Beslissing nr. 07-0006/W12666 van Vaste Beroepscommissie voor Vluchtelingen, 27 april 2007

Spreker:A. Van Isacker
Datum uitspraak:27 april 2007
Uitgevende instantie::Vaste Beroepscommissie voor Vluchtelingen
Land:Erreur
 
GRATIS UITTREKSEL

BESLISSINGW12666 van 27 april 2007In zake:XGekozen woonplaats: Xtegen:de Commissaris-generaal voor de vluchtelingen en de staatlozen.-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------DE GEMACHTIGDE BIJZITTER VAN DE 2de NEDERLANDSE KAMER,Gezien het verzoekschrift dat X, van Afghanistaanse nationaliteit, op 29 januari 2007 heeft ingediend om de hervorming te vorderen van de beslissing tot weigering van de erkenning van de status van vluchteling van de Commissaris-generaal voor de vluchtelingen en de staatlozen van 15 januari 2007, aan de verzoekende partij verzonden op 18 januari 2007.Gezien de nota van de verwerende partij ingediend op 2 maart 2007.Gelet op de beschikking van 14 maart 2007, verzonden op 16 maart 2007, waarbij de terechtzitting wordt bepaald op 12 april 2007.Gehoord het verslag van gemachtigde bijzitter A. Van Isacker.Gehoord de opmerkingen van de verzoekende partij en haar advocaat D. Coun en van attaché F. Vereeken, die verschijnt voor de verwerende partij.Gelet op artikel 51/4 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen.1. Over de feitelijke gegevens van de zaak.1.1. Verzoeker die volgens zijn verklaringen het Rijk op 6 maart 2005 binnenkwam, verklaarde zich op 8 maart 2005 vluchteling.1.2. De Commissaris-generaal voor de vluchtelingen en de staatlozen verwerpt verzoekers asielaanvraag bij beslissing van 15 januari 2007, verstuurd op 18 januari 2007.1.3. De feiten aan de basis van verzoekers asielaanvraag kunnen als volgt worden samengevat: verzoekers vader heeft jaren geleden een conflict gehad met twee commandanten van Hezb-i-Wahdat, X en X.Ten gevolge hiervan verloor de familie hun gronden die later werden teruggegeven door de Taliban, waardoor zij verdacht werden van collaboratie met voornoemden.1.4. De bestreden beslissing hecht geen geloof aan verzoekers asielrelaas omdat dit bijzonder vaag is en gesteund op veronderstellingen. Bovendien kan verzoeker geen enkel document bijbrengen dat zijn relaas zou kunnen staven.2. Over de gegrondheid van de zaak.2.1. Met betrekking tot het ontbreken van documenten stelt verzoeker dat het hem niet kwalijk kan worden genomen dat hij niet in staat is zijn relaas met stukken te ondersteunen aangezien hij telkens onvoorbereid en bijna instinctief moest vertrekken.2.2. De bewijslast berust in beginsel bij de kandidaat-vluchteling die in de mate...

Om verder te lezen

PROBEER HET UIT