Arrêt Nº276754 de Conseil du Contentieux des Etrangers, 31/08/2022

CourtConseil du Contentieux des Etrangers (France)
Writing for the CourtVAN CAMP S.
Judgment Date31 août 2022
Procedure TypePlein contentieux
Judgement Number276754
RvV X - Pagina 1
nr.
276 754
van
31
aug
ustus
2022
in de zaak RvV X / XI
In zake:
Gekozen woonplaats:
te
n kantore van advocaat A.
LOOBUYCK
Langestraat 46/1
8000 BRUGGE
tegen:
de commissaris-generaal voor de vluchtelingen en de staatlozen
DE WND. VOORZITTER VAN DE XIeKAMER,
Gezien het verzoekschrift dat X, die verklaart van Iraanse nationaliteit te zijn, op 20 april 2022 heeft
ingediend tegen de beslissing van de commissaris-generaal voor de vluchtelingen en de staatlozen van
17 maart 2022.
Gelet op artikel 51/4 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het
verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen.
Gezien het administratief dossier.
Gelet op de beschikking van 23 mei 2022 waarbij de terechtzitting wordt bepaald op 17 juni 2022.
Gehoord het verslag van rechter in vreemdelingenzaken S. VAN CAMP.
Gehoord de opmerkingen van de verzoekende partij en haar advocaat H. VAN NIJVERSEEL loco
advocaat A. LOOBUYCK en van attaché I. SNEYERS, die verschijnt voor de verwerende partij.
WIJST NA BERAAD HET VOLGENDE ARREST:
1. Over de gegevens van de zaak
1.1. Verzoeker, die volgens zijn verklaringen België is binnengekomen op 4 oktober 2018, diende op 28
januari 2019 een verzoek om internationale bescherming in.
1.2. Op 17 maart 2022 nam de commissaris-generaal de beslissing tot weigering van de
vluchtelingenstatus en weigering van de subsidiaire beschermingsstatus. Deze beslissing, die verzoeker
bij aangetekende brief van 17 maart 2022 ter kennis werd gebracht, is de bestreden beslissing die luidt
als volgt:
“Asielaanvraag: 28/01/2019
Overdracht CGVS: 31/01/2019
RvV X - Pagina 2
U werd gehoord op 4 mei 2021 van 9.45 uur tot 13.30 uur en op 17 september 2021 van 9.15 uur tot 13.41
uur op de zetel van het Commissariaat-generaal, bijgestaan door een tolk die het Perzisch machtig is. Uw
advocaat, meester Verstraeten loco meester Van Eenoo, was hierbij bij het eerste onderhoud aanwezig.
Meester Din loco meester Van Eenoo was bij het tweede onderhoud aanwezig.
A. Feitenrelaas
Volgens uw verklaringen bent u een etnische Fars afkomstig uit Shiraz en bent u Iraans staatsburger.
Sinds het uitvoeren van uw dienstplicht nam u afstand van de islam, omdat u een aantal zaken had gezien
waardoor u tot de conclusie kwam dat deze religie de waarheid niet kon zijn. Na uw huweli jk met A. en na
de geboorte van uw dochter Af. had u veel zorgen. U had problemen op het werk en moeilijkheden met
de opvoeding van uw dochter. Ook was uw schoonmoeder overleden waardoor uw echtgenote erg
prikkelbaar was. Op een dag kwam u uw vriend M.B., die vroeger altijd heel agressief was, tegen. Toen
hij vaststelde dat u droevig was, drong hij aan om samen ergens iets te gaan drinken. U ging overstag en
jullie hadden samen een goed gesprek. Hij vroeg wat er met u scheelde, waarop u hem uw problemen uit
de doeken deed. Hij besloot voor u te bidden zodat u tot rust zou komen. U vroeg hem hierop waarom hij
zoals de mollahs praatte. Hij repliceerde dat hij niet zoals hen bad, maar dat hij dit in het Perzisch deed.
Hij nam hierbij uw hand vast om u positieve energie te geven. Op dat moment be sefte u nog niet dat M.B.
op de christelijke manier van bidden doelde. Sindsdien zag u hem gedurende drie maanden meer en
meer, hij bad voor u en u stelde vast dat hij in vergelijking met vroeger diepgaand was veranderd. Hij zei
u echter niet spontaan dat hij was bekeerd. Na drie maanden kon u het niet meer volhouden en vroeg u
