Vonnis van Raad van State, 27 juni 2014

Datum uitspraak:27 juni 2014
Jurisdictie:UDN
Nature:Arrest
SAMENVATTING

Alhoewel de offerte van de eerste en tweede tussenkomende partij slechts als tweede werd gerangschikt hebben zij er belang bij dat de vordering wordt afgewezen nu de verzoekende partij ook de schorsing van de tenuitvoerlegging bij UDN vordert van de beslissing van de PMV om hun offerte regelmatig te verklaren en van de beslissing van de PMV om aan hun offerte 68,6 punten toe te kennen en aan de... (volledige samenvatting weergeven)

 
GRATIS UITTREKSEL

RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK

VOORZITTER VAN DE XIIe KAMER

A R R E S T

nr. 227.922 van 27 juni 2014 in de zaak A. 212.588/XII-7670

In zake: de NV FEDIMMO bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Frank Judo en Yves Delacroix kantoor houdend te 1000 Brussel Keizerslaan 3 bij wie woonplaats wordt gekozen

tegen:

1. de NV PARTICIPATIEMAATSCHAPPIJ VLAANDEREN 2. de VLAAMSE GEMEENSCHAP bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten David D’Hooghe, Jan Bouckaert en Nathanaëlle Kiekens kantoor houdend te 1000 Brussel Loksumstraat 25 bij wie woonplaats wordt gekozen

Tussenkomende partijen:

1. de NV IMMOBEL 2. de NV VASTGOED RUIMTE NOORD samen vormend de tijdelijke handelsvennootschap Immobel-Vastgoed Ruimte Noord bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat France Vlassembrouck kantoor houdend te 1200 Brussel Neerveldstraat 101-103 bij wie woonplaats wordt gekozen

3. de NV PROJECT T&T bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Pieter Puelinckx en Lieve Swartenbroux kantoor houdend te 1000 Brussel Brederodestraat 13 bij wie woonplaats wordt gekozen

-------------------------------------------------------------------------------------------------

XII-7670-1/51

I. Voorwerp van de vordering

1. De vordering, ingesteld op 27 mei 2014, strekt tot de schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid van de tenuitvoerlegging van:

“◦ De beslissing van PMV aan Fedimmo meegedeeld op 12 mei 2014 waarbij werd beslist om het contract voor de uitvoering van werken m.b.t. ‘Huisvesting Vlaamse Overheid Brussel’ toe te kennen aan Project T&T/Meander, inbegrepen de volgende bijlagen:

▪ Beoordelingsverslag ‘Huisvesting Vlaamse Overheid Brussel, Beoordelingsverslag met het oog op de aanduiding van een voorkeursbieder’ dd. 28 februari 2014

▪ Beslissing ‘Huisvesting Vlaamse Overheid Brussel, Aanwijzing van een voorkeursbieder, Beslissing GMC’ dd. 3 maart 2014 ◦ De beslissing van PMV om de offerte van Project T& T regelmatig te verklaren, ◦ De beslissing van PMV om de offerte van KBC/Immobel regelmatig te verklaren, ◦ De beslissing van PMV om de offerte van KBC/Immobel 68,6 punten en aan de offerte van Fedimmo 67 toe te kennen ◦ De beslissing van de Vlaamse Regering van vermoedelijk 9 mei 2014, tot inhuurname van het Meandergebouw, onder voorbehoud van gunning van de overheidsopdracht door PMV”.

II. Verloop van de rechtspleging

2. De verwerende partijen hebben een nota ingediend.

Met verzoekschriften van 6 juni 2014 hebben de nv Immobel en de nv Vastgoed Ruimte Noord samen vormend de tijdelijke handelsvennootschap Immobel-Vastgoed Ruimte Noord en de nv Project T&T gevraagd om in het administratief kort geding te mogen tussenkomen.

De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 17 juni 2014, om 10.00 uur.

Kamervoorzitter Dierk Verbiest heeft verslag uitgebracht.

