Décision judiciaire de Raad van State, 23 décembre 2013

Date de Résolution23 décembre 2013
JuridictionNietigverklaring
Nature Arrest

RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK

IXe KAMER

A R R E S T

nr. 225.947 van 23 december 2013 in de zaak A. 207.085/IX-8098

In zake: Stef TROCH bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Karen Van Belle kantoor houdend te 9240 Zele Dr. Victor Van Cauterenstraat 35 bij wie woonplaats wordt gekozen

tegen:

de VZW VRIJ LOKERS ONDERWIJS VOOR JOUW

TOEKOMST bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Jaak Haentjens kantoor houdend te 9160 Lokeren H. Hartlaan 56 bij wie woonplaats wordt gekozen

-------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep

1. Het beroep, ingesteld op 21 november 2012, strekt tot de nietigverklaring van de beslissing van 21 september 2012 van de delibererende klassenraad van het tweede leerjaar van de derde graad, studierichting houttechnieken TSO, van het VTI Sint-Laurentius te Lokeren, waarbij aan Stef Troch een oriënteringsattest C wordt toegekend.

II. Verloop van de rechtspleging

2. De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend en de verzoekende partij heeft een memorie van wederantwoord ingediend.

IX-8098-1/32

Auditeur Jurgen Neuts heeft een verslag opgesteld.

De verzoekende partij en de verwerende partij hebben een laatste memorie ingediend.

De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 16 december 2013.

Kamervoorzitter Geert Van Haegendoren heeft verslag uitge-

bracht.

Advocaat Karen Van Belle, die verschijnt voor de verzoekende partij en advocaat Frederik Haentjens, die loco advocaat Jaak Haentjens verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord.

Auditeur Jurgen Neuts heeft een met dit arrest eensluidend ad-vies gegeven.

Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973.

III. Feiten

3.1. Verzoeker is tijdens het schooljaar 2011-2012 als leerling ingeschreven in het tweede leerjaar van de derde graad, studierichting houttechnieken (TSO), aan het VTI Sint-Laurentius te Lokeren.

3.2. Eind juni 2012 behaalt verzoeker een jaartekort voor wiskunde, waarvoor de delibererende klassenraad hem een bijkomende proef oplegt. Verzoeker slaagt niet voor die bijkomende proef (38,41%).

IX-8098-2/32

Eind augustus 2012 kent de delibererende klassenraad aan verzoeker een oriënteringsattest C toe met het advies “om te gaan werken”. Die beslissing wordt aan verzoeker betekend met een brief van 30 augustus 2012; ze is als volgt gemotiveerd:

“Stef heeft voor [wiskunde] een aantal leerplandoelstellingen/eindtermen niet behaald. Onvoldoende inzet en gebrekkige studiemethode hebben verhinderd dat Stef de basis van wiskunde heeft verworven.”

3.3. Op 5 september 2012 schrijft de moeder van verzoeker brieven aan de directeur en aan de voorzitter van de beroepscommissie waarin zij protesteert tegen de beslissing van de klassenraad.

3.4. Na afloop van een overleg op 10 september 2012, deelt de directeur aan verzoeker het volgende mee:

“Op het onderhoud dat in onze school plaatsvond met uw moeder, […] op maandag 10 september 2012, heeft zij de reden van uw betwisting in uw naam kenbaar gemaakt.

Ik van mijn kant heb aan de hand van uw dossier aangetoond dat de beslissing goed overwogen is.

Ik ben van mening dat de elementen die mevrouw [...] heeft aangebracht, geen nieuwe bijeenkomst van de delibererende klassenraad rechtvaardigen.”

3.5. Met een brief van 11 september 2012 tekent verzoeker in volgende bewoordingen beroep aan bij de beroepscommissie:

“Op 3/9 werd ik formeel op de hoogte gebracht van de beslissing van de delibererende klassenraad (24/08) alsook [van] de motivering voor het uitreiken van een C-attest.

Conform de procedure 3.6 van het schoolreglement heeft op 10/09 een gesprek plaatsgevonden tussen mijn moeder, de adjunct directeur […] en de directeur [...]. Tijdens dit gesprek heeft mijn moeder bovenvernoemde beslissing betwist.

Deze morgen heb ik een aangetekend schrijven ontvangen waarbij de school bij zijn eerder genomen beslissing blijft. Gezien het feit dat de be-twisting dus blijft bestaan wens ik dus beroep aan te tekenen bij de beroepscommissie.

Op 24/08 vond al een informele communicatie plaats. Toen mijn moeder in de late namiddag nog niets van de school had vernomen, heeft zij zelf

IX-8098-3/32

de school gecontacteerd en heeft de directeur haar op de hoogte gesteld van de beslissing van [de] delibererende klassenraad. Tijdens dit gesprek heeft zij duidelijk gezegd dat zij overwoog verdere stappen te ondernemen. De directeur ging hier niet verder op in.

Intussen heeft mijn moeder zich geïnformeerd bij het CLB die toch duidelijk stelt dat de school de plicht heeft de beroepsprocedure toe te lichten. Graag wil ik dus het advies-mededeling, vermeld op het document dat ik op 3/9 heb ontvangen, betwisten en wens ik beroep aan te tekenen.

Op basis van volgende argumenten ga ik niet akkoord met de motivering van de delibererende klassenraad: 1. Eén tekort en niet geslaagd

Er bestaat geen wettelijke bepaling [die] vereist dat een leerling voor alle of voor welbepaalde vakken voldaan moet hebben of een minimaal percentage voor het geheel van de vakken behaald moet hebben om te kunnen slagen.

