26 MAART 2018. - Wet betreffende de versterking van de economische groei en de sociale cohesie (1)

 
GRATIS UITTREKSEL

FILIP, Koning der Belgen,

Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.

De Kamer van volksvertegenwoordigers heeft aangenomen en Wij bekrachtigen, hetgeen volgt :

TITEL 1. - Algemene bepaling

Artikel 1. Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 74 van de Grondwet.

TITEL 2. - Werk

HOOFDSTUK 1. - Competitiviteit en Werk

Afdeling 1. - Wijziging opzeggingstermijnen

Art. 2. Artikel 37/2, § 1, eerste lid, van de wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten, ingevoegd bij de wet van 26 december 2013, wordt vervangen als volgt :

"Art. 37/2. § 1. Wanneer de opzegging wordt gegeven door de werkgever, wordt de opzeggingstermijn vastgesteld op :

- een week wat de werknemers betreft die minder dan drie maanden anciënniteit tellen;

- drie weken wat de werknemers betreft die tussen drie maanden en minder dan vier maanden anciënniteit tellen;

- vier weken wat de werknemers betreft die tussen vier maanden en minder dan vijf maanden anciënniteit tellen;

- vijf weken wat de werknemers betreft die tussen vijf maanden en minder dan zes maanden anciënniteit tellen;

- zes weken wat de werknemers betreft die tussen zes maanden en minder dan negen maanden anciënniteit tellen;

- zeven weken wat de werknemers betreft die tussen negen maanden en minder dan twaalf maanden anciënniteit tellen;

- acht weken wat de werknemers betreft die tussen twaalf maanden en minder dan vijftien maanden anciënniteit tellen;

- negen weken wat de werknemers betreft die tussen vijftien maanden en minder dan achttien maanden anciënniteit tellen;

- tien weken wat de werknemers betreft die tussen achttien maanden en minder dan eenentwintig maanden anciënniteit tellen;

- elf weken wat de werknemers betreft die tussen eenentwintig maanden en minder dan vierentwintig maanden anciënniteit tellen;

- twaalf weken wat de werknemers betreft die tussen twee jaar en minder dan drie jaar anciënniteit tellen;

- dertien weken wat de werknemers betreft die tussen drie jaar en minder dan vier jaar anciënniteit tellen;

- vijftien weken wat de werknemers betreft die tussen vier jaar en minder dan vijf jaar anciënniteit tellen.".

Art. 3. De opzeggingen betekend vóór de inwerkingtreding van deze afdeling blijven al hun gevolgen behouden.

Art. 4. Deze afdeling treedt in werking op de eerste dag van de tweede maand die volgt op die waarin deze wet is bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad.

Afdeling 2. - Opheffing van de bestaande sectorale verboden

op de inzet van uitzendkrachten

Art. 5. Artikel 23 van de wet van 24 juli 1987 betreffende de tijdelijke arbeid, de uitzendarbeid en het ter beschikking stellen van werknemers ten behoeve van gebruikers wordt vervangen als volgt :

"Art. 23. Verboden zijn de bepalingen in collectieve arbeidsovereenkomsten die voor bepaalde bedrijfstakken een algemeen verbod op de tewerkstelling van uitzendkrachten instellen.".

Afdeling 3. - Wijziging referteperiode

waarborg Sluitingsfonds

Art. 6. Artikel 36, § 1, van de wet van 26 juni 2002 betreffende de sluiting van de ondernemingen, vervangen bij de wet van 11 juli 2006, wordt aangevuld met de volgende zin :

"Voor de werknemers die de verjaring ten aanzien van hun werkgever hebben gestuit door middel van een ingebrekestelling zoals bedoeld in artikel 2244, § 2, van het Burgerlijk Wetboek wordt de termijn van dertien maanden voorafgaand aan de data vastgesteld overeenkomstig de artikelen 3 en 4 op vijfentwintig maanden gebracht".

Afdeling 4. - Wijziging van de wet van 5 maart 2017

betreffende werkbaar en wendbaar werk

Art. 7. In artikel 13, vijfde lid, van de wet van 5 maart 2017 betreffende werkbaar en wendbaar werk, worden de woorden "30 november 2017" vervangen door de woorden "31 december 2017".

Art. 8. Deze afdeling heeft uitwerking met ingang van 30 november 2017.

Afdeling 5. - PWA-arbeidsovereenkomst

Art. 9. In artikel 2 van de wet van 7 april 1999 betreffende de PWA-arbeidsovereenkomst worden de volgende wijzigingen aangebracht :

  1. het eerste streepje wordt vervangen als volgt :

    "- werkgever : het plaatselijke werkgelegenheidsagentschap bedoeld in het laatste streepje, hierna PWA genoemd;";

  2. er wordt een vierde streepje toegevoegd, luidende :

    "- plaatselijke werkgelegenheidsagentschap : de instantie die door de bevoegde gefedereerde entiteit wordt belast met de organisatie van het PWA-systeem, als bedoeld in artikel 6, § 1, IX, 11°, van de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, en die dus bevoegd is voor de organisatie en de controle van activiteiten die men niet aantreft in de reguliere arbeidsmarkt, met het oog op de herinschakeling van bepaalde categorieën van werkzoekenden in de reguliere arbeidsmarkt.".

    Art. 10. In artikel 3 van dezelfde wet wordt het eerste lid vervangen als volgt :

    "De PWA-arbeidsovereenkomst is een overeenkomst waarbij een werknemer zich verbindt om, onder gezag van het PWA en tegen loon, arbeidsprestaties die men niet aantreft in de reguliere arbeidsmarkt te verrichten.".