XII-7670-2/51

Advocaten Frank Judo, Yves Delacroix en Aurélien Vandeburie, die verschijnen voor de verzoekende partij, advocaten David D’Hooghe, Jan Bouckaert, Nathanaëlle Kiekens en Bastiaan Schelstraete, die verschijnen voor de verwerende partijen, en advocaten France Vlassembrouck, Pieter Puelinckx en Lieve Swartenbroux, die verschijnen voor de tussenkomende partijen, zijn gehoord.

Eerste auditeur Luc Vermeire heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven.

Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973.

III. Feiten

3.1. De aankondiging van de in het geding zijnde opdracht, aldaar genaamd “PMV-Huisvestingsprogramma Vlaamse Overheid in Brussel” wordt op 11 maart 2013 bekendgemaakt in het Bulletin der Aanbestedingen en op 13 maart 2013 in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Voor deze opdracht voor de aanneming van werken wordt gekozen voor de gunningswijze van de onderhandelingsprocedure met bekendmaking.

3.2. Op 18 april 2013 worden zes kandidaturen ontvangen. In een selectieverslag van 3 mei 2013 worden de aanvragen tot deelneming onderzocht. Daarbij wordt de persoonlijke situatie, de economische en financiële draagkracht en de vakbekwaamheid onderzocht op grond van de in de aankondiging gestelde eisen en wordt, onder “voorwaarden met betrekking tot de opdracht”, nagegaan of de kandidaten “redelijkerwijs over de mogelijkheid beschikken om in de gunningsfase een voorstel in te dienen dat inpasbaar is binnen de randvoorwaarden die gesteld worden aan het huisvestingsprogramma” en onder meer de in de aankondiging vermelde “Locatievereiste” en “Timing (planning en bouwtraject)”.

XII-7670-3/51

Op 6 mei 2013 beslist de PMV, met verwijzing naar dit selectieverslag en de motivering ervan, de volgende vijf kandidaten te selecteren: - AG Real Estate; - Allianz Belgium; - Project T&T; - Fedimmo; - Immobel / Vastgoed Ruimte Noord.

3.3. Met brieven gedateerd 6 mei 2013 wordt aan de kandidaten meegedeeld dat vijf kandidaten werden geselecteerd en of zij al dan niet werden geselecteerd blijkbaar telkens met in bijlage de motieven voor hun selectie of niet-selectie in de vorm van een uittreksel uit het selectieverslag.

3.4. Met brieven gedateerd 8 mei 2013 wordt aan de geselecteerde kandidaten het toepasselijke bestek “PMV – Huisvestingsprogramma Vlaamse overheid in Brussel” met referentienummer 2013-505002 meegedeeld.

3.5. De volgende vier van de vijf geselecteerde kandidaten dienen tegen 27 juni 2013 een offerte in: - AG Real Estate, voor Silver Tower; - Fedimmo, voor WTC IV; - Immobel - Vastgoed Ruimte Noord, voor Brussels Tower; - Project T&T, voor het Meandergebouw.

3.6. Deze offertes worden beoordeeld in een “gemotiveerde tussentijdse beslissing na beoordeling van de offertes”‘ van 9 september 2013.

3.7. Nadat verduidelijkingen werden gevraagd aan nv Project T&T beslist de PMV dat het niet passend is om de hoogst gerangschikte inschrijver als voorkeursbieder aan te wijzen maar om een bijkomende offerteronde met de vier inschrijvers te organiseren waarbij zij inzage krijgen in de zwakke punten van hun eerste offerte en de kans krijgen hun voorstel te verbeteren.

3.8. Met brieven gedateerd 7 oktober 2013 worden de vier inschrijvers in kennis gesteld van deze beslissing en van de elementen met betrekking tot de eerste offerte die doorheen de verschillende gunningscriteria een negatief aspect van de beoordeling vormden, en gevraagd tegen uiterlijk

XII-7670-4/51

28 oktober 2013 om 11 u een tweede offerte in te dienen.

