Vonnis van Raad van State, 8 januari 2019

Datum uitspraak: 8 januari 2019
Jurisdictie:UDN
Nature:Arrest
SAMENVATTING

De vordering tot schorsing is gericht tegen het afsplitsbare deel van de intrekkingsbeslissing waarbij de beslissing om voor de invulling van het ambt van algemeen directeur in eerste instantie alleen de zittende functiehouders in aanmerking te nemen, wordt ingetrokken. Verzoeker is één van de zittende functiehouders. Hij heeft er belang bij om die regeling behouden te zien. De omstandigheid dat... (volledige samenvatting weergeven)

 
GRATIS UITTREKSEL

De bestreden intrekkingsbeslissing wordt verantwoord door de motivering van het schorsingsbesluit van de provinciegouverneur. De provinciegouverneur besluit dat de aanstelling van de tussenkomende partij als algemeen directeur voortvloeit uit een voorbereidend besluit van de gemeenteraad d.d. 14 mei 2018 op basis waarvan onterecht een oproeping tot kandidaatstelling werd verstuurd naar de tussenkomende partij Die oproeping van de tussenkomende partij gebeurde niet in de gemeenteraadsbeslissing van 14 mei 2018, maar door het CBS. De foutieve uitvoering door het CBS vermag op zich niet de wettigheid van de gemeenteraadsbeslissing zelf te compromitteren. Daaruit volgt dat de enkele verwijzing naar de motivering van de provinciegouverneur niet kan verantwoorden dat de verwerende partij dan maar tot de intrekking overgaat van (tevens) het gemeenteraadsbesluit van 14 mei 2018 om, ter wille van de continuïteit, de zittende secretarissen overeenkomstig art. 583, § 1, van het decreet lokaal bestuur op te roepen zich kandidaat te stellen voor het ambt van algemeen...

Om verder te lezen

PROBEER HET UIT