Graag wil ik toch de aandacht vestigen op het feit dat het onvoldoende beperkt is gebleven tot één vak en voor de andere vakken een behoorlijk resultaat werd neergezet.

Tijdens het telefonisch onderhoud gaf mijn moeder aan dat wiskunde in de richting ‘houttechnieken’ geen hoofdvak is. Echter dit werd weerlegd met het argument dat wiskunde de basis is voor de algemene vorming en dat een beroepsopleiding voor mij een betere keuze was geweest.

Hier geeft het CLB aan dat wiskunde geen profielbepalend vak is en dat een beoordeling van een stage, de GIP en andere praktische vakken meer doorslaggevend zouden moeten zijn.

De vraag is nu of ik destijds toch had moeten overstappen naar de richting BSO. Zowel mijn moeder als ikzelf was in de overtuiging dat houttechnieken de juiste keuze was.

Daarnaast wil ik ook duidelijk maken dat wat betreft wiskunde het klasgemiddelde slechts 53% betreft. Misschien moet de school zich de vraag stellen wat de oorzaak is van dit lage gemiddelde.

Op basis van de info die mijn moeder eind juni kreeg van de klastitularis […] bleek dat er voor een leerling met een gelijkaardig resultaat een positieve beslissing werd genomen. Deze leerling bleek eveneens een score van 44% te hebben maar omwille van schriftelijke voorbereidingen werd deze leerling gedelibereerd. Het advies was dan ook tegen het herexamen over voldoende schriftelijke voorbereiding te beschikken wat ook het geval was.

Toen ik vaststelde dat naar het eind van het jaar de resultaten bergaf gingen, heeft mijn moeder mij hierop aangesproken en mij gemotiveerd om het schooljaar tot een goed einde te brengen. Het resultaat was één tekort. Toch wil ik meegeven dat ik de nodige inspanningen heb geleverd. 2. Het uitreiken van een oriënteringsattest C

In de motivering staat vermeld ‘Onvoldoende inzet en gebrekkige studiemethode hebben verhinderd dat Stef de basis van wiskunde heeft verworven’.

IX-8098-4/32

Hierbij heb ik 2 opmerkingen: a. Onvoldoende inzet

Waarop baseert men zich hier?

Indien een leerling het inzicht niet heeft, mag hij nog zoveel studeren en zich inzetten, het resultaat blijft uit.

Indien de leerkracht van oordeel [is] dat schriftelijke voorbereidingen aantonen dat de leerling zich inzet, waarom heeft deze dan nu hiermee geen rekening gehouden.

Echter gezien het feit dat het herexamen betrekking had op de leerstof van het volledige schooljaar, werd de moeilijkheidsgraad nog opgetrokken. b. Gebrekkige studiemethode

Welke initiatieven heeft de vakleraar ondernomen om evt. een andere leraar in te schakelen?

Indien voor de leerkracht onvoldoende inzet gelijk staat aan een negatieve studiehouding wil ik erop wijzen dat een negatieve studiehouding gebruiken als doorslaggevende of uitsluitende beweegreden om een leerling als niet geslaagd te verklaren niet voldoende is. Ik kan mij dus niet van de indruk ontdoen dat er andere zaken zijn die hebben meegespeeld. Indien er andere motieven zijn, was ik hiervan graag op de hoogte gesteld. Daarnaast wil ik erop wijzen dat mijn moeder zowel op eerdere oudercontacten als tijdens het gesprek eind juni met de vakleraar wiskunde advies heeft gevraagd met betrekking tot bijlessen of andere mogelijkheden. Concrete adviezen kon hij niet geven.

In principe moeten er ernstige redenen zijn tot het niet uitreiken van een diploma van secundair onderwijs. Dit kan indien er ernstige tekorten zijn. Een percentage van 44% voor wiskunde is inderdaad een tekort maar mijn inziens geen ernstig tekort. Mijn jaarresultaat bedraagt 62% wat mijn inziens een voldoende resultaat is. Daarenboven kan ik moeilijk begrijpen dat de school het advies geeft aan een laatstejaarsleerling om te gaan werken zonder enig diploma. Het feit dat de school ook geen advies gaf betreffende de mogelijkheden om alsnog een diploma te behalen, zie ik als een enorme tekortkoming van de school.”

Op 13 september 2012 adviseert de beroepscommissie om de over verzoeker delibererende klassenraad opnieuw samen te roepen. Zij doet dat op grond van volgende overwegingen:

“De argumenten van de voorzitter van de delibererende klassenraad hierboven vermeld, zijn belangrijk genoeg om de beslissing te rechtvaardigen. Ook is de interne beroepscommissie van oordeel dat er voldoende is gecommuniceerd omtrent de problematiek. Toch dient de beslissing van de klassenraad echter beter gemotiveerd te worden. De niet-bereikte leer-plandoelstellingen, waarvan de nummers al in de oorspronkelijke notulen staan, moeten geëxpliciteerd worden. De delibererende klassenraad moet zich eveneens de vraag stellen in hoeverre de niet-behaalde leerplandoelstellingen binnen het vak wiskunde voldoende zwaar doorwegen in het

IX-8098-5/32

geheel van de opleiding tso houttechnieken. De...

Pour continuer la lecture

SOLLICITEZ VOTRE ESSAI