Vonnis nr. 12/1411/A van Rechtbank van eerste aanleg, Mechelen, 4 februari 2014

Datum uitspraak: 4 februari 2014
Uitgevende instantie::Mechelen
 
GRATIS UITTREKSEL

De rechtbank van eerste aanleg te Mechelen, zevende kamer, rechtsprekend in burgerlijke zaken, wijst het volgende vonnis :

A.R. nr. 12/1411/A INZAKE :

De nv AXA BELGIUM (hierna "AXA"), verzekeringsmaatschappij met zetel te 1170 Brussel, Vorstlaan 25, KBO 0404.483.367,

eisende partij op hoofdeis en op tusseneis,

die als raadsman heeft mr. Sylvain Van Roy, advocaat te 2800 Mechelen, er kantoorhoudende Brusselsesteenweg 415

TEGEN :

De heer G J, verwerende partij op hoofdeis, eisende partij op tusseneis,

die als raadsman heeft mr. Roeland Lembrechts, advocaat te 2800 Mechelen, er kantoorhoudende Schuttersvest 4-8

De heer J K, , eerste verwerende partij op tusseneis,

die als raadsman heeft mr. Elisabeth Joris, advocaat te 2800 Mechelen, er kantoorhoudende Koningin Astridlaan 77

De heer Y B, tweede verwerende partij op tusseneis,

die niet verschijnt, noch vertegenwoordigd wordt;

De heer H D, derde verwerende partij op tusseneis,

die als raadsman heeft mr. Jill Simons, advocaat te 2800 Mechelen, er kantoorhoudende Nekkerspoelstraat 97

* * * * *

De rechtbank neemt in acht :

- de gedinginleidende dagvaarding betekend bij exploot van de heer Marcel DE BLAUW, gerechtsdeurwaarder te Mechelen op datum van 25.09.2012, in opdracht van AXA ten aanzien van de heer J;

- de dagvaarding in tussenkomst en vrijwaring betekend bij exploot van de heer Jan WOUTERS, gerechtsdeurwaarder te Mechelen, op datum van 29.10.2012, in opdracht van de heer J ten aanzien van de heren K, B, en D;

- de beschikking van 24.12.2012 verleend overeenkomstig artikelen 747 § 1 en 747 § 2 lid 3 van het gerechtelijk wetboek die het akkoord van de partijen betreffende de conclusiekalender bekrachtigt;

- de conclusies voor de heer J neergelegd ter griffie op 07.01.2013, 30.04.2013, 20.08.2013, en 18.11.2013;

- de conclusie voor de heer K neergelegd ter griffie op 22.02.2013;

- de conclusie voor de heer D neergelegd ter griffie op 22.02.2013;

- de conclusies voor AXA neergelegd ter griffie op 05.04.2013, 12.07.2013 en op 07.11.2013;

- het akkoord van partijen om alle conclusies, ook deze die eventueel laattijdig werden neergelegd, in de debatten op te nemen;

- de voor AXA en de heer J overgelegde stukken.

Op de zitting van 31.12.2013 is de heer B niet verschenen, noch iemand voor hem. Hij heeft in deze procedure ook geen enkele conclusie neergelegd. Bij toepassing van artikel 747§2, 6e lid in fine van het Gerechtelijk Wetboek is huidig vonnis hoe dan ook, ook opzichtens hem op tegenspraak.

* * * * *

  1. Procedure

    De betwisting tussen partijen heeft betrekking op het verhaalsrecht van de verzekeraar (AXA) die vergoedingen heeft uitgekeerd aan slachtoffers van een (als) misdrijf (omschreven feit), tegen aansprakelijke personen die tijdens hun minderjarigheid het als misdrijf omschreven feit hebben gepleegd.

