Arrêt Nº250868 de Conseil du Contentieux des Etrangers, 11/03/2021

Date de Résolution:11 mars 2021
Source:Conseil du Contentieux des Etrangers - IVde Kamer
 
EXTRAIT GRATUIT
RvV X - Pagina 1
nr. 250 868 van 11 maart 2021
in de zaak RvV X / IV
Inzake:
X
Gekozen woonplaats:
ten kantore van advocaat S. MICHOLT
Maria van Bourgondiëlaan 7 B
8000 BRUGGE
tegen:
de commissaris-generaal voor de vluchtelingen en de staatlozen
DE VOORZITTER VAN DE IVde KAMER,
Gezien het verzoekschrift dat X, die verklaart van onbepaalde nationaliteit te zijn, op 12 juni 2020 heeft
ingediend tegen de beslissing van de commissaris -generaal voor de vluchtelingen en de staatlozen van
18 mei 2020.
Gelet op artikel 51/4 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het
verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen.
Gezien het administratief dossier.
Gelet op de beschikking van 8 januari 2021 met toepassing van artikel 39/73 van voormelde wet.
Gelet op het verzoek tot horen van 18 januari 2021.
Gelet op de beschikking van 3 februari 2021 waarbij de terechtzitting wordt bepaald op 9 maart 2021.
Gehoord het verslag van kamervoorzitter M.-C. GOETHALS.
Gehoord de opmerkingen van de verzoekende partij en haar advocaat M. KIWAKANA loco advocaat S.
MICHOLT en van attaché K. ALLYNS, die verschijnt voor de verwerende partij.
WIJST NA BERAAD HET VOLGENDE ARREST:
1. Er dient op gewezen te worden dat overeenkomstig artikel 39/73, § 2 van de wet van 15 december
1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van
vreemdelingen (hierna: de Vreemdelingenwet) aan de verzoekende partij de grond meegedeeld werd
waarop de kamervoorzitter steunt om te oordelen dat het beroep door middel van een louter schriftelijke
procedure kan ingewilligd worden. In casu wordt het volgende gesteld:
1. Verzoeker dient beroep in tegen de beslissing van de commissaris-generaal tot uitsluiting van de
vluchtelingenstatus op basis van artikel 1, D van het Verdrag van Genève en artikel 55/2 van de
Vreemdelingenwet, en weigering van de subsidiaire beschermingsstatus.
2. Artikel 1, D van het Vluchtelingenverdrag bepaalt het volgende:

Pour continuer la lecture

SOLLICITEZ VOTRE ESSAI