Arrêt Nº251974 de Conseil du Contentieux des Etrangers, 31/03/2021

CourtIIde KAMER (Raad voor Vreemdelingengeschillen)
Writing for the CourtVERHAERT C.
Judgment Date31 mar. 2021
Procedure TypeAnnulation
Judgement Number251974
X - Pagina 1
nr. 251 974 van 31 maart 2021
in de zaak X / II
In zake:
X
Gekozen woonplaats:
ten kantore van advocaat P. STAES
Amerikalei 122
2000 ANTWERPEN
tegen:
de Belgische staat, vertegenwoordigd door de Staatssecretaris voor Asiel en
Migratie.
DE WND. VOORZITTER VAN DE IIde KAMER,
Gezien het verzoekschrift dat X, die verklaart van Indonesische nationaliteit te zijn, op 3 december 2020
heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van de beslissing van 30 oktober 2020 tot weigering
van verblijf van meer dan drie maanden zonder bevel om het grondgebied te verlaten (bijlage 20).
Gezien titel I bis, hoofdstuk 2, afdeling IV, onderafdeling 2, van de wet van 15 december 1980
betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van
vreemdelingen.
Gezien de beschikking houdende de vaststelling van het rolrecht van 11 december 2020 met
refertenummer X
Gezien de nota met opmerkingen.
Gelet op de beschikking van 20 januari 2021, waarbij de terechtzitting wordt bepaald op 17 februari
2021.
Gehoord het verslag van rechter in vreemdelingenzaken C. VERHAERT.
Gehoord de opmerkingen van advocaat P. STAES, die verschijnt voor de verzoekende partij en van
advocaat J. COPPENS, die loco advocaat E. MATTERNE verschijnt voor de verwerende partij.
WIJST NA BERAAD HET VOLGENDE ARREST:
1. Nuttige feiten ter beoordeling van de zaak
Verzoekster diende op 4 mei 2020 een aanvraag in van een verblijfskaart van een familielid van een
burger van de Unie. Op 30 oktober 2020 wordt een beslissing genomen tot weigering van verblijf van
meer dan drie maanden zonder bevel om het grondgebied te verlaten. Dit is de bestreden beslissing, die
als volgt gemotiveerd is:
(…)
X - Pagina 2
In uitvoering van artikel 52, §4, 5de lid gelezen in combinatie met artikel 58 of 69ter van het koninklijk
besluit van 8 oktober 1981 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de
verwijdering van vreemdelingen, wordt de aanvraag van een verblijfskaart van een familielid van een
burger van de Unie, die op 04 05.2020 werd ingediend door
(…)
om de volgende reden geweigerd:
De betrokkene voldoet niet aan de vereiste voorwaarden om te genieten van het recht op verblijf van
meer dan drie maanden in de hoedanigheid van familielid van een burger van de Unie of van ander
familielid van een burger van de Unie
Betrokkene vroeg op 04.05 2020 voor de derde maal gezinshereniging aan met haar broer, zijnde S. H.,
van Nederlandse nationaliteit, met rijksregisternummer (…).
Betrokkene vroeg de gezinshereniging aan op basis van artikel 47/1, 2° van de wet van 15 12 1980: 'de
niet in artikel 40bis, §2, bedoelde familieleden die, in het land van herkomst, ten laste zijn of deel
uitmaken van het gezin van de burger van de Unie, ..."
Artikel 47/3, §2 van de wet van 15 12 1980 stelt dat 'de andere familieleden bedoeld in artikel 47/1, 2\
moeten bewijzen dat zij ten laste zijn van de burger van de Unie die zij willen begeleiden of bij wie zij
zich willen voegen of dat zij deel uitmaken van zijn gezin De documenten die aantonen dat het andere
familielid ten laste is of deel uitmaakt van het gezin van de burger van de Unie moet uitgaan van de
bevoegde overheden van het land van oorsprong of van herkomst Bij ontstentenis hiervan, kan het feit
ten laste te zijn of deel uit te maken van het gezin van de burger van de Unie bewezen worden met elk
passen middel'.
Ter staving van bovenstaande voorwaarden van artikel 47/3, §2 van de wet van 15.12.1980 werden
volgende documenten voorgelegd:
- reispaspoort Indonesië (B2614723) op naam van betrokkene, afgeleverd op 20.01.2016 met visa
voor China, de Verenigde Staten van Amerika en Schengen
- verklaring op eer dd 25 09 2019 vanwege een derde
- bewijzen geldstortingen vanwege de referentiepersoon aan betrokkene en haar gezin dd 02.05.2017
17.05 2017, 07 06 2017, 19 07.2017, 09.08 2017, 28 08.2017, 15.09.2017, 11.10 2017, 02.11.2017,
22.11 2017, 12 12 2017, 09 01.2018, 06.02 2018. 08 03 2018, 16.04.2018, 17.05 2018, 11 06.2018, 04
07.2018, 29 10 2018 28.11.2018, 28 12 2018 en 29.01.2019
- documenten met betrekking tot de bestaansmiddelen van de referentiepersoon: jaaropgaaf 2018
- documenten met betrekking tot de bestaansmiddelen van de echtgenote van de referentiepersoon
jaaropgaaf 2018
Deze documenten werden reeds voorgelegd in het kader van de aanvraag gezinshereniging dd. 11 10
2019, en besproken en weerlegd in de bijlage 20 dd. 10.04.2020 Er kan dienstig naar verwezen worden
In het kader van de huidige aanvraag gezinshereniging werden volgende bijkomende documenten
voorgelegd
- bijkomende verklaring n° 08/KD/RW 009/1/2018 dd. 11.01.2018 waarin de lokale Indonesische
authoriteiten verklaren dat de betrokkene geen inkomsten heeft en dat haar levensonderhoud wordt
betaald door een niet nader genoemde broer of zus: deze verklanng is gelijkaardig aan de reeds in de
voorgaande aanvraag gezinsherenigign voorgelegde verklaring op eer n° 474.4/21-Kel PKJ/J/2019 dd
28 01.2019
- ‘verklaring van niet-effectieve belastingplichtige’ n°SE-60/PJ/2013 dd 26 11.2018 vanwege de vader
van betrokkene: dit document is het aanvraagformulier met betrekking tot het reeds in het kader van de
voorgaande aanvraag gezinshereniging dd. 11.10.2019 voorgelegde en besproken 'kennisgeving van
besluit van niet-effectieve belastingplichtig’ n°S-316NE/WPJ.08/KP.0303/2018 dd. 29.11.2018
- extra geldstortingen vanwege de referentiepersoon aan de ouders van betrokkene dd.
30.10.2012,19.12.2013
- bewijs van garantstelling door de RP dd. 06.08 2013 voor zijn moeder
- verbintenis tot tenlasteneming (B) door de RP dd. 16.04.2018 voor zijn moeder
- verbintenis tot tenlasteneming (B) door de RP dd. 16.04.2018 voor zijn vader
- verbintenis tot tenlasteneming (B) door de RP dd. 16.04.2018 voor betrokkene
-verklaring op eer n°474.4/160-Kel./PKJA/l/2020 dd. 15.06.2020 waarin de lokale Indonesische
authoriteiten stellen dat de vader van betrokkene op datum van het attest met werkt en geen vast

Pour continuer la lecture

SOLLICITEZ VOTRE ESSAI

VLEX uses login cookies to provide you with a better browsing experience. If you click on 'Accept' or continue browsing this site we consider that you accept our cookie policy. ACCEPT