    Art. 11. In artikel 4, § 1, van dezelfde wet, gewijzigd bij de wet van 3 juni 2007, wordt het tweede lid vervangen als volgt :

    "Het geschrift bevat ten minste de volgende bepalingen :

    - voor wat de werknemer betreft : zijn naam, voornamen en zijn gewone verblijfplaats;

    - voor wat de werkgever betreft : de benaming en het adres van het PWA, evenals de naam van de persoon die het PWA vertegenwoordigt;

    - de activiteiten die kunnen worden voorgesteld aan de werknemer in het kader van de PWA-arbeidsovereenkomst overeenkomstig de geldende reglementering;

    - de maximumduur van de prestaties die kunnen worden verricht in het kader van de PWA-arbeidsovereenkomst;

    - het bedrag van het loon dat aan de werknemer wordt toegekend per begonnen arbeidsuur.".

    Art. 12. Deze afdeling treedt in werking op 1 januari 2018.

    HOOFDSTUK 2. - Sociale cohesie en armoedebestrijding

    Afdeling 1. - Projecten preventie burn-out

    Art. 13. Artikel 191, § 3, van de wet van 27 december 2006 houdende diverse bepalingen (I), ingevoegd bij de wet van 30 december 2009 en gewijzigd bij de wetten van 27 december 2012 en 26 december 2013, wordt gewijzigd als volgt :

  3. tussen het derde en vierde lid, wordt het volgende lid ingevoegd :

    "De Koning kan, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad en na het advies te hebben ingewonnen van de Nationale Arbeidsraad, bepalen dat projecten gericht op de preventie van burn-out en die worden ingediend door de paritaire comités of paritaire subcomités of door ondernemingen, worden gefinancierd met een gedeelte van de bijdrage bedoeld in paragraaf 1.";

  4. het vierde lid, dat het vijfde lid wordt, wordt aangevuld met de volgende zin :

    "Hij kan daarbij afzonderlijk een bedrag bepalen voor enerzijds de projecten gericht op risicogroepen en anderzijds de projecten gericht op de preventie van burn-out.".

    Art. 14. Deze afdeling treedt in werking op 1 januari 2018.

    Afdeling 2. - Overleg over deconnectie

    en gebruik van digitale communicatiemiddelen

    Art. 15. Deze afdeling is van toepassing op de werknemers en de werkgevers die vallen onder het toepassingsgebied van de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités.

    Art. 16. Met het oog op het verzekeren van het respect voor de rusttijden, jaarlijkse vakantie en andere verloven van de werknemers en het vrijwaren van de balans tussen werk en privéleven, organiseert de werkgever in het Comité voor Preventie en Bescherming op het Werk als bedoeld in artikel I.1-3, 14° van de codex over het welzijn op het werk, op regelmatige tijdstippen, en telkens wanneer de werknemersvertegenwoordigers in het Comité erom verzoeken, een overleg over deconnectie van het werk en het gebruik van digitale communicatiemiddelen.

    Het Comité kan op basis van dit overleg aan de werkgever voorstellen formuleren en adviezen uitbrengen.

    Art. 17. De afspraken die in voorkomend geval voortvloeien uit het overleg bedoeld in artikel 16, kunnen worden ingevoerd in het arbeidsreglement volgens de bepalingen van de artikelen 11 en 12 van de wet van 8 april 1965 tot instelling van de arbeidsreglementen of door het sluiten van een collectieve arbeidsovereenkomst in de zin van de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités.

    HOOFDSTUK 3. - Starterjobs voor jongeren

    Afdeling 1. - Starterslonen voor jongeren

    Art. 18. In Titel II, Werkgelegenheid, Hoofdstuk VIII, Start-baanovereenkomst, van de wet van 24 december 1999 ter bevordering van de werkgelegenheid wordt een artikel 33bis ingevoegd, luidende :

    "Art. 33bis. § 1. In afwijking van artikel 33, § 1, kan de startbaanovereenkomst, bedoeld in artikel 27, eerste lid, 1°, evenwel voorzien dat het loon van de nieuwe werknemer van minder dan 21 jaar zonder werkervaring, tewerkgesteld in de private sector, verminderd wordt met :

    1. 6 % in de maanden waarin de nieuwe werknemer op de laatste dag van de maand 20 jaar oud is,

    2. 12 % in de maanden waarin de nieuwe werknemer op de laatste dag van de maand 19 jaar oud is;

    3. 18 % in de maanden waarin de nieuwe werknemer op de laatste dag van de maand 18 jaar oud is.

      Het eerste lid is enkel van toepassing op de werkgevers die ressorteren onder de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités en is enkel van toepassing wanneer het niet-verminderde loon van de nieuwe werknemer niet hoger zou gelegen hebben dan het minimumloon vastgesteld door het bevoegde paritair comité of subcomité, of, in het geval dat dit paritair comité of subcomité geen sectoreigen minimumloon heeft vastgesteld, dan het loon bedoeld in de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 43 van de Nationale Arbeidsraad van 2 mei 1988.

      De toepassing van het eerste lid, a), mag er, voor de werknemer die minstens 12 maanden anciënniteit heeft in de onderneming, evenwel niet toe leiden dat het voltijds loon lager zou zijn dan het loon bedoeld in artikel 3, derde lid van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 43 van de...

Om verder te lezen

PROBEER HET UIT