7 SEPTEMBER 2023. - Besluit 2023/867 van het College van de Franse Gemeenschapscommissie houdende wijziging van verschillende reglementaire bepalingen met betrekking tot de mandaten

Het College van de Franse Gemeenschapscommissie,

Gelet op de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, artikel 87, § 3, gewijzigd bij de bijzondere wetten van 8 augustus 1988 en 6 januari 2014;

Gelet op de bijzondere wet van 12 januari 1989 met betrekking tot de Brusselse Instellingen, artikel 79, § 1;

Gelet op het decreet van de Franse Gemeenschapscommissie van 4 april 2014 betreffende de overdracht van de uitoefening van de bevoegdheden van de Franse Gemeenschap naar het Waalse Gewest en de Franse Gemeenschapscommissie, artikel 4, 1° ;

Gelet op het besluit van het College van de Franse Gemeenschapscommissie van 13 april 1995 houdende het statuut van de ambtenaren van de diensten van het College van de Franse Gemeenschapscommissie;

Gelet op het besluit van het College van de Franse Gemeenschapscommissie van 13 april 1995 tot vaststelling van de bezoldigingsregeling van het personeel van de diensten van het College van de Franse Gemeenschapscommissie;

Gelet op het besluit van het College van de Franse Gemeenschapscommissie van 4 maart 1999 betreffende de loopbaan van de ambtenaren en het personeelsreglement van de diensten van het College van de Franse Gemeenschapscommissie;

Gelet op het besluit van het College van de Franse Gemeenschapscommissie van 1 maart 2012 dat de regels voor de aanstelling van contractuele mandatarissen in de diensten van het College van de Franse Gemeenschapscommissie vaststelt in het kader van artikel 26/1, lid 3, van het besluit van het College van de Franse Gemeenschapscommissie van 13 april 1995 houdende het statuut van de ambtenaren van de diensten van het College van de Franse Gemeenschapscommissie;

Gelet op het advies van de Inspecteur van Financiën, gegeven op 27 april 2023;

Gelet op het akkoord van het collegelid belast met Begroting, gegeven op 25 mei 2023;

Gelet op het evaluatieverslag van de impact van dit besluit op de respectieve situatie van vrouwen en mannen van 25 mei 2023;

Gelet op het evaluatieverslag van de impact van dit besluit op de situatie van personen met een handicap van 25 mei 2023;

Gelet op het protocol nr. 2023/05 van 21 juni 2023 van het Sectorcomité XV van de Franse Gemeenschapscommissie;

Gelet op het verzoek om advies binnen een termijn van 30 dagen dat naar de Raad van State werd gestuurd op 21 juni 2023, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;

Overwegende dat het advies niet binnen die termijn werd meegedeeld;

Gelet op artikel 84, § 4, tweede lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;

Op voordacht van het collegelid belast met Openbaar Ambt;

Na beraadslaging,

Besluit :

Artikel 1. In dit besluit wordt, met toepassing van artikel 138 van de Grondwet, een aangelegenheid bedoeld in de artikelen 127 en 128 van de Grondwet geregeld.

HOOFDSTUK I. - Wijzigingen van het besluit van het College van de Franse Gemeenschapscommissie van 13 april 1995 houdende het statuut van de ambtenaren van de diensten van het College van de Franse Gemeenschapscommissie

Art. 2. Artikel 86/2 van het besluit van het College van de Franse Gemeenschapscommissie van 13 april 1995 houdende het statuut van de ambtenaren van de diensten van het College van de Franse Gemeenschapscommissie, ingevoegd bij het besluit van het College van Franse Gemeenschapscommissie van 1 maart 2012, wordt vervangen door wat volgt:

"Art. 86/2. § 1. De mandaathouder stelt ter voorbereiding van elk evaluatiegesprek een verslag op waarin hij gedetailleerd beschrijft in welke mate de hem toevertrouwde doelstellingen zijn of zullen worden bereikt en welke middelen daartoe zijn aangewend.

Het collegelid belast met Openbaar Ambt legt het model van voornoemd verslag vast.

§ 2. De evaluatiecommissie neemt kennis van het verslag dat haar door de mandaathouder wordt meegedeeld en bezorgt een kopie ervan aan het (de) betrokken collegelid (collegeleden) en, in het geval van mandaathouders van rang 15, aan de administrateur-generaal.

De commissie wint vóór het evaluatiegesprek met de mandaathouders het advies van het (de) functioneel bevoegde lid (leden) in over de realisatie van de strategische en transversale doelstellingen bedoeld in artikel 34/1, § 2, van het besluit betreffende de loopbaan van de ambtenaren en het personeelsreglement, en over de manier waarop de mandaathouder zijn mandaat heeft uitgeoefend. In het geval van mandaathouders van rang 15 wint de commissie ook het advies van de administrateur-generaal (rang 16) in over de realisatie van de transversale doelstellingen en over de manier waarop de mandaathouder zijn mandaat heeft uitgeoefend.

§ 3. De evaluatiecommissie nodigt de mandaathouder vervolgens uit voor een evaluatiegesprek. Bij die gelegenheid bezorgt ze de mandaathouder de adviezen die overeenkomstig § 2 werden ingewonnen.

De evaluatiecommissie houdt rekening met de eventuele verandering van de doelstellingen met toepassing van artikel 34/1, § 3, van het besluit betreffende de loopbaan van de ambtenaren en het personeelsreglement.

§ 4. Na het evaluatiegesprek stelt de evaluatiecommissie een evaluatieverslag op en stelt een vermelding vast. Het evaluatieverslag wordt tegen ontvangstbewijs bezorgd aan de mandaathouder.

§ 5. De vermelding "gunstig" wordt toegekend aan de mandaathouder wanneer hij de doelstellingen die hem werden toegewezen heeft bereikt en zijn bijdrage aan het bereiken van die doelstellingen is bewezen.

De vermelding "voldoende" wordt toegekend aan de mandaathouder wanneer hij zijn doelstellingen gedeeltelijk heeft bereikt, maar er substantiële verbeteringen moeten worden aangebracht om de hem toevertrouwde managementopdracht optimaal en volledig te kunnen uitvoeren, of wanneer zijn persoonlijke bijdrage aan het bereiken van zijn doelstellingen beperkt bleef.

De vermelding "ongunstig" wordt toegekend aan de mandaathouder wanneer uit de evaluatie blijkt dat de werking van de mandaathouder niet het verwachte niveau haalt, of wanneer de toegewezen doelstellingen niet werden bereikt, of wanneer die doelstellingen niet op een optimale manier werden bereikt, of wanneer zijn persoonlijke bijdrage aan het bereiken van de doelstellingen gering is.

De evaluatiecommissie moet in haar evaluatie rekening houden met onvoorziene omstandigheden of omstandigheden onafhankelijk van de wil van de mandaathouder...

Pour continuer la lecture

SOLLICITEZ VOTRE ESSAI

VLEX uses login cookies to provide you with a better browsing experience. If you click on 'Accept' or continue browsing this site we consider that you accept our cookie policy. ACCEPT