Arrest nr. S.12.0001.N van Hof van Cassatie, België, 10 maart 2014

Datum uitspraak:10 maart 2014
Uitgevende instantie::België
 
GRATIS UITTREKSEL

Nr. S.12.0001.N

STAD GENT, vertegenwoordigd door het college van burgemeester en schepe-nen, met kantoor te 9000 Gent, Botermarkt 1,

eiseres,

vertegenwoordigd door mr. Willy van Eeckhoutte, advocaat bij het Hof van Cas-satie, met kantoor te 9051 Gent, Drie Koningenstraat 3, waar de eiseres woon-plaats kiest,

tegen

A G,

verweerder.

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het arbeidshof te Gent van 20 november 2009.

Advocaat-generaal Henri Vanderlinden heeft op 10 februari 2014 ter griffie een conclusie neergelegd.

Raadsheer Koen Mestdagh heeft verslag uitgebracht.

Advocaat-generaal Henri Vanderlinden heeft geconcludeerd.

II. CASSATIEMIDDEL

De eiseres voert in haar verzoekschrift een middel aan.

Geschonden wettelijke bepalingen

- artikel 149 gecoördineerde Grondwet van 17 februari 1994;

- de artikelen 1, eerste lid, 9°, 3bis, inzonderheid eerste lid, 6, § 2 en § 3, en 16, tweede lid, van de wet van 3 juli 1967 betreffende de preventie van of de schade-vergoeding voor arbeidsongevallen, voor ongevallen op de weg naar en van het werk en voor beroepsziekten in de overheidssector;

- de artikelen 1, eerste lid, 1°, en 11 van het koninklijk besluit van 13 juli 1970 betref¬fende de schadevergoeding ten gunste van sommige personeelsleden van provincies, gemeenten, agglomeraties en federaties van gemeenten, verenigingen van gemeenten, openbare centra voor maatschappelijk welzijn, diensten, instellingen en verenigingen voor maatschappelijk welzijn, diensten van het College van de Vlaamse Ge¬meenschapscommissie en diensten van het College van de Franse Gemeenschaps¬commissie en openbare kassen van lening, voor arbeidsongevallen en voor ongevallen op de weg naar en van het werk;

- de artikelen 22, 25, inzonderheid eerste en derde lid, en, voor zoveel als nodig, 72 van de wet van 10 april 1971 betreffende de arbeidsongevallen;

- voor zoveel als nodig, artikel 32 van het koninklijk besluit van 24 januari 1969 betreffende de schadevergoeding ten gunste van personeelsleden van de overheidssector, voor arbeidsongevallen en voor ongevallen op de weg naar en van het werk;

- voor zoveel als nodig, artikel 1068, tweede lid, Gerechtelijk Wetboek.

Aangevochten beslissingen

In de bestreden beslissing verklaart het arbeidshof, recht sprekend over de oorspronke¬lijke vordering van de verweerder tot het verkrijgen van vergoedingen voor tijdelijke arbeidsongeschiktheid, het hoger beroep van de eiseres ongegrond. Het arbeidshof beslist dat de eiseres aan de verweerder zonder tijdsbeperking de vergoedingen dient uit te betalen voor de periode van tijdelijke arbeidsongeschiktheid na de consolidatiedatum, tenzij aangetoond wordt dat de arbeidsongeschiktheid vanaf 4 augustus 2007 geen causaal verband vertoont met het arbeidsongeval van 9 oktober 1987. Het arbeidshof bevestigt het vonnis van de eerste kamer van de arbeidsrechtbank te Gent van 1 de¬cember 2008, met inbegrip van de erin bevolen onderzoeksmaatregel, beslist dat de vraag tot het verlenen van een bijkomende opdracht aan de deskundige niet kan worden ingewilligd en ver-zendt de zaak, met toepassing van artikel 1068, tweede lid, Gerechtelijk Wetboek, naar de eerste rechter voor verdere afhandeling. Die beslissingen zijn gesteund op de volgende vaststellingen en motieven:

"3. Beoordeling.

