Arrêt Nº250100 de Conseil du Contentieux des Etrangers, 26/02/2021

CourtIVde KAMER (Raad voor Vreemdelingengeschillen)
Writing for the CourtMULS W.
Judgment Date26 fév. 2021
Procedure TypePlein contentieux
Judgement Number250100
RvV X - Pagina 1
nr. 250 100 van 26 februari 2021
in de zaak RvV X / IV
In zake:
X
Gekozen woonplaats:
ten kantore van advocaat S. SAROLEA
Rue des Brasseurs 30
1400 NIVELLES
tegen:
de commissaris-generaal voor de vluchtelingen en de staatlozen
DE WND. VOORZITTER VAN DE IVde KAMER,
Gezien het verzoekschrift dat X, die verklaart van Gambiaanse nationaliteit te zijn, op
13 november 2020 heeft ingediend tegen de beslissing van de commissaris-generaal voor de
vluchtelingen en de staatlozen van 14 oktober 2020.
Gelet op artikel 51/4 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het
verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen.
Gezien de nota met opmerkingen en het administratief dossier.
Gelet op de beschikking van 19 januari 2021 waarbij de terechtzitting wordt bepaald op 15 februari
2021.
Gehoord het verslag van rechter in vreemdelingenzaken W. MULS.
Gehoord de opmerkingen van de verzoekende partij en haar advocaat M. EL KHOURY loco advocaat
S. SAROLEA en van attaché L. DECROOS, die verschijnt voor de verwerende partij.
WIJST NA BERAAD HET VOLGENDE ARREST:
1. De bestreden beslissing luidt als volgt:
A. Feitenrelaas
U verklaart een Gambiaans staatsburger te zijn van Fula origine, geboren op 3 oktober februari 1993 te
Gumalaye, Upper Baddibou. Uw vader overleed toen u nog erg jong was. U groeide op bij uw moeder
en ging naar de lagere school in een nabijgelegen dorp. Na de lagere school bracht uw moeder u naar
uw tante in New Yundum, omdat ze zelf naar het buitenland ging. Toen u naar Junior School ging bleef
u bij een voogd. In 2008 leerde u uw toekomstig echtgenoot S.S. kennen. S.S. wilde met u trouwen,
maar u wilde wachten tot uw scholing beëindigd was. Na Junior School ging u te rug bij uw tante wonen.
Van 2011 tot 2012 behaalde uw toekomstige echtgenoot zijn Masterdiploma in Thailand. U studeerde
begin 2013 af aan de middelbare school en in augustus 2013 trouwde u met S.S..
RvV X - Pagina 2
U ging bij hem en zijn familie wonen in hun familiecompound in New Yundum. Aangezien S.S.
geselecteerd was voor een doctoraatsprogramma, keerde hij in september 2013 terug naar Thailand.
Van december 2013 tot juni 2018 studeerde u zelf eveneens in Thailand. U werd slecht behandeld door
de halfbroers van uw man, die verwachtten dat u als enige vrouw in de compound het huishouden deed
en naar hen luisterde. Omdat u na jaren huwelijk nog steeds geen kinderen had wilden ze dat u
besneden zou worden. U werd drie maal verkracht door de oudere (half)broer van uw man. Toen uw
man de gelegenheid kreeg om in België te komen werken, zei hij dat u ook mee moest komen omdat u
gedood of ernstig gewond kon raken bij zijn familie. U regelde de nodige documenten en vertrok ’s
middags met een excuus uit de compound. Op 8 september 2019 nam u enkele uren na uw echtgenoot
een vliegtuig naar België, met tussenstop in Casablanca. U kwam dezelfde dag in België aan. Op 14
oktober 2019 diende u een verzoek om internationale bescherming in bij de Belgische asielinstantie,
aangezien u absoluut niet wou terugkeren naar uw schoonfamilie.
B. Motivering
Er dient te worden vastgesteld dat u er niet in geslaagd bent om een vrees voor vervolging in de
zin van de Vluchtelingenconventie of een reëel risico op het lijden van ernstige schade zoals
bepaald in de definitie van subsidiaire bescherming aannemelijk te maken.
U stelt niet naar Gambia te kunnen terugkeren omdat uw schoonfamilie u slecht behandelde, u wilde