3.9. Zij dienen vervolgens elk tegen 28 oktober 2013 een tweede offerte in.

3.10. Nadat op bepaalde punten door de PMV verduidelijkingen waren gevraagd, wordt op 13 januari 2014 een “beoordelingsverslag tweede offertes” opgesteld.

3.11. In een “gemotiveerde tussentijdse beslissing na beoordeling van de tweede offertes” van 13 januari 2014 en met verwijzing naar voormeld beoordelingsverslag beslist de PMV tot organisatie van een BAFO-ronde.

3.12. Alle inschrijvers worden uitgenodigd tot het indienen van een BAFO uiterlijk tegen 27 januari 2014 om 11 u.

3.13. De vier inschrijvers dienen tegen die datum elk een BAFO in.

3.14. Op 28 februari 2014 wordt een “beoordelingsverslag met het oog op het indienen van een voorkeursbieder” opgesteld.

Er wordt voorgesteld de nv Project T&T tijdelijk en onder een aantal voorwaarden als voorkeursbieder aan te wijzen.

3.15. Met verwijzing onder meer naar dit gunningsverslag beslist de PMV vervolgens op 3 maart 2014 om de nv Project T&T als voorkeursbieder aan te wijzen. Deze beslissing wordt onder meer als volgt gemotiveerd:

“Gelet op het grote puntenverschil tussen de hoogst gerangschikte inschrijver enerzijds en de overige inschrijvers anderzijds, wordt voorgesteld om Project T&T als voorkeursbieder aan te duiden en alle overige inschrijvers naar de wachtkamer te verwijzen.

Vanuit zorgvuldige besluitvorming, en gelet op het gegeven dat men naar de laatste fase van het gunningstraject gaat, wil men zich ervan vergewissen dat dit voorstel daadwerkelijk perspectief biedt op realisatie binnen de vooropgestelde termijn, inzonderheid in functie van de vergunbaarheid.

XII-7670-5/51

Voor de goede orde, wordt herhaald dat uiteraard – op dit ogenblik in het gunningstraject –nog niet zonder meer vereist wordt dat alle vergunningen reeds zonder meer verkregen werden (hetgeen bij geen enkele van de inschrijvers overigens het geval is), maar wel dat er afdoende garanties voorliggen dat op de voorgestelde locatie voor het project daadwerkelijk, en binnen de vooropgestelde timing, een stedenbouwkundige vergunning en milieuvergunning kan worden verkrijgen.

Voor wat de timing betreft, is van meet af aan gewezen op de scherpe timing, waarbij de periode 2016-2017 aangenomen wordt als richtinggevend ijkpunt voor de inhuizing in de nieuwe vesti[gi]ng. Dit is een voorzichtige inschatting gesteund op het gegeven dat eind 2017/begin 2018 twee huurovereenkomsten voor grote gebouwen op einddatum komen (abstractie makend van evt. verdere verlengingen).

Voor de analyse van de vergunbaarheid en timing van het realisatie van het Meander project wordt verwezen naar het beoordelingsverslag, waarin wordt vastgesteld dat, lopende de gunningsprocedure en zelfs na de indiening van de aanvraag tot stedenbouwkundige vergunning, aan het regelgevend kader gesleuteld werd, en er op korte termijn nog verdere aanpassingen te verwachten vallen.

Het is daadwerkelijk aannemelijk dat tijdig de nodige vergunningen kunnen worden verkregen voor het Meander project; dit gezegd zijnde is het tegelijk ook aangewezen om de nodige maatregelen te treffen om het risico van een laattijdige gunningverlening of de weigering van de vergunning zoveel als mogelijk te vermijden. Om die reden dient het voorliggende Meander project in die zin aangepast te worden dat de vergunningsaanvraag ook kan worden ingewilligd, zelfs als het nieuwe BBP niet (binnen...

Om verder te lezen

PROBEER HET UIT