3.1. [ ... ]

3.2. Met betrekking tot de feitelijke elementen blijkt uit de neergelegde stukken

dat [de verweerder], tewerkgesteld als contractueel arbeider (vakman-onderhoud) van de [eiseres], op 9 oktober 1987 slachtoffer is geworden van een arbeidsongeval (knieletsel), met consolidatie op 28 augustus 1990 met een blijvende arbeidsonge-schiktheid van 16%, ingevolge herziening verminderd tot 8% vanaf 5 november 1993. Op 4 augustus 2007 wordt [de verweerder] opnieuw tijdelijk volledig arbeidsonge¬schikt met operatie van de knie in september 2007.

Op 14 november 2007 beëindigde [de eiseres] de arbeidsovereenkomst met op-zeggingsvergoeding voor de periode van 14 november 2007 tot en met 5 maart 2008. Vanaf 6 maart 2008 heeft [de eiseres] de vergoedingen voor tijdelijke arbeidsonge¬schiktheid, die ze tot dan toe betaald heeft zonder betwisting van het causaal verband, stopgezet, omdat [de verweerder] niet meer bij haar in dienst is. De vergoedingen voor 8% blijvende arbeidsongeschiktheid werden verder uitbetaald.

3.3. Oorspronkelijk voorzag de wet van 3 juli 1967 betreffende arbeidsongevallen in de publieke sector enkel de vergoedingen voor de blijvende arbeidsongeschiktheid ten gevolge van een arbeidsongeval of een beroepsziekte.

Door invoering van artikel 3bis werd de vergoeding voor tijdelijke arbeidsongeschiktheid ook toegekend aan slachtoffers van arbeidsongevallen op dezelfde wijze als voorzien in de arbeidsongevallenwet van 10 april 1971 (privé-sector), dit is 90% van het gemiddeld dagloon. Artikel 3bis voorziet nochtans een voorbehoud, nl. "van de toepassing van een meer gunstige wets- of verordenings-bepaling".

Dergelijke meer gunstige regeling wordt voorzien in artikel 32 van het KB van 24 januari 1969, toepasselijk voor personeel in de federale ministeries, het onderwijs, de staatsinstellingen, de gewesten en gemeenschappen: dit is het behoud van de gewone wedde gedurende de periode van tijdelijke arbeidsongeschiktheid.

Aangezien een dergelijke bepaling ontbreekt in het KB van 13 juli 1970 wordt het aan de lokale en provinciale overheden overgelaten om dit te regelen, o.a. door een per¬soneelsreglement.

Artikel 32 KB van 24 januari 1969 is eveneens van toepassing voor contractuelen en statutair personeel, voor wie de lokale en provinciale overheden regulerend kunnen optreden.

In casu werd dergelijk personeelsreglement door de [eiseres] ingevoerd (stuk 1 en 2 dossier [van de eiseres] en stuk 14 dossier [van de verweerder]).

3.4. Artikel 69 van het personeelsreglement van de [eiseres] geldt voor de statutaire personeelsleden en bepaalt dat verlof wegens arbeidsongeschiktheid wordt toe¬gestaan zonder tijdsbeperking indien de arbeidsongeschiktheid te wijten is aan een arbeidsongeval.

Artikel 69bis maakt deze regel ook van toepassing op de contractuelen die slachtoffer zijn geworden van een arbeidsongeval en bepaalt: een contractueel personeelslid dat het slachtoffer werd van een arbeidsongeval geniet tijdens de periode van tijdelijke arbeidsongeschiktheid een vergoeding conform de wettelijke regeling van toepassing op de statutaire personeelsleden.

Stelt zich dan de vraag wat er gebeurt in geval de arbeidsrelatie wordt stopgezet, bvb. bij ontslag van een contractueel personeelslid?

Het einde van de arbeidsovereenkomst brengt ook het einde mee van de verloning, zodat artikel 32 KB 24 januari 1969 niet meer van toepassing is; maar indien de periode van tijdelijke arbeidsongeschiktheid nog verder loopt, dan verzekert artikel 3bis wet 3 juli 1967 voor het slachtoffer het behoud van de vergoedingen voor tijdelijke ar¬beidsongeschiktheid.

