28 APRIL 2016. - Koninklijk besluit betreffende de rechtstreekse bevraging van de Algemene Nationale Gegevensbank bedoeld in artikel 44/7 van de wet op het politieambt door de aangewezen personeelsleden van de Dienst Vreemdelingenzaken

 
GRATIS UITTREKSEL

VERSLAG AAN DE KONING

Sire,

Dit ontwerp betreft de voorwaarden die verbonden zijn aan de rechtstreekse bevraging van de Algemene Nationale Gegevensbank, bedoeld in artikel 44/7 van de wet op het politieambt, door de Dienst Vreemdelingenzaken.

  1. Algemene commentaar

    Dit ontwerp van koninklijk besluit heeft tot doel de nadere regels vast te leggen voor de rechtstreekse bevraging van de Algemene Nationale Gegevensbank (A.N.G.), bedoeld in artikel 44/7 van de wet op het politieambt, door de aangewezen personeelsleden van de Dienst Vreemdelingenzaken, overeenkomstig artikel 44/11/12, § 1, 2°, van de wet van 5 augustus 1992 op het politieambt.

    Krachtens artikel 44/11/12, § 2, van de wet van 5 augustus 1992, "de wet op het politieambt" genoemd, hebben deze nadere regels minstens betrekking op :

    a)de behoefte om te kennen;

    1. de categorieën van personeelsleden die op basis van de uitoefening van hun opdrachten over een mogelijkheid beschikken om de A.N.G. rechtstreeks te bevragen;

    2. de geautomatiseerde verwerkingen die uitgevoerd worden op basis van de gegevens en informatie van de A.N.G.;

    3. de verplichting tot terughoudendheid in de uitoefening van hun functie van alle personen die rechtstreeks of onrechtstreeks kennis nemen van de gegevens en informatie van de A.N.G.;

    4. de veiligheidsmaatregelen, waaronder :

      1. de beveiliging van de gebouwen en netwerken;

      2. de verplichting om alle transacties op te lijsten en deze opgelijste gegevens gedurende minimaal tien jaar te bewaren;

    5. de verplichting om voorafgaand aan het verkrijgen van het recht op rechtstreekse bevraging een opleiding te volgen.

      Er moet herinnerd worden aan het feit dat het om een rechtstreekse bevraging gaat die voor de personeelsleden van de Dienst Vreemdelingenzaken niet het recht met zich meebrengt om wijzigingen door te voeren in de A.N.G. of andere zaken te doen in de A.N.G.

      Krachtens artikel 44/11/4, § 3, van de wet op het politieambt is de rechtstreekse bevraging beperkt tot het geheel of een gedeelte van sommige gegevens. Bijgevolg is niet alles toegankelijk.

      Categorieën van gegevens van de Algemene Nationale Gegevensbank die kunnen worden geraadpleegd en het motief van deze raadpleging

      Aangezien artikel 21 van de wet op het politieambt van 5 augustus 1992 bepaalt dat de politiediensten toezien op de naleving van de wettelijke bepalingen met betrekking tot de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen is het ook van wezenlijk belang dat de twee diensten die bevoegd zijn om te waken over de toepassing van de vreemdelingenreglementering, in het kader van hun respectievelijke wettelijke opdrachten, pertinente gegevens kunnen uitwisselen.

      De raadpleging in de Algemene Nationale Gegevensbank is noodzakelijk om de Dienst Vreemdelingenzaken in staat te stellen om zijn opdrachten op efficiënte wijze uit te voeren. Deze opdrachten worden uitgevoerd in het kader van de toepassing van :

      1) artikel 24 van de Verordening (EG) nr. 1987/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 20 december 2006 betreffende de instelling, de werking en het gebruik van het Schengen-informatiesysteem van de tweede generatie (SIS II);

      2) de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen. In dit kader moet de Dienst Vreemdelingenzaken verifiëren of de vreemdeling geen gevaar vormt voor de openbare orde, de nationale veiligheid en de openbare rust, met name in het kader van :

      - de toegang tot het grondgebied;

      - de afgifte van een visum;

      - de toekenning van een machtiging tot verblijf om humanitaire redenen;

      - de toekenning van een machtiging tot verblijf om medische redenen;

      - het nemen van een beslissing in het kader van een gezinshereniging;

      - de toekenning van het verblijf in de hoedanigheid van student;

      - de aanvraag tot vestiging voor een onderdaan van een derde land;

      - de toekenning van het statuut van langdurig ingezetene;

      - de erkenning van het recht op verblijf in de hoedanigheid van burger van de EU en hun familieleden en vreemdelingen, familieleden van een Belg;

      - de procedure voor de erkenning van de vluchtelingenstatus of de subsidiaire beschermingsstatus;

      - de toekenning van het statuut van tijdelijke bescherming;

      - de toekenning van het statuut van slachtoffer van mensenhandel en/of bepaalde zwaardere vormen van mensensmokkel;

      - de machtiging tot verblijf in de hoedanigheid van onderzoeker of voor wetenschappelijke doeleinden;

      - de machtiging tot verblijf in de hoedanigheid van hooggekwalificeerde werknemer.

      Bij het nemen van de beslissing moet men rekening houden met de elementen van openbare orde, nationale veiligheid of openbare rust. Bij wijze van voorbeeld :

      - elke beslissing die in het dossier voorkomt en die een motivering van openbare orde bevat;

      - elk ernstig feit dat tot een veroordeling heeft geleid of had kunnen leiden;

      - ontdekking op heterdaad van een ernstig feit;

      - ernstige feiten, toegegeven door de betrokken persoon;

      - opsporingsbericht, bevel tot medebrenging of bevel tot aanhouding;

      - dezelfde ernstige feiten waarvoor een onderzoek of een strafprocedure loopt;

      - de in het buitenland veroordeelde ernstige feiten, voor zover de beschikbare informatie doorslaggevend is.

