21 MAART 2021. - Wet tot wijziging van boek XX van het Wetboek van economisch recht en het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992

 
GRATIS UITTREKSEL

FILIP, Koning der Belgen,

Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.

De Kamer heeft aangenomen en Wij bekrachtingen hetgeen volgt :

HOOFDSTUK 1. - Algemene bepaling

Artikel 1. Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 74 van de Grondwet.

HOOFDSTUK 2. - Wijzigingen van het Wetboek van economisch recht

Art. 2. In artikel XX.2 van het Wetboek van economisch recht, ingevoegd bij de wet van 11 augustus 2017, wordt de bepaling onder 2° aangevuld met de woorden ", met uitzondering van de in artikel XX.39/1 bedoelde beschikking".

Art. 3. In boek XX, titel I, hoofdstuk 2, van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 11 augustus 2017, wordt een artikel XX.11/1 ingevoegd, luidende:

"Art. XX.11/1. Wanneer de bepalingen van dit boek voorzien in een verslag van de rechter-commissaris of van de gedelegeerd rechter, kan het verslag ook schriftelijk worden opgesteld, op voorwaarde dat het uiterlijk twee dagen voor de voor het verslag vastgestelde datum in het register neergelegd wordt.".

Art. 4. In artikel XX.28 van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 11 augustus 2017, worden de volgende wijzigingen aangebracht:

  1. in het eerste lid, eerste zin, worden de woorden "vier maanden" vervangen door de woorden "acht maanden";

  2. in het eerste lid, vierde zin, worden de woorden "vier maanden" vervangen door de woorden "tien maanden";

  3. in het tweede lid worden de woorden "acht maanden" vervangen door de woorden "achttien maanden".

    Art. 5. In artikel XX.30 van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 11 augustus 2017, wordt het eerste lid vervangen als volgt:

    "Wanneer gebeurtenissen die leiden tot onbestuurbaarheid van de onderneming of wanneer kennelijke tekortkomingen van de schuldenaar of van een van zijn organen de continuïteit van de onderneming of van haar economische activiteiten in gevaar brengen en de gevraagde maatregel van die aard is dat zij die continuïteit kan vrijwaren, kan de voorzitter van de rechtbank op verzoek van de schuldenaar, het openbaar ministerie of van elke belanghebbende, ingesteld volgens de vormen van het kort geding, een of meer gerechtsmandatarissen aanstellen.".

    Art. 6. In boek XX, titel V, hoofdstuk 1, van het hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 11 augustus 2017, wordt een afdeling 1/1 ingevoegd met als opschrift:

    "Afdeling 1/1. Voorbereidend akkoord" dat een artikel XX.39/1 bevat, luidende:

    "Art. XX.39/1. § 1. Op eenzijdig verzoek van de schuldenaar kan de voorzitter van de ondernemingsrechtbank een gerechtsmandataris aanstellen, met het oog op het verkrijgen van een minnelijk akkoord in de zin van artikel XX.64 of het opstellen van een reorganisatieplan zoals bepaald in artikel XX.67.

    De schuldenaar dient bij zijn verzoekschrift aan te tonen dat de continuïteit van de onderneming onmiddellijk of op termijn bedreigd is, in de zin van artikel XX.45.

    De schuldenaar voegt bij zijn verzoekschrift de stukken voorzien in artikel XX.41, § 2, eerste lid, 1°, 3° en 4°.

    Het verzoekschrift en de navolgende elementen van de procedure worden in het register neergelegd door de schuldenaar en daarin bewaard.

    De voorzitter van de rechtbank duidt een gedelegeerd rechter aan overeenkomstig artikel XX.42. Dit besluit wordt niet bekendgemaakt. Deze gedelegeerd rechter kan ook optreden in de navolgende procedure van gerechtelijke reorganisatie.

    Het openen van een gerechtelijke reorganisatie heeft niet als dusdanig tot gevolg dat de opdracht van de gerechtsmandataris wordt beëindigd. Het vonnis dat de gerechtelijke reorganisatie opent of een later vonnis bepalen in welke mate de opdracht moet worden gehandhaafd dan wel gewijzigd of opgeheven.

    Het verzoek wordt...

Om verder te lezen

PROBEER HET UIT