
het leger werkt met verlof naar het dorp en ging u met hem mee naar zijn huis (het huis van uw paternale
oom). Jullie aten er die avond samen en u bleef er ook logeren. Toen u de volgende dag weer naar huis
ging vertelde uw vader u dat de avond voordien de Taliban u was komen zoeken bij uw thuis en hem op
zijn schouder geslagen hadden. Uw vader vroeg of u iets gezegd of gedaan had waarop u hem vertelde
dat u dat nummer gebeld had. Uw vader was enerzijds blij dat u dit had gedaan voor de veiligheid van de
mensen, maar anderzijds bezorgd om wat de Taliban nu met u zou doen. Hij zei dat u thuis moest blijven
en dat hij met de Maliks van het dorp zou gaan spreken om te zien wat zij konden doen. Vervolgens ging
uw vader samen met de Maliks naar het districtscentrum om hulp te vragen. Daar kregen ze echter te
horen dat het voor de overheid niet mogelijk was om u de hele nacht te beschermen, en dat jullie voor
jullie zelf moesten zorgen. Toen uw vader in de late namiddag weer thuiskwam was hij teleurgesteld en
zei hij dat u die avond weer naar het huis van uw paternale oom moest gaan, wat u ook deed. De volgende
ochtend kwam uw vader eveneens naar het huis van uw oom, en vertelde hij dat de Taliban de vorige
nacht een tweede keer naar uw thuis was gekomen. Deze keer deden ze uw vader niets, maar
doorzochten ze wel opnieuw het huis en waarschuwden ze uw vader dat hij u naar hen moest brengen
als u terugkwam. Uw vader en neef besloten dat het beter was voor u om te vertrekken, waarop uw neef
een smokkelaar in Jalalabad die hij kende contacteerde. Vervolgens keerde u nog terug naar huis om
afscheid te nemen van uw moeder en broers, waarna uw neef u naar Marko bazaar bracht en u van
daaruit met publiek transport naar Jalalabad trok. Met de hulp van de smokkelaar reisde u verder naar
Kaboel, van waaruit u per bus naar een voor u onbekende stad ging en de grens met Pakistan overstak.
Via Pakistan reisde u verder door naar Iran en Turkije, waar u drieënhalve maand bleef tot u de grens met
Griekenland over geraakte. Hierna reisde u snel verder naar Macedonië en Servië, waar u acht maanden
diende te blijven omdat u geen geld meer had om uw reis verder te zetten. Nadat uw familie het nodige
budget verzamelde reisde u uiteindelijk verder naar Kroatië, Slovenië, Italië en Frankrijk. In Frankrijk wilde
u graag asiel aanvragen maar slaagde u er maar niet in om de diensten telefonisch te bereiken voor een
afspraak, waarop enkele jongens voorstelden om naar België te gaan, hetgeen u ook deed. Op 1
september 2020 kwam u aan in België, en na een aanvraag via e-mail mocht u uiteindelijk op 17
september 2020 uw verzoek om internationale bescherming indienen bij de Dienst Vreemdelingenzaken.
Ter ondersteuning van dit verzoek legde u volgende originele documenten neer tijdens uw onderhoud bij
het CGVS: een brief waarin de politie- en districtschef uw problemen bevestigen, een brief waarin de
Maliks uw problemen bevestigen, uw taskara of Afghaanse identiteitsbewijs, de taskara van uw vader,
drie resultatenbladen van uw school, enkele doktersvoorschriften van uw moeder, twee certificaten van
de Engelse taalcursus die u volgde in de bazaar van Ghani Khel, en de enveloppe waarin u deze
documenten toegestuurd kreeg. Daarnaast legde u ook nog prints neer van foto's van uzelf en diverse
familieleden in Ghani Khel, een foto van de bijeenkomst die ontstond toen uw vader over uw problemen
met de Maliks ging spreken, alsook een foto van uw Afghaanse paspoort. Als laatste voegde u ook nog
enkele Belgische attesten toe met betrekking tot gedane cursussen inburgering en vrijwilligerswerk.
B. Motivering
X - Pagina 3
Na grondige analyse van het geheel van de gegevens in uw administratief dossier, moet vooreerst worden
vastgesteld dat u géén elementen kenbaar hebt gemaakt waaruit eventuele bijzondere procedurele noden
kunnen blijken, en dat het Commissariaat-generaal evenmin dergelijke noden in uw hoofde heeft kunnen
vaststellen. Bijgevolg werden er u geen specifieke steunmaatregelen verleend, aangezien er in het kader
van onderhavige procedure redelijkerwijze kan worden aangenomen dat uw rechten gerespecteerd
worden en dat u in de gegeven omstandigheden kunt voldoen aan uw verplichtingen.
Er dient te worden vastgesteld dat u doorheen uw verklaringen geen gegronde vrees voor vervolging zoals
bedoeld in de Vluchtelingenconventie van Genève of een reëel risico op het lijden van ernstige schade
aannemelijk heeft gemaakt. Er kan immers geen geloof gehecht worden aan uw beweerde problemen
met de Taliban.
De voornaamste reden hiervoor is dat het door u geschetste verloop van gebeurtenissen bijzonder
