Arrest nr. P.13.0541.N van Hof van Cassatie, België, 4 november 2014

Datum uitspraak: 4 november 2014
Uitgevende instantie::België
 
GRATIS UITTREKSEL

Nr. P.13.0541.N

H J B D,

beklaagde,

eiser,

vertegenwoordigd door mr. Willy van Eeckhoutte, advocaat bij het Hof van Cas-satie, met kantoor te 9051 Gent (Sint-Denijs-Westrem), Driekoningenstraat 3, waar de eiser woonplaats kiest.

  1. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

    Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Antwer-pen, correctionele kamer, van 20 februari 2013.

    De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, drie middelen aan.

    Raadsheer Alain Bloch heeft verslag uitgebracht.

    Plaatsvervangend advocaat-generaal Marc De Swaef heeft geconcludeerd.

  2. BESLISSING VAN HET HOF

    Beoordeling

  3. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

    Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Antwer-pen, correctionele kamer, van 20 februari 2013.

    De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, drie middelen aan.

    Raadsheer Alain Bloch heeft verslag uitgebracht.

    Plaatsvervangend advocaat-generaal Marc De Swaef heeft geconcludeerd.

  4. BESLISSING VAN HET HOF

    Beoordeling

    Eerste middel in zijn geheel

    1. Het middel voert schending aan van artikel 6.3.a EVRM, artikel 149 Grondwet en de artikelen 182 en 195, eerste lid, Wetboek van Strafvordering, als-ook miskenning van het algemeen rechtsbeginsel van het recht van verdediging: het arrest antwoordt niet op eisers verweer dat het onroerend goed reeds ingedeeld was in woongelegenheden toen hij het aankocht en dit sinds 2001 en dat de strafvordering voor de telastlegging A dus verjaard is (eerste onderdeel); het acht de eiser schuldig voor feiten "op of omstreeks 1 januari 2008" en verzuimt aldus de datum van de feiten nauwkeurig te vermelden (tweede onderdeel); bij gebrek aan precisering van het tijdstip van de feiten acht het arrest de strafvordering ten onrechte ontvankelijk en veroordeelt het de eiser ten onrechte (derde onderdeel).

    2. Het arrest veroordeelt de eiser tot één enkele straf wegens de feiten van de telastleggingen A, B en C samen. Deze straf is naar recht verantwoord door het tegen de eiser bewezen verklaard misdrijf omschreven in de telastlegging B, zodat het middel dat alleen betrekking heeft op het misdrijf omschreven onder de telast-legging A, niet tot cassatie kan leiden.

      Het middel is niet ontvankelijk.

      Tweede middel

    3. Het middel voert schending aan van artikel 433decies Strafwetboek: het ar-rest acht de eiser schuldig aan huisjesmelkerij zonder dat het moreel bestanddeel vaststaat; het vereiste bijzonder opzet bestaat erin dat de dader de intentie...

Om verder te lezen

PROBEER HET UIT