27 APRIL 2018. - Decreet betreffende de leerlingenbegeleiding in het basisonderwijs, het secundair onderwijs en de centra voor leerlingenbegeleiding (1)

Het VLAAMS PARLEMENT heeft aangenomen en Wij, REGERING, bekrachtigen hetgeen volgt:

Decreet betreffende de leerlingenbegeleiding in het basisonderwijs, het secundair onderwijs en de centra voor leerlingenbegeleiding

HOOFDSTUK 1. - Inleidende bepaling en definities

Artikel 1. Dit decreet regelt een gemeenschapsaangelegenheid.

Art. 2. In dit decreet wordt verstaan onder:

  1. bestuur: een of meer bestuursorganen die voor de centra voor leerlingenbegeleiding de bestuurshandelingen verrichten overeenkomstig de bevoegdheden die naargelang het geval, door of krachtens de wet, het decreet, het bijzonder decreet of de statuten, naargelang het geval, toegewezen zijn;

  2. brede basiszorg: fase in het zorgcontinuüm zoals gedefinieerd in punt 8° quater van artikel 3 van het decreet basisonderwijs en in punt 9° /1 van artikel 3 van de Codex Secundair Onderwijs;

  3. centrum: een centrum voor leerlingenbegeleiding. Bij het nemen van bestuurshandelingen wordt daarmee het bestuur van het centrum bedoeld;

  4. centrumnet: de centra opgedeeld, volgens hun inrichtend bestuur, in de volgende driedeling:

    1. centrum van het gemeenschapsonderwijs: een centrum dat opgericht is door een scholengroep van het gemeenschapsonderwijs en dat in aanmerking komt voor financiering door de Vlaamse Gemeenschap;

    2. gesubsidieerd officieel centrum: een centrum dat opgericht is door andere publiekrechtelijke rechtspersonen dan het gemeenschapsonderwijs en dat in aanmerking komt voor subsidiëring door de Vlaamse Gemeenschap;

    3. gesubsidieerd vrij centrum: een centrum dat opgericht is door privaatrechtelijke rechtspersonen en dat in aanmerking komt voor subsidiëring door de Vlaamse Gemeenschap;

  5. doorlichting: de externe evaluatie van de werking van een school of een centrum;

  6. gemeenschappelijk curriculum: gemeenschappelijk curriculum zoals bepaald in artikel 3, 17° bis, van het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997, en artikel 3, 14° /1, van de Codex Secundair Onderwijs van 17 december 2010;

  7. gesubsidieerd centrum: een centrum van het vrij onderwijs of van het officieel onderwijs, met uitzondering van het gemeenschapsonderwijs, dat voldoet aan de voorwaarden om door de Vlaamse Gemeenschap gesubsidieerd te worden, vermeld in dit decreet;

  8. gewogen leerlingenaantal: het aantal leerlingen van een centrum berekend conform afdeling 6 van dit decreet;

  9. gezondheid: een toestand van lichamelijk, geestelijk en sociaal welbevinden bij de mens zoals bepaald in het decreet van 21 november 2003 betreffende het preventieve gezondheidsbeleid;

  10. inspectie: de onderwijsinspectie vermeld in het decreet van 8 mei 2009 betreffende de kwaliteit van onderwijs;

  11. kernactiviteit: een aangeduide hulpactiviteit van het centrum als instrument om de opdrachten uit te voeren:

    1. signaalfunctie: indien het centrum noden vaststelt in de leerlingenpopulatie of een probleem of onregelmatigheid vaststelt in het beleid op leerlingenbegeleiding brengt het centrum de school hiervan op de hoogte;

    2. consultatieve leerlingenbegeleiding: een centrum biedt versterking aan de school bij problemen van individuele leerlingen of groepen van leerlingen;

    3. onthaal: het centrum beluistert het aanmeldingssignaal;

    4. vraagverheldering: het centrum werkt samen met de hulpvrager of een betrokken dienst, om de problemen van een leerling systematisch in kaart te brengen en te verkennen welke mogelijke activiteiten ingezet kunnen worden;

    5. begeleiding: het centrum versterkt de leerling bij het omgaan met een problematische situatie, die weegt op de schoolcontext, door samen met hem op zoek te gaan naar oplossingen;

    6. handelingsgerichte diagnostiek: een cyclisch zoek- en beslissingsproces van het centrum waarbij informatie over het individu en zijn omgeving wordt verzameld, geïntegreerd en afgewogen met als doel de problemen, de onderwijsnoden of de hulpvragen te objectiveren, te analyseren en te verklaren met het oog op adequate advisering voor het handelen. Voor de analyse wordt gebruikgemaakt van wetenschappelijk verantwoorde methoden, en als die voorhanden zijn, van vastgelegde standaarden. Bij leerlingen met een specifieke onderwijsgerelateerde behoefte wordt een handelingsgericht advies gegeven over ondersteunende maatregelen in onderwijs al of niet geformaliseerd als vermeld in de onderwijsregelgeving. Het proces verloopt volgens een systematische procedure, in samenwerking met de leerlingen, de ouders en de school met aandacht voor positieve kenmerken en met aandacht voor de wisselwerking en wederzijdse beïnvloeding van het individu en de omgeving;

    7. handelingsgericht advies: het centrum geeft advies aan de leerling, de ouders of het schoolteam over keuzemogelijkheden en gedragsalternatieven of eventueel bepaalde hulp;