bedenkelijk en weinig overtuigend is. Zo verklaarde u onder meer dat u, nadat u die Talibanstrijders vanop
uw velden zag graven aan de weg, naar de andere kant van uw veld ging ("waar zij mijn mobiel niet bij
mij konden zien") om het nummer van de autoriteiten te bellen (CGVS p.18). Gevraagd wat u hierna nog
zag, gezien u nadien gewoon verder ging met het irrigeren van uw velden, herhaalde en benadrukte u dat
u naar de andere kant van uw veld ging en dat het van daar niet meer mogelijk was om deze Talibs te
zien (CGVS p.19). Meer nog, u voegde hier zelfs aan toe dat u helemaal niet meer naar die kant van uw
veld ging, en dat u bijgevolg niet weet of zij nog verder gingen met graven en hoe lang en wat er gebeurde
(CGVS p.19). Het is dan ook erg vreemd dat u tegelijkertijd verklaarde dat u wél de autoriteiten zag
toekomen, en dat u hun auto's wat verderop zag stoppen en dat zij hun lichten uitdeden (CGVS p.19).
Een ander opmerkelijk gegeven is uw verklaring dat u die avond bij uw thuiskomst "gewoon ging slapen"
en niemand vertelde over wat u net had gezien en dat u de autoriteiten had geïnformeerd (CGV p.20).
Dat iedereen aan het slapen was acht het CGVS zeker niet onaannemelijk, toch blijft het bevreemdend
dat u niemand inlichtte over wat u had gezien en gedaan, ook niet de volgende dag toen iedereen weer
wakker was (CGVS p.20). De verklaringen dat u dit (de volgende dag) eenvoudigweg volledig vergat, dat
u het niet zo serieus nam en niet wist dat het een groot probleem zou worden later (CGVS p.20), kunnen
hierbij evenmin overtuigen. Indien u immers werkelijk enkele personen een mogelijke bom of mijn had
zien plaatsen en hiervoor de moeite deed om de autoriteiten te verwittigen, iets wat u overigens naar
eigen zeggen voor de allereerste keer deed (CGVS p.19), is het niet aannemelijk dat u hier helemaal niets
over zou delen met familieleden, vrienden of andere personen die u vertrouwde, en al zeker niet dat dit
zomaar "uit uw gedachten" zou gaan (CGVS p.21).
Voorts is het uiterst merkwaardig dat de Taliban de volgende avond naar uw huis kwam om u te zoeken,
en dit terwijl u in het huis van uw neef A. (...) (de zoon van uw paternale oom) was, dat slechts op enkele
minuten wandelen van uw eigen huis gelegen is. Dat de Taliban niet zou geweten hebben dat u zich
eigenlijk in het huis van uw oom bevond, is weinig geloofwaardig, zeker indien zij wel wisten of ervan
overtuigd waren die u degene was die hen de avond voordien had verraden bij de autoriteiten. Dat zij u
evenmin kwamen zoeken bij deze oom (of bij andere familieleden) nadat zij vaststelden dat u die avond
niet thuis was, is al even frappant. Indien de Taliban u werkelijk zocht en u wist wonen, mag er immers
vanuit gegaan worden dat zij ook uw familieleden zouden weten wonen. Ook kunnen er vraagtekens
geplaatst worden naast het gegeven dat uw vader na het bezoek van de Taliban gewoon wachtte tot u de
volgende ochtend weer naar huis kwam, en u dus niet eerder verwittigde over de komst van de Taliban.
Niet alleen liet hij u hiermee een onnodig risico lopen om nog gezien of opgemerkt te worden door de
Taliban of andere dorpelingen wanneer u weer naar huis zou komen, ook liet hij hiermee mogelijks
kostbare tijd verloren gaan. Daarenboven stelde u bij de Dienst Vreemdelingenzaken: ”De volgende
ochtend zijn we naar het districtshuis gegaan om te zeggen dat ik problemen had met de Taliban en dat
ik hulp nodig had" (zie vragenlijst CGVS ingevuld door de DVZ vraag 3.5). Ten overstaan van het CGVS
verklaarde u echter dat uw vader naar het districtscentrum ging samen met twee Maliks van het dorp
(CGVS p.16, 22), en liet u duidelijk verstaan dat u gewoon thuisbleef (CGVS p.22). Gevraagd met wie uw
vader en de Maliks precies spraken in het districtscentrum moest u overigens het antwoord opvallend
schuldig blijven (CGVS p.22), wat eveneens afbreuk doet aan de geloofwaardigheid van uw relaas.
Ook het verloop van de gebeurtenissen nadat uw vader met de Maliks naar het districtscentrum ging kan
allesbehalve overtuigen.
Zo stelde u immers dat u die avond opnieuw naar het huis van uw paternale oom ging, en dat de Taliban
u die avond zowaar opnieuw kwam zoeken bij uw eigen huis (CGVS p.16, 22). Dat de Taliban u die avond
opnieuw bij uw thuis kwam zoeken terwijl u opnieuw naar uw oom was gegaan, en dat de Taliban u niet
bij deze oom noch elders kwam zoeken, is (net zoals eerder reeds werd aangehaald) wederom bijzonder

Pour continuer la lecture

SOLLICITEZ VOTRE ESSAI

VLEX uses login cookies to provide you with a better browsing experience. If you click on 'Accept' or continue browsing this site we consider that you accept our cookie policy. ACCEPT