      Modaliteiten van de raadpleging van de Algemene Nationale Gegevensbank en de verplichting van de Dienst Vreemdelingenzaken om het parket te raadplegen

      Een rechtstreekse bevraging van deze gegevensbank maakt het mogelijk om één van de verplichtingen die gedefinieerd worden in artikel 4, § 1, 4°, van de wet van 8 december 1992 tot bescherming van de persoonlijke levenssfeer ten opzichte van de verwerking van persoonsgegevens te vervullen, namelijk het mogelijk maken dat de gegevens die verwerkt worden in het kader van het beheer van de vreemdelingendossiers, meer in het bijzonder de beoordeling van het gevaar dat ze vormen voor de openbare orde, nauwkeurig zijn en bijgewerkt worden.

      De nadruk moet gelegd worden op het feit dat het om een raadpleging op een bepaald moment van deze gegevensbank gaat, om de Dienst Vreemdelingenzaken in staat te stellen om zijn opdracht uit te voeren, in toepassing van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen.

      Bijgevolg moet eveneens worden opgemerkt dat de Dienst Vreemdelingenzaken, na te hebben vastgesteld dat concrete feiten van gerechtelijke politie verwerkt werden, contact zal opnemen met het parket om aanvullende inlichtingen in te winnen, behalve in de gevallen bepaald in de wet van 15 december 1980 waarbij het voldoende is dat de persoon door zijn gedrag geacht wordt een gevaar te zijn voor de openbare orde en de nationale veiligheid.

      De gegevens waartoe de aangewezen personeelsleden van de Dienst Vreemdelingenzaken door middel van de rechtstreekse bevraging toegang zullen hebben, zijn niet overmatig uitgaande van de doeleinden waarvoor zij worden verkregen, overeenkomstig artikel 4, § 1, 3°, van de wet van 8 december 1992. In deze optiek is de rechtstreekse bevraging beperkt tot de gegevens die de Dienst Vreemdelingenzaken in staat zullen stellen om zijn wettelijke opdrachten te vervullen. De draagwijdte van deze rechtstreekse bevraging van de A.N.G. wordt zo bepaald in dit besluit.

      In dit koninklijk besluit was het principe van de behoefte om te kennen of het "need to know"-principe een leidraad. Dit principe werd toegepast in de bepalingen die uiteengezet worden in de artikelen 2 en 9. Immers, enkel de aangewezen personeelsleden van de Dienst Vreemdelingenzaken zullen de rechtstreekse bevraging, die beperkt is tot de bepalingen die in dit besluit vastgelegd worden, kunnen uitvoeren, en dit om hun opdrachten te vervullen.

      In dit ontwerp van koninklijk besluit wordt een bijzondere aandacht besteed aan de veiligheid van de toegangen tot de A.N.G. van de Dienst Vreemdelingenzaken en aan de mededeling van de gegevens van de A.N.G. aan de openbare overheden.

      Wat de beveiliging betreft die de rechtstreekse bevraging omkadert, moet worden opgemerkt dat deze zal voortvloeien uit de evaluatie van de betrouwbaarheid, de omgeving en de antecedenten van de personeelsleden bedoeld in artikel 2, § 1.

      Artikel 11 van dit ontwerp vermeldt bovendien :

      - een te nemen voorzorgsmaatregel (schorsing van de machtiging om de A.N.G. rechtstreeks te bevragen) wanneer er ernstige aanwijzingen zijn dat de persoon die de A.N.G. bevraagt de openbare orde kan verstoren (dit zal bijvoorbeeld het geval zijn wanneer er een strafrechtelijk onderzoek gevoerd wordt naar deze persoon);

      - een strafmaatregel (intrekking van de rechtstreekse bevraging) in geval van schending van de regels op het vlak van de persoonlijke levenssfeer of in geval van schending van de veiligheidsmaatregelen.

      Ten slotte, dient de mededeling van de via de rechtstreekse bevraging verkregen gegevens aan de openbare overheden traceerbaar en gemotiveerd te zijn (artikel 5, § 1, d).

      Protocolakkoord dat moet worden afgesloten tussen de Dienst Vreemdelingenzaken en de Geïntegreerde Politie

      Om de verwerkingsmodaliteiten van dit koninklijk besluit te concretiseren zal een protocolakkoord worden afgesloten tussen de directeur van de politionele informatie en de ICT-middelen en de Directeur-generaal van de Dienst Vreemdelingenzaken.

  2. Artikelsgewijze commentaar

    Artikel 1. Artikel 1 definieert de begrippen wet van 15 december 1980, wet van 11 december 1998, de Directeur-generaal, de A.N.G., de rechtstreekse bevraging van de A.N.G., de directie die de toegangen tot de A.N.G. beheert, de oplijsting, de Commissie voor de bescherming van de persoonlijke levenssfeer.

    Artikel 2. Artikel 2 bepaalt dat de rechtstreekse bevraging van de Algemene Nationale Gegevensbank enkel wordt uitgevoerd door de personeelsleden van de Dienst Vreemdelingenzaken die door de Directeur-generaal aangewezen worden, omwille van de functies die zij uitoefenen en hun behoefte om de genoemde feiten en...

Om verder te lezen

PROBEER HET UIT