Arrest nr. 2011/AA/126 van Arbeidshof, Antwerpen, 11 januari 2012

Datum uitspraak:11 januari 2012
Uitgevende instantie::Antwerpen
 
GRATIS UITTREKSEL

Vierde kamer

Eindarrest op tegenspraak

Maatschappelijke dienstverlening

ARBEIDSHOF TE ANTWERPEN

Afdeling Antwerpen

ARREST A.R. 2011/AA/126

OPENBARE TERECHTZITTING VAN ELF JANUARI TWEEDUI-ZEND EN TWAALF

In de zaak van:

de heer D. D. en zijn echtgenote, mevrouw S. H.,

optredend in eigen naam en als wettige vertegenwoordigers van hun minderjarige kinderen M. L. D., E. D. en N. D.,

appellanten,

vertegenwoordigd door mr. S. V., advocaat te Itegem,

tegen:

  1. het OPENBAAR CENTRUM VOOR MAATSCHAPPE-LIJK WELZIJN VAN HEIST-OP-DEN-BERG,

    gevestigd te 2220 Heist-op-den-Berg, Stationsstraat 38,

    eerste geïntimeerde,

    vertegenwoordigd door mr. E. M. loco mr. F. L., advocaat te Heist-op-den-Berg,

    en

  2. het FEDERAAL AGENTSCHAP VOOR DE OPVANG VAN ASIELZOEKERS (Fedasil),

    met kantoