Arrest nr. 106798 van Raad Voor Vreemdelingenbetwistingen - IVde Kamer, 16 juli 2013

Land:Ghana
Spreker:K. Declerck
Uitgevende instantie::Raad Voor Vreemdelingenbetwistingen - IVde Kamer
Datum uitspraak:16 juli 2013
 
GRATIS UITTREKSEL
nr. 106 798 van 16 juli 2013

in de zaken RvV X / IV, RvV X / IV, RvV X / IV en RvV X / IV

In zake: 1. X

2. in eigen naam en als wettelijke vertegenwoordigers van hun minderjarig kinderen X en X

Gekozen woonplaats: X

tegen:

de commissaris-generaal voor de vluchtelingen en de staatlozen

DE WND. VOORZITTER VAN DE IVde KAMER,

Gezien de verzoekschriften die X en X, die verklaren respectievelijk van Ghanese en Nigeriaans nationaliteit te zijn, in eigen naam en als wettelijke vertegenwoordigers van hun minderjarige kinderen en X, op 12 en 15 april 2013 hebben ingediend tegen de beslissingen van de commissaris-generaa voor de vluchtelingen en de staatlozen van 12 maart 2013.

Gelet op artikel 51/4 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, he verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen.

Gezien de administratieve dossiers.

Gelet op de beschikkingen van 15 mei 2013 waarbij de terechtzitting wordt bepaald op 11 juni 2013.

Gehoord het verslag van rechter in vreemdelingenzaken K. DECLERCK.

Gehoord de opmerkingen van eerste verzoekende partij en haar advocaat H. VAN NIJVERSEEL loc advocaat B. VRIJENS, die tevens tweede verzoekende partij vertegenwoordigt, en van attaché H.

JONCKHEERE, die verschijnt voor de verwerende partij.

WIJST NA BERAAD HET VOLGENDE ARREST:

1. Over de gegevens van de zaak 1.1. Verzoekster Z.U. kwam volgens haar verklaringen op 30 januari 2006 het Rijk binnen. Verzoeke A.H. kwam volgens zijn verklaringen op 29 mei 2007 het Rijk binnen. Beiden dienden op 14 januari 201 een tweede asielaanvraag in. Op dezelfde dag dienden verzoekers Z.U. en A.H. een eerst asielaanvraag in voor hun minderjarige kinderen, A.F.H. en A.E.H, beiden in het Rijk geboren o respectievelijk 14 december 2008 en 2 februari 2011. Op 12 maart 2013 nam de commissaris-generaa voor de vluchtelingen en de staatlozen voor verzoekers een beslissing tot weigering van d hoedanigheid van vluchteling en tot weigering van de subsidiaire beschermingsstatus genomen in de zi van artikel 48/3 en artikel 48/4 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het RvV X, RvV X, RvV X en RvV X- Pagina 1 grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen (hierna: d Vreemdelingenwet). Het onderhavige beroep is gericht tegen deze beslissingen.

1.2. De bestreden beslissing van de commissaris-generaal voor de vluchtelingen en de staatlozen te aanzien van verzoeker A.H. luidt als volgt: "A. Feitenrelaas

U verklaarde de Ghanese nationaliteit te bezitten en afkomstig te zijn uit Kumasi. U bent de partne van U.Z. (...) (OV X - CG X), van Nigeriaanse nationaliteit. U heeft 2 zonen met haar, met name H.H.Z.

