18 MAART 2022. - Decreet tot wijziging van het Energiedecreet van 8 mei 2009 (1)

Het VLAAMS PARLEMENT heeft aangenomen en Wij, REGERING, bekrachtigen hetgeen volgt:

Decreet tot wijziging van het Energiedecreet van 8 mei 2009

Hoofdstuk 1. - Inleidende bepaling

Artikel 1. Dit decreet regelt een gewestaangelegenheid.

Hoofdstuk 2. - Wijzigingen van het Energiedecreet van 8 mei 2009

Art. 2. In artikel 1.1.3 van het Energiedecreet van 8 mei 2009, het laatst gewijzigd bij het decreet van 22 oktober 2021, worden de volgende wijzigingen aangebracht:

  1. er wordt een punt 56° /0 ingevoegd, dat luidt als volgt:

    "56° /0 gebouweenheid: de kleinste eenheid binnen een gebouw die voldoet aan al de volgende voorwaarden:

    1. geschikt zijn voor woon-, bedrijfsmatige, of recreatieve doeleinden of een gemeenschappelijk deel zijn;

    2. ontsloten worden via een eigen afsluitbare toegang vanaf de openbare weg, een erf of een gedeelde circulatieruimte;

    3. in functioneel opzicht zelfstandig zijn;";

  2. er wordt een punt 56° /1/0/1 ingevoegd, dat luidt als volgt:

    "56° /1/0/1 gemeenteweg: een openbare weg, vermeld in artikel 2, 6°, van het decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen;";

  3. er wordt een punt 68° /1/0 ingevoegd, dat luidt als volgt:

    "68° /1/0 industrieel gebouw: gebouw dat bestemd is voor de productie, de bewerking, de opslag of manipulatie van goederen;";

  4. er wordt een punt 92° /1/0/1 ingevoegd, dat luidt als volgt:

    "92° /1/0/1 niet-residentieel gebouw: een gebouw met een niet-residentiële hoofdbestemming, met uitzondering van:

    1. alleenstaande gebouwen met een totale bruikbare vloeroppervlakte van minder dan 50 m2;

    2. tijdelijke gebouwen die in principe niet langer dan twee jaar worden gebruikt;

    3. gebouwen die worden gebruikt voor erediensten en religieuze activiteiten;

    4. industriële gebouwen;

    5. werkplaatsen;

    6. opslagplaatsen voor niet-industrieel gebruik;

    7. gebouwen van een landbouwgebouw die niet voor bewoning bestemd zijn;".

    Art. 3. Aan artikel 3.1.3, eerste lid, 4°, van hetzelfde decreet, het laatst gewijzigd bij het decreet van 2 april 2021, wordt een punt o) toegevoegd, dat luidt als volgt:

    "o) jaarlijks rapporteren over de financiële gezondheid van de Vlaamse energiemarkt en van de op die markt actieve leveranciers;".

    Art. 4. In artikel 4.1.13 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht:

  5. aan paragraaf 1 wordt een punt 5° toegevoegd, dat luidt als volgt: "5° de wooneenheid of het gebouw betreft geen nieuwbouw.";

  6. in paragraaf 2, 1°, wordt het woord "aansluitbare" telkens vervangen door het woord "niet-aansluitbare";

  7. aan paragraaf 2 wordt een punt 5° toegevoegd, dat luidt als volgt: "5° de wooneenheid of het gebouw betreft geen nieuwbouw.".

    Art. 5. In artikel 4.1.16 van hetzelfde decreet, vervangen bij het decreet van 10 maart 2017, worden de volgende wijzigingen aangebracht:

  8. in het eerste lid worden tussen de woorden "openbaar domein" en de woorden "van de" de woorden "en de gemeentewegen" ingevoegd;

  9. in het tweede lid worden tussen de woorden "openbaar domein" en de woorden "van de" de woorden "en de gemeentewegen" ingevoegd;

  10. in het vijfde lid worden tussen de woorden "openbaar domein" en het woord "tussen" de woorden "en de gemeentewegen" ingevoegd.

    Art. 6. In titel IV, hoofdstuk I, van hetzelfde decreet, het laatst gewijzigd bij het decreet van 4 juni 2021, wordt een artikel 4.1.16/2 ingevoegd, dat luidt als volgt:

    "Art. 4.1.16/2. In afwijking van artikel 4.1.13, 4.1.15, 4.1.16 en 4.1.16/1 voorzien aardgasdistributienetbeheerders voor residentiële gebouwen en niet-residentiële gebouwen waarvoor vanaf 1 januari 2026 een omgevingsvergunning voor stedenbouwkundige handelingen aangaande nieuwbouw worden aangevraagd niet meer in een aansluiting op het aardgasdistributienet.".

    Art. 7. In artikel 4.1.23 van hetzelfde decreet, ingevoegd bij het decreet van 16 maart 2012, worden de volgende wijzigingen aangebracht:

  11. er wordt een paragraaf 3/1 ingevoegd, die luidt als volgt:

    " § 3/1. De Vlaamse Regering kan bepalen in welke gevallen het voor de netbeheerder van algemeen nut is om installaties die deel uitmaken van het elektriciteits- of aardgasdistributienet in of op private onroerende goederen te plaatsen, en onder welke voorwaarden dat moet gebeuren.

    De netbeheerder heeft in het geval, vermeld in het eerste lid, de volgende rechten:

  12. het recht om de installaties, vermeld in het eerste lid, in of op de onroerende goederen, vermeld in het eerste lid, te plaatsen;

  13. het recht om te zorgen voor het toezicht op de installaties, vermeld in het eerste lid;

  14. het recht om de noodzakelijke onderhouds- en herstellingswerken uit te voeren.";

  15. in paragraaf 4 wordt tussen het woord "aangelegde" en het woord "kabels" de zinsnede "installaties," ingevoegd;

  16. in paragraaf 5, tweede lid, wordt de zinsnede "paragraaf 1 tot en met 3" vervangen door de zinsnede "paragraaf 1 tot en met 3/1".

    Art. 8. Aan artikel 4.1.24, § 1, van hetzelfde decreet, ingevoegd bij het decreet van 16 maart 2012, wordt de zinsnede ", en § 3/1" toegevoegd.

    Art. 9. In artikel 4.1.25, eerste lid, van hetzelfde decreet, ingevoegd bij het decreet van 16 maart 2012, wordt de zinsnede "De...

Pour continuer la lecture

SOLLICITEZ VOTRE ESSAI

VLEX uses login cookies to provide you with a better browsing experience. If you click on 'Accept' or continue browsing this site we consider that you accept our cookie policy. ACCEPT