hem waarover hij voortdurend op impliciete wijze sprak. Toen zei hij dat hij de ware God had leren kennen
en sprak hij u over het christendom aan. Nog eens drie maanden later besloot u zich te bekeren en werd
er in het bijzijn van M.B. door M.H., de persoon die M.B. het christendom liet kennen, het verlossingsgebed
voor u opgezegd. Nog enkele weken later ging u voor het eerst naar een bijeenkomst van de huiskerk v an
M.H. Sindsdien ging u bijna wekelijks, meestal op vrijdag.
Op een dag, toen uw echtgenote weer eens boos was omdat ze zich bij de opvoeding van jullie huilbaby
in de steek gelaten voelde, begon u in haar bijzijn luidop tot Jezus Christus te bidden. Dit was in de eerste
maand van 1397 (Iraanse kalender, stemt overeen met maart-april 2018 in de Gregoriaanse kalender),
zo'n twee maanden nadat u bekeerd was. Dit lokte een gesprek over het christendom, ov er Jezus en over
de Heilige Drievuldigheid uit. Sindsdien sprak u haar regelmatig over het christendom. Als ze vragen had
die u niet kon beantwoorden, overlegde u hierover met M.B. Sinds het eerste gesprek met haar over het
christendom bad u in het bijzijn van uw echtgenote luidop tot Jezus bij elke maaltijd. Ook bekeken jullie
christelijke redevoeringen op uw computer en las u haar teksten uit de Bijbel voor. Twee maanden na
jullie eerste gesprek bekeerde ook uw echtgenote zich door te antwoorden op een aantal geloofsvragen
die u haar stelde. Na haar antwoorden hierop vroeg u aan God om haar te zegenen. Ze nam uit
veiligheidsoverwegingen evenwel niet deel aan huiskerkdiensten.
Op 20/6/1397 (10 september 2018) werd u door Ab., een huiskerklid, opgebeld met de mededeling dat
M.H. en H., nog een huiskerklid, waren gearresteerd. U mocht van hem geen vragen stellen over de
context van hun arrestatie. Later zou u ook nog via uw broer, die naar M.B.s winkel was geweest,
vernemen dat ook M.B. in dezelfde periode was aangehouden. U zette uw gsm af en trok naar de woning
van uw oom. Diezelfde dag kwamen de autoriteiten bij uw woning langs. Agenten in burger van het Ettelaat
(ministerie van Informatie) trokken ook naar het huis van uw ouders. Ze vielen op gewelddadige wijze
binnen en doorzochten het huis op zoek naar u. De volgende dag werd uw vader opge beld. Er werd hem
gevraagd om zich diezelfde dag nog te melden bij de veiligheidsdienst waarvan hem het adres werd
gegeven. Daar werd hem duidelijk gemaakt dat u omwille van uw bekering werd gezocht. Door de schande
van de inval van de veiligheidsdiensten bij hen thuis zijn uw ouders kwaad op u. Ook zijn ze het niet eens
met uw beslissing om u te bekeren waardoor uw echtgenote en dochter nu alleen zijn komen te staan.
Een ander gevolg van uw bekering was dat uw broer Ar., die voor een bedrijf onder toezicht van het
ministerie van Defensie werkte, werd ontslagen. Door zijn ontslag wensten de ouders van zijn verloofde
de geplande bruiloft niet langer te laten doorgaan. Ook dit nemen uw ouders u kwalijk. Na die ene inval
bij uw ouders kwamen de autoriteiten niet meer bij hen langs. Wel namen ze om de twee à drie maanden
telefonisch contact met hen op om te vragen dat uw vader langs zou gaan. Dit vernam u via uw broer,
aangezien uw ouders niet meer met u willen spreken.
Intussen regelde een oom van u via een smokkelaar een Belgisch visum. U vertrok naar België, waar u
op 4 november 2018 aankwam en waar u op 28 januari 2019 om internationale bescherming verzocht. U
verklaarde uit vrees ten gevolge van uw bekering geëxecuteerd te worden niet naar Iran te kunnen
terugkeren.

Pour continuer la lecture

SOLLICITEZ VOTRE ESSAI

VLEX uses login cookies to provide you with a better browsing experience. If you click on 'Accept' or continue browsing this site we consider that you accept our cookie policy. ACCEPT