(...), geboren in Sint-Niklaas op 4 oktober 2006, van Nigeriaanse nationaliteit, die de procedure van zij moeder volgt en A.F.H. (...) (OV X - CG X), geboren in Overpelt op 14 december 2008, van Ghanes nationaliteit. Op 2 februari 2011 werd jullie dochter, A.E.H. (...) (OV X - CG X in Kortrijk geboren. D DVZ maakte haar dossier over zonder haar nationaliteit te bepalen. U vroeg een eerste maal asiel aan op 1 juni 2007. Op 18 september 2007 nam de Commissarisgeneraal een beslissing tot weigering van de vluchtelingenstatus en weigering van de subsidiair beschermingsstatus. U tekende op 1 oktober 2007 beroep aan bij de Raa voor Vreemdelingenbetwistingen (RVV) tegen deze beslissing, maar op 14 december 2007 bevestigd de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen de beslissing van de Commissaris-generaal. U keerde nie naar uw land van oorsprong terug. U vroeg op 14 januari 2013 voor de tweede maal asiel aan. U zei dat u blijft bij de verklaringen die in het kader van uw eerste asielaanvraag aflegde. U haalde 2 nieuwe elementen aan om u tweede asielaanvraag te staven. Ten eerste voerde u aan dat u in 2008 vernam HIV positief te zij en behandeling nodig te hebben. U stelt dat u bij terugkeer naar Ghana niet de nodige medicatie za krijgen en dat u en uw familie gestigmatiseerd en uitgescholden zullen worden. Daarnaast stelde u dat vreest dat uw dochter, A.E.H. (...), bij een eventuele terugkeer naar Ghana op aandringen va uw ouders besnijdenis zou ondergaan. U vreest ook dat uw dochter in Nigeria, het land waarvan u partner de nationaliteit heeft, besnijdenis zou kunnen ondergaan indien zij zich naar dat land zo begeven. B. Motivering

Er dient te worden vastgesteld dat u er niet in geslaagd bent om uw 'vrees voor vervolging' i de zin van de Vluchtelingenconventie of een 'reëel risico op het lijden van ernstige schade'

zoals bepaald in de definitie van subsidiaire bescherming aannemelijk te maken.

Vooreerst kunnen volgende opmerkingen worden gemaakt bij uw eerste asielaanvraag. Op 18 september 2007 nam de Commissaris-generaal een beslissing tot weigering va de vluchtelingenstatus en weigering van de subsidiaire beschermingsstatus. In deze beslissin wordt betwist dat u in Nigeria werkelijk problemen zou hebben gehad met de familie van uw partner,

U.Z. (...), omwille van uw omstreden relatie met haar en omwille van haar zwangerschap. I deze beslissing wordt ook betwist dat u hierdoor ook problemen met uw eigen familie in Ghana zo hebben gehad. De weigeringsbeslissing van het CGVS werd op 14 december 2007 bevestigd door d Raad voor Vreemdelingenbetwistingen. U beweert niettemin dat u blijft bij de verklaringen die u in he kader van uw eerste asielaanvraag heeft aangehaald (gehoor CGVS, p. 2). Voor wat de nieuwe elementen betreft die u in het kader van uw tweede asielaanvraag aanhaalde,