dwingen tot een besnijdenis (zie notities van het persoonlijk onderhoud op het CGVS p. 14, 15) en
omdat uw schoonbroer u drie keer verkrachtte (CGVS p. 16).
Uit de beschikbare informatie blijkt dat vrouwenbesnijdenis in het algemeen op verschillende momenten
kan worden uitgevoerd. De procedure vindt meestal plaats bij kinderen of adolescenten, maar kan ook
plaatvinden op het moment van het huwelijk of tijdens de eerste zwangerschap. Het percentage
Gambiaanse vrouwen dat besneden is, is relatief hoog, namelijk 76.3%. Bij de Fula, de etnie waartoe u
stelt te behoren, net zoals uw schoonfami lie, is het percentage nog hoger (87.3% bij Fula over heel
Gambia). Tevens blijkt dat vrouwen, meisjes liever, in Gambia vooral op jonge leeftijd, eventueel in de
adolescentie besneden worden. Eén bron noteert dat 16 jaar als maximum leeftijd naar voor kwam in
een onderzoek uit 1999. Recent blijken besnijdenissen alsmaar vroeger plaats te vinden, mogelijk als
reactie op de pogingen vrouwenbesnijdenis te bannen. UNICEF stelt in zijn Statistical Profile On Female
Genital Mutilation (2020) dat slechts 0.5% van de meisjes ouder is dan 15 jaar op het moment van
besnijdenis (data uit 2018). Gambia is één van de minst ontwikkelde landen volgens het Human
Development Report van 2019 (zie blauwe map in het administratief dossier). Dit rapport plaatst Gambia
op plaats 174 van 189 landen en regio’s die werden beoordeeld. Vrouwen in Gambia krijgen gemiddeld
maar 3 jaar scholing.
Uit uw verklaringen blijkt dat uw moeder zelf besneden was en ernstige complicaties ondervond tijdens
haar bevalling, die haar verhinderden meer dan één kind te krijgen (CGVS p. 8, 18). Om deze reden
wenste zij dat u niet besneden zou worden (CGVS p. 18). Toen u uw (toekomstige) echtgenoot
ontmoette en hij zijn intenties duidelijk maakte, stelde u dat u slechts wou trouwen indien hij bereid was
te wachten tot u de middelbare school had afgerond, zo niet diende hij iemand anders te zoeken (CGVS
p. 7). U beëindigde de middelbare school begin 2013 en trouwde in augustus 2013, zes jaar nadat u uw
man leerde kennen (CGVS p. 4, 6). Uw man was voor jullie huwelijk op de hoogte dat u niet besneden
was en akkoord met uw wens eventuele kinderen niet te besnijden (CGVS p. 15). Evenmin zou zijn
familie gevraagd hebben of u besneden was voor jullie huwelijk (CGVS p. 15). U woonde geruime tijd in
bij uw schoonfamilie, zowel voor als na uw universitaire studies in Thailand (CGVS p. 4, 14) en was ruim
26 jaar oud toen u in september 2019 uw land verliet (CGVS p. 3, 6) om uw man te vergezellen die in
België kwam werken (CGVS p. 7, 11).
U bent een hoog opgeleide vrouw, die uit vrije wil en onder voorwaarden die zij zelf kon stellen trouwde
met haar huidige echtgenoot, een echtgenoot die bovendien absoluut niet akkoord is met de wens van
zijn familie dat u besneden dient te worden (CGVS p. 14, 15). Op ruim 26-jarige leeftijd was u bovendien
onbesneden (zie supra). Uw leeftijd, opleiding en de steun van uw man die tevens kostwinner was voor
zijn familie (CGVS p. 11, 13), maakt dat u zich in een (voor de Gambiaanse samenleving) uitzonderlijke
positie bevond van waaruit de kans om succesvol in te gaan tegen de praktijk van besnijdenis een stuk
groter wordt. De vaststelling dat u op 26-jarige leeftijd nog steeds niet besneden was toont aan dat u
daar in elk geval ook lang in geslaagd bent. Met betrekking tot uw vrees voor besnijdenis dient u
dus overtuigend aan te tonen dat u en uw echtgenoot, jaren na jullie huwelijk, niet meer in staat
zijn om een besnijdenis onder druk van zijn familie te vermijden.

Pour continuer la lecture

SOLLICITEZ VOTRE ESSAI