Dit wordt bevestigd door de rechtspraak van het Hof van Cassatie, dat artikel 3bis wet 3 juli 1967 toepasselijk acht, zelfs na het beëindigen van de arbeidsovereenkomst (vgl. Cass. 10 oktober 2005, SRK 2007, p. 531).

Indien de wedde niet meer moet betaald worden, bvb. omwille van ontslag, dan heeft het slachtoffer derhalve overeenkomstig artikel 3bis Arbeidsongevallenwet 3 juli 1967 (publieke sector) recht op een vergoeding volgens de arbeidsongevallenwet private sector (zie studiedag FOD Justitie dd. 19 februari 2004, Arbeidsongevallen in de pu¬blieke sector, B. Lietaert, Syllabus p. 34).

Concreet betekent dit dat [de eiseres] aan [de verweerder] zonder tijdsbeperking de vergoedingen dient uit te betalen voor de periode van tijdelijke arbeidsongeschiktheid na de consolidatiedatum, tenzij er aangetoond wordt dat de arbeidsongeschiktheid vanaf 4 augustus 2007 geen causaal verband vertoont met het arbeidsongeval dd. 9 oktober 1987.

Dit sluit naadloos aan bij de "bijzonderheid i.v.m. de tijdelijke volledige ar-beidsonge¬schiktheid" (zie B. Lietaert, arbeidsongevallen publieke sector, p. 37), nl. dat bij een herval na consolidatie aanvaard wordt dat het slachtoffer recht heeft op de daaraan gekoppelde vergoedingen van tijdelijke arbeidsongeschiktheid, bvb. bij herstel na een operatieve ingreep.

3.5. Aangezien de vraag naar het causaal verband tussen de arbeidsongeschiktheid vanaf 4 augustus 2007 en het arbeidsongeval dd. 9 oktober 1987 van louter medische aard is, heeft de eerste rechter terecht een geneesheer-deskundige aangesteld, zodat het vonnis a quo - met de erin bevolen onder-zoeksmaatregel - wordt bevestigd.

3.6. Met betrekking tot de "bijkomende opdracht" aan de deskundige (zie beschikkend gedeelte van de conclusies van [de verweerder]) merkt het arbeidshof op dat [de verweerder] in feite een herziening vordert van de blijvende arbeidsongeschiktheid (zie expliciet beschikkend gedeelte van de conclusies van 6 april 2009 en 1 juli 2009 - stuk 15 en 18 dossier van de rechtspleging), maar een tweede herziening buiten de herzieningstermijn is onwettig (vgl. Cass. 19 juni 1971, Arr. Cass. 71, 1041).

In zover verwezen wordt naar artikel 25 Arbeidsongevallenwet 10 april 1971 (privé-sector), is dergelijke verwijzing irrelevant, vermits de publieke sector een identieke bepaling voorziet in artikel 6, § 3, wet 3 juli 1967 (overheidssector), dit is de tijdelijke verergering.

Zelfs indien er na de consolidatie geen wedertewerkstelling (= reaffectatie in over-heidsdienst) is, heeft het slachtoffer recht op vergoedingen voor tijdelijke arbeidson-geschiktheid (zie B. Lietaert, o.c., p. 38).

De vraag tot bijkomende opdracht aan de deskundige, zoals omschreven door [de verweerder] in ondergeschikte orde, kan dan ook niet ingewilligd worden."

Grieven

1. Eerste onderdeel

1.1 De eiseres voerde in haar regelmatig aan het arbeidshof voorgelegde syn-thesecon¬clusie aan:

"b. Bovendien legt artikel 6, § 3, Arbeidsongevallenwet Publieke Sector aan de tewerkstellende overheid enkel de verplichting op om vergoedingen wegens tijdelijke ongeschiktheid te betalen tijdens de afwezigheidsperiode,...

Om verder te lezen

PROBEER HET UIT