met name het feit dat u HIV positief bent en uw bewering dat uw dochter Eman besnijdenis riskeer zowel in Ghana als in Nigeria, kunnen volgende bedenkingen worden gemaakt. U stelde dat in 2008 bij u de diagnose werd gesteld dat u HIV positief bent. U legde in dat verband een brief (dd. 30/07/2012) voor van arts-adviseur Louis Liesenborghs me een evaluatie van uw medisch dossier en een weigeringsbeslissing (dd. 24/08/2012 (beteken op 7/09/2012)) van de Dienst Humanitaire Regularisaties van de Dienst Vreemdelingenzake met betrekking tot uw aanvraag om machtiging tot verblijf op basis van medische redenen (art 9ter va de Vreemdelingenwet). U stelde voor wat uw HIV positieve status betreft enerzijds sociale uitsluitin te vrezen en anderzijds een gebrek aan medische behandeling voor uw ziekte. RvV X, RvV X, RvV X en RvV X- Pagina 2 Met betrekking tot de door u aangehaalde vrees voor sociale uitsluiting omwille van uw HI positieve status dient het volgende te worden vastgesteld. Uw verklaringen in dit verband bevatten geen concrete elementen die er op wijzen dat er voor u bi een terugkeer een 'gegronde vrees voor vervolging' of een 'reëel risico op het lijden van ernstig schade' zou bestaan. Uit uw verklaringen blijkt dat u uw moeder in 2008 heeft ingelicht over het feit dat ziek was ; u verklaarde dat ze raar reageerde (gehoor CGVS, p. 9) en dat ze u niet zou acceptere (gehoor CGVS, p. 9). U stelde verder dat uw behandelende dokter in België u zei dat u problemen zo krijgen omdat de houding van mensen tegenover mensen met HIV slecht is, niet alleen van uw famili maar ook van anderen (gehoor CGVS, p. 12). U zei verder ook nog stigmatisering te vrezen en doo iedereen te worden uitgescholden (gehoor CGVS, p. 13). Om tot een erkenning van d vluchtelingenstatus te leiden, dienen de discriminatie en het ontzeggen van bepaalde rechten dermat systematisch en ingrijpend te zijn dat hierdoor fundamentele mensenrechten worden aangetas waardoor het leven in het land van herkomst ondraaglijk wordt. Uw verklaringen in dit verband zij echter te algemeen en te vaag om een 'gegronde vrees voor vervolging' of een 'reëel risico op het lijde van ernstige schade' te kunnen vaststellen. Uit uw verklaringen blijkt dat u enkel uw moeder inlichtt over uw HIV positieve status (gehoor CGVS, p. 9). U zei dat u niet zo'n goede band hebt met uw vade en dat u met hem niet sprak (gehoor CGVS, p. 10). U verklaarde dat uw ouders uit elkaar gingen toen het land verliet (gehoor CGVS, p. 2). U stelde verder dat u - naast uw familie - ook 'iedereen' vreest di een negatieve houding zou hebben tegenover u omwille van uw HIV positieve status (gehoor CGVS, p.

12 en 13). Uit uw verklaringen blijkt echter dat u in 2008 een eenmalig gesprek met uw moeder had ove uw HIV positieve status, maar dat u haar nadien niet meer contacteerde (gehoor CGVS, p. 2-4). Het i weinig aannemelijk dat u op basis van een gesprek met uw moeder van 4 à 5 jaar geleden een correct inschatting zou kunnen maken van haar houding tegenover u bij een eventuele terugkeer naar Ghana.

Het valt immers niet uit te sluiten dat zij - als moeder van haar oudste zoon (gehoor CGVS, p. 13) intussen een meer genuanceerde houding heeft aangenomen tegenover uw gezondheidsproblemen. Hoewel uit informatie waarover het CGVS beschikt blijkt dat discriminatie van HI positieve/AIDS patiënten nog steeds voorkomt binnen de Ghanese samenleving blijkt uit deze informati evenzeer dat de Ghanese overheid - in de gestalte van de in 2000 opgerichte Ghana Aids Commissio (GAC) - in samenwerking met diverse NGO's talrijke initiatieven heeft genomen en neemt om d stigmatisering en discriminatie van HIV positieve patiënten tegen te gaan. De GAC coördineert all campagnes en initiatieven in verband met HIV. De campagnes ter bestrijding van discriminatie e stigmatisering van HIV patiënten vinden ook plaats in afgelegen gebieden in Ghana en op scholen (zi informatie in het administratief dossier). Hieruit blijkt dat - ondanks het feit dat sociale discriminatie va HIV positieve patiënten mogelijk is, deze situatie niet van die aard is om te besluiten dat elke persoo met HIV/aids, louter omwille van haar of zijn medische situatie een gegronde vrees voor vervolgin in vluchtelingenrechtelijke zin, of een reëel risico op het lijden van ernstige schade zoals bepaald i artikel 48/4, §2, a en b van de Vreemdelingenwet kan doen gelden. Zulks moet steeds in concreto, e rekening houdend met alle omstandigheden eigen aan de afzonderlijke zaak en aan...

Om verder te lezen

PROBEER HET GRATIS UIT