    De oorspronkelijke vordering van AXA, zoals geformuleerd in de gedinginleidende dagvaarding betekend aan de heer J, strekte ertoe:

    - de heer J te veroordelen om aan AXA te betalen de som van euro 17.855,04 onder uitdrukkelijk voorbehoud van vermeerdering of vermindering in de loop van het geding, te vermeerderen met de verwijlinteresten op euro 1.951,42 sedert 16.11.2011, op euro 778,46 sedert 30.11.2011, en op euro 15.126,16 sedert 12.03.2012;

    - "voor te horen verlenen aan mijn verzoekster voor het terugvorderen lastens gedaagde van alle andere, nog niet expliciet in huidig exploot genoemde uitgaven, door haar n.a.v. de veroordeelde feiten gedaan of in de toekomst nog te doen",

    - de heer J te veroordelen tot de gerechtelijke interesten en tot de kosten van het geding,

    - het vonnis uitvoerbaar bij voorraad te verklaren, zonder borgstelling en met verbod van kantonnement.

    De heer J dagvaardde de heren K, B en D in tussenkomst en vrijwaring en ertoe strekkende te horen zeggen voor recht dat het vonnis tegen gedaagden zal kunnen worden ingeroepen, en nadat de hoofdordering van AXA per impossibile ontvankelijk en gegrond zou verklaard worden, gedaagden solidair, minstens in solidum met de heer J te veroordelen tot betaling van de toegekende vergoeding aan AXA, minstens gedaagden te horen veroordelen tot vrijwaring van de heer J van elk gedeelte dat het persoonlijk deel van de hoofdvordering in hoofde van verzoeker overstijgt, en dit voor elke gedaagde ten belope van ¼ van de gegrond verklaarde hoofdvordering. Verder vroeg hij gedaagden te veroordelen tot de gedingkosten en het vonnis uitvoerbaar bij voorraad te verklaren met uitsluiting van kantonnement en zonder borgstelling.

    Bij conclusie van 05.04.2013 stelt AXA een tussenvordering in opzichtens de heren K, B, en D, die ertoe strekt:

    - deze heren te veroordelen ieder afzonderlijk, aan AXA te betalen ¼ van de op hoofdeis gevorderde hoofdsom en interesten,

    - maar te zeggen voor recht dat indien bij de uitvoering zou blijken dat 1 of 2 van de heren K, B, of D onvermogend zou zijn, dat hun aandeel dan naar evenredigheid omgeslagen wordt over alle andere veroordeelden en door hen zal dienen betaald te worden,

    - te horen zeggen voor recht dat het onvermogen ten genoege van recht zal aangetoond zijn aan de hand van een attest van de met de tenuitvoerlegging gelaste gerechtsdeurwaarder, die bevestigt geen realistische mogelijkheid te zien tot uitvoering van de veroordeling binnen een redelijke termijn,

    - verweerders in de gedingkosten te verwijzen,

    - en het vonnis uitvoerbaar te verklaren zonder borgstelling en met uitsluiting van ieder vermogen tot kantonnement.

    AXA heeft haar vordering vervolgens -naar aanleiding van een dading tussen AXA en de heer D- gewijzigd en herleid. Deze vordering wordt in conclusie neergelegd op 12.07.2013 als volgt geformuleerd:

    - akte te verlenen aan AXA BELGIUM van de met D H -en alleen met hem- gesloten dading ter gedeeltelijke vergoeding van haar uitgaven, met behoudt van de passieve solidariteit opzichtens de andere verweerders op hoofd- en tussenvordering;

    - akte te verlenen aan AXA BELGIUM van haar afstand van geding -enkel tegenover D H en van de overeenkomst tussen AXA BELGIUM en D H om opzichtens elkaar geen kosten te vorderen;

    - dienvolgens D H buiten zake te stellen zonder kosten, althans wat de in de eerste besluiten van AXA BELGIUM tegen hem ingestelde tussenvordering betreft;

    - voor het overige akte te verlenen aan AXA BELGIUM van de herleiding van haar hoofdeis opzichtens G J en van de wijziging van haar tussenvordering opzichtens K J en B Y;

    - de herleide hoofd- en gewijzigde tussenvordering van AXA BELGIUM ontvankelijk en tevens gegrond te verklaren en vervolgens:

    - wat de hoofdvordering betreft: verweerder op hoofdeis (de heer J) te veroordelen om te betalen aan AXA de som van euro 13.879,14, te vermeerderen met de verwijlinteresten op euro 1.951,42 sedert 16.11.2011, op euro 778,46 sedert...

Om verder te lezen

PROBEER HET UIT