    8. draaischijffunctie: het centrum zet deze activiteit in als het aanbod van een centrum ontoereikend is. In dat geval wordt de leerling op basis van een indicatiestelling van een centrum doorverwezen naar een schoolextern aanbod. Het centrum zorgt hierbij - in gedeelde verantwoordelijkheid met het schoolextern aanbod - voor een warme toeleiding naar het schoolextern aanbod en terugkoppeling van het extern aanbod naar de school in functie van een afstemming op het onderwijstraject en de leerlingenbegeleiding. Het centrum werkt hiervoor samen met relevante partners;

  12. leerplicht: de leerplicht vermeld in artikel 1 van de wet van 29 juni 1983 betreffende de leerplicht;

  13. lokaal comité: het lokale overleg- of onderhandelingsorgaan dat bevoegd is voor de arbeidsvoorwaarden en de personeelsaangelegenheden;

  14. leerling: een leerling in het basis- of secundair onderwijs en het stelsel leren en werken;

  15. leerlingenbegeleiding: een geheel van preventieve en begeleidende maatregelen. Leerlingenbegeleiding situeert zich op vier domeinen: de onderwijsloopbaan, leren en studeren, psychisch en sociaal functioneren en preventieve gezondheidszorg. De maatregelen vertrekken steeds vanuit een geïntegreerde en holistische benadering voor de vier begeleidingsdomeinen en dit vanuit een continuüm van zorg;

  16. ouders: de personen die het ouderlijke gezag uitoefenen of in rechten of in feiten de minderjarige onder hun bewaring hebben zoals vermeld in artikel 3, 41°, van het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997 en artikel 3, 32°, van de Codex Secundair Onderwijs van 17 december 2010;

  17. regelmatige leerling: een regelmatige leerling zoals vermeld in artikel 20 van het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997, en artikel 252, § 1, van de Codex Secundair Onderwijs van 17 december 2010;

  18. school: een pedagogisch geheel in het basis- of secundair onderwijs of in het stelsel van leren en werken onder leiding van één directeur als vermeld in artikel 3, 49°, van het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997, of artikel 3, 38°, van de Codex Secundair Onderwijs van 17 december 2010;

  19. schooljaar: de periode van 1 september tot en met 31 augustus;

  20. systematisch contact: een periodiek contact waarop de leerling en het centrum in persoon samenzitten en er een uniform aanbod voor populaties of doelgroepen wordt voorzien ter uitvoering van het begeleidingsdomein preventieve gezondheidszorg;

  21. uitbreiding van zorg: fase in het zorgcontinuüm zoals gedefinieerd in punt 53° bis van artikel 3 van het decreet basisonderwijs en in punt 44° /1 van artikel 3 van de Codex Secundair Onderwijs;

  22. verhoogde zorg: fase in het zorgcontinuüm zoals vermeld in artikel 3, 55° bis, van het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997, of artikel 3, 45° /1, van de Codex Secundair Onderwijs van 17 december 2010;

  23. zorgcontinuüm: de opeenvolging van fasen van zorg in de organisatie van de onderwijsomgeving, vermeld in artikel 3, 59°, van het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997, en artikel 3, 47° /2, van de Codex Secundair Onderwijs van 17 december 2010.

    Art. 3. Dit decreet is, tenzij uitdrukkelijk anders bepaald, van toepassing op de door de Vlaamse Gemeenschap erkende, gefinancierde of gesubsidieerde basis- en secundaire scholen en centra voor leerlingenbegeleiding.

    HOOFDSTUK 2. - Leerlingenbegeleiding door de centra voor leerlingenbegeleiding

    Afdeling 1. - Opdrachtsverklaring

    Art. 4. § 1. Centra hebben de opdracht leerlingen te begeleiden in hun functioneren op school en in de maatschappij. Het centrum biedt hiervoor kwaliteitsvolle leerlingenbegeleiding aan. Kwaliteitsvolle leerlingenbegeleiding bevordert de totale ontwikkeling van alle leerlingen, verhoogt hun welbevinden, voorkomt vroegtijdig schoolverlaten en creëert meer gelijke onderwijskansen. Op die manier draagt het bij tot het functioneren van de leerling in de schoolse én maatschappelijke context.

    § 2. Het begeleidingsdomein onderwijsloopbaan heeft tot doel de leerling te ondersteunen om voldoende zelfkennis te ontwikkelen, om inzicht te verwerven in de structuur van en de mogelijkheden binnen het onderwijs, een opleiding en de arbeidsmarkt en om adequate keuzes te leren maken op school en daarbuiten.

    Het begeleidingsdomein leren en studeren heeft tot doel het leren van de leerling te optimaliseren en het leerproces te bevorderen door leer- en studeervaardigheden te ondersteunen en te ontwikkelen.

    Het begeleidingsdomein psychisch en sociaal functioneren heeft tot doel het welbevinden van de leerling te bewaken, te beschermen en te bevorderen waardoor de leerling op een spontane en vitale manier tot leren kan komen en zich kan ontwikkelen tot een veerkrachtige volwassene.

    Het begeleidingsdomein preventieve gezondheidszorg heeft tot doel de gezondheid, groei en ontwikkeling van leerlingen te bevorderen en te beschermen, het groei- en ontwikkelingsproces op te volgen en tijdig risicofactoren, signalen, symptomen van gezondheids- en ontwikkelproblemen te detecteren.

    Voor het begeleidingsdomein preventieve gezondheidszorg omvat dit minimaal voor de centra het volgende:

  24. het organiseren van systematische contacten. De Vlaamse Regering bepaalt de frequentie en de inhoud van de systematische contacten;

  25. het aanbieden van vaccinaties om het ontstaan en de...

Pour continuer la lecture

SOLLICITEZ VOTRE ESSAI