Arrest nr. 106273 van Raad Voor Vreemdelingenbetwistingen - IIde Kamer, 3 juli 2013

Land:Syrië
Spreker:M. Ekka
Uitgevende instantie::Raad Voor Vreemdelingenbetwistingen - IIde Kamer
Datum uitspraak: 3 juli 2013
 
GRATIS UITTREKSEL
nr. 106 273 van 3 juli 201 in de zaak RvV X / II

In zake: X

Gekozen woonplaats: XX

tegen:

de Belgische staat, vertegenwoordigd door de staatssecretaris voor Asiel e Migratie, Maatschappelijke Integratie en Armoedebestrijding.

DE WND. VOORZITTER VAN DE IIde KAMER,

Gezien het verzoekschrift dat X en X, handelend in eigen naam en in hun hoedanigheid van wettelij vertegenwoordigers van hun minderjarig kind X, en X, die allen verklaren van Syrische nationaliteit t zijn, op 28 maart 2013 hebben ingediend om de schorsing van de tenuitvoerlegging en d nietigverklaring te vorderen van de beslissingen van de gemachtigde van de staatssecretaris voor Asie en Migratie, Maatschappelijke Integratie en Armoedebestrijding van 14 maart 2013 tot weigering va verblijf met bevel om het grondgebied te verlaten (bijlagen 26 quater). Gezien titel Ibis, hoofdstuk 2, afdeling IV, onderafdeling 2, van de wet van 15 december 198 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering va vreemdelingen. Gezien de nota met opmerkingen en het administratief dossier. Gelet op de beschikking van 5 juni 2013, waarbij de terechtzitting wordt bepaald op 27 juni 2013. Gehoord het verslag van rechter in vreemdelingenzaken M. EKKA. Gehoord de opmerkingen van advocaat M. VAN GAAL, die ter terechtzitting de eerste verzoekend partij vertegenwoordigt en de overige verzoekende partijen bijstaat, en van advocaat S. MATROYE, di loco advocaat E. MATTERNE verschijnt voor de verwerende partij. WIJST NA BERAAD HET VOLGENDE ARREST:

1. Nuttige feiten ter beoordeling van de zaak 1.1. Verzoekers dienden op 19 november 2012 een asielaanvraag in bij de Belgische autoriteiten. Zi waren in het bezit van een Syrisch paspoort voorzien van een Italiaans visum. 1.2. Op 20 december 2012 werd aan de Italiaanse autoriteiten gevraagd verzoekers over te nemen o grond van artikel 9.2. van de verordening (EG) Nr. 343/2003 van de Raad van 18 februari 2003 to vaststelling van de criteria en instrumenten om te bepalen welke lidstaat verantwoordelijk is voor d behandeling van een asielverzoek dat door een onderdaan van een derde land bij een van de lidstate wordt ingediend (hierna: de Dublin II-verordening). RvV X - Pagina 1 van 19 1.3. Aangezien niet binnen de gestelde termijnen geantwoord werd op het in punt 1.2. vermelde ver-zoek, werd Italië op grond van een 'tacit agreement' verantwoordelijk geacht voor verzoekers overname,

gelet op artikel 18.7 van de Dublin II-verordening. Dit werd kenbaar gemaakt aan de Italiaans autoriteiten op 21 februari 2013. 1.4 Op 14 maart 2013 neemt de gemachtigde van de staatssecretaris voor Asiel en Migratie,

Maatschappelijke Integratie en Armoedebestrijding drie beslissingen tot weigering van verblijf met beve om het grondgebied te verlaten (bijlagen 26quater). Zij vormen de bestreden beslissingen, di gemotiveerd zijn als volgt: - t.a.v. eerste verzoekende partij: "België is niet verantwoordelijk voor de behandeling van de asielaanvraag die aan Italië (1) toekomt, me toepassing van artikel 9.2 en artikel 18.7 van de Verordening van de Raad (EG) Nr. 343/2003 va 18/02/2003. Betrokkene vroeg op 19/11/2012 het statuut van vluchteling aan bij de bevoegde Belgische autoriteiten.

Betrokkene verklaart tijdens zijn verhoor op de dienst Vreemdelingenzaken van 22/11/2012 dat hij o 13/11/2012 Syrië heeft verlaten per vliegtuig en met transit in de Verenigde Arabische Emiraten naa Italië is gereisd. Betrokkene verklaart dat hij op 14/12/2012 in Italië is aangekomen en dezelfde dag no per trein is vertrokken en via Frankrijk naar België reisde waar hij op 15/11/2012 zou zijn aangekomen.

Betrokkene verklaarde dat hij legaal reisde met zijn paspoort met Italiaans visum bekomen via d smokkelaar. Betrokkene legt zijn paspoort (006367090) voor met schengenvisum (020963795 geldi tussen 04/10/2012 tot 04/04/2013 voor een periode van 30 dagen) afgeleverd door de Italiaans ambassade te Beiroet. De binnenkomststempel toont aan dat betrokkene op 14/11/2012 in Milaan i aangekomen. Betrokkene reisde samen met zijn vrouw [...] en hun twee kinderen [...] Gelet op bovenstaande gegevens werd op 20/12/2012 een overnameverzoek op basis van art 9.2 va de Verordening van de Raad (EG) Nr. 343/2003 van 18/02/2003 verstuurd aan de Italiaans autoriteiten. Aangezien de Belgische autoriteiten op 20/02/2013 nog geen antwoord hadden ontvange van Italië stond dit, overeenkomstig artikel 18.7 van Verordening (EG) Nr. 343/2003 van 18/02/200 (Dublin II Verordening), gelijk met de aanvaarding van het terugnameverzoek. Italië werd hierdoor o 21/02/2013 de verantwoordelijke lidstaat voor de behandeling van de asielaanvraag van betrokkene. Di hield tevens de verplichting in om betrokkene over te nemen en zijn asielaanvraag te behandelen. W hebben dit aan de Italiaanse autoriteiten laten weten met een Tacit Agreement van 21/02/2013.

Gevraagd naar redenen waarom betrokkene precies in België zijn asielaanvraag wou indienen (vraag

38) stelt betrokkene dat hij van België houdt en dat België de mensenrechten respecteert. Betrokken verklaart verder nog dat hij reeds eerder naar België, Frankrijk, Canada en Amerika kwam. Hij stelt no dat zijn doopkind (zoon van zijn schoonzus) ook in België verblijft. Er werd betrokkene eveneen gevraagd naar redenen met betrekking tot omstandigheden van opvang of van behandeling die ee verzet tegen een overdracht naar de verantwoordelijke lidstaat zouden kunnen rechtvaardigen (vraag

40). Betrokkene stelt dat hij niet naar Italië wil worden teruggestuurd. Hij stelt dat hij de visa via ee smokkelaar heeft verkregen. De Belgische asielinstantie kan onder geen enkel beding voldoen aan d wil van betrokkene om zijn asielaanvraag in België te behandelen gezien dit zou neerkomen op he ontkennen van het objectief dat Europa voor ogen heeft in zijn Verordening waarbij de criteria en d mechanismen worden vastgelegd om te bepalen welke lidstaat verantwoordelijk is voor de behandelin van een asielaanvraag en om een vrije keuze van de asielzoeker uit te sluiten. De loutere persoonlijk appreciatie van een Lidstaat door de betrokkene kan dan ook geen grond kan zijn voor de toepassin van de soevereiniteitsclausule van Verordening 343/2003. In een schrijven gericht aan onze diensten op 04/01/2013 vraag Meester Van Gaal, in de hoedanighei van raadsman van de familie [S.] om de asielaanvraag in België te behandelen door toepassing van art

3.2 (soevereiniteitsclausule) van de Dublin II Verordening. Vooreerst wordt verwezen naar de aanwezigheid van familieleden in België. De zus van [L.H.] [...] verblijft in België met haar gezin. Zij heeft d Belgische nationaliteit en verblijft reeds sinds 2003 in België, bijgevolg reeds geruime tijd gescheide van haar zus. Een andere zus van [L.H.] [...] verblijft eveneens in België. Haar asielprocedure i momenteel nog in behandeling en het onderzoek naar de verantwoordelijke lidstaat is nog lopend.

Bovendien maakt betrokkene geen deel uit van het gezin van de in België verblijvende familie volgen art 2.i van de Verordening. Een behandeling van de asielaanvraag van betrokkene in België op basi van art 7, 8 of 15 is niet aan de orde. Verder verwijst Meester Van Gaal naar de volgens haar bijzonder precaire omstandigheden voo asielzoekers in Italië. Zij verwijst hierbij naar meerdere rapporten die tekortkomingen in het Italiaans asielsysteem en voornamelijk in de opvang zouden aantonen waarbij eveneens gewezen wordt op d immense toestroom van asielzoekers in Italië na de politieke gebeurtenissen die plaatsgrepen in Noord- RvV X - Pagina 2 van 19 Afrika. Meester Van Gaal vreest dat de fysieke integriteit van haar cliënten niet kan gegarandeer worden. We merken op dat elke Lidstaat is gehouden te onderzoeken of een overdracht aan een ander Lidstaat zou kunnen leiden tot een reëel gevaar op blootstelling aan omstandigheden die in strijd zij met artikel 3 van het Europees Verdrag tot Bescherming van de Rechten van de Mens (EVRM).

Hieromtrent wijzen we er op dat het aan de betrokkene toekomt om op grond van concrete, op haa individuele zaak betrokken feiten en omstandigheden aannemelijk te maken dat ze bij een overdrach aan Italië een reëel risico loopt te worden blootgesteld aan omstandigheden die een schending zoude kunnen zijn van artikel 3 van het EVRM. Er kan op basis van de door betrokkene aangehaald verklaringen en elementen geen intentionele bedreiging, uitgaande van de Italiaanse autoriteiten, op zij leven, vrijheid of fysieke integriteit worden vastgesteld. Het is aan betrokkene om aannemelijk te make dat er zich in zijn zaak feiten en omstandigheden voordoen op basis waarvan het vermoeden va eerbiediging door de verdragspartijen van het Vluchtelingenverdrag en art. 3 van het EVRM worde weerlegd. Hiervan is sprake als de asielzoeker aannemelijk maakt dat in de asielprocedure van d verantwoordelijke lidstaat ten aanzien van de asielzoeker niet zal worden onderzocht en vastgesteld o er sprake is van een schending van het Vluchtelingenverdrag of van art. 3 van het EVRM, hetgeen hie niet het geval is. Betrokkene reisde met zijn paspoort naar Italië en vertrok er nog dezelfde dag.

Betrokkene vroeg er geen asiel aan. Eventuele vrees voor een schending van art 3 EVRM is derhalv niet gestoeld op de persoonlijke ervaringen van betrokkene. Daar waar Meester Van Gaal verwijst naar verslagen en rapporten uit 2008, 2009 en 2010 merken w op dat deze niet recent zijn en bijgevolg niet meer als relevant beschouwd kunnen worden. Betreffend de meer recente rapporten merken we het volgende op. Uit vermelde recente rapporten (Norwegia Organisation for Asylum Seekers (NOAS), "The Italian approach to asylum: System and core problems",

Oslo, april 2011 & Schweizerische Flüchtelingshilfe/OSAR, "Asylum procedure and reception condition in Italy - Report on the situatie of asylum seekers, refugees, and persons under subsidiary o humanitarian protection, with focus on Dublin returnees", Bern mei 2011), kan worden...

Om verder te lezen

PROBEER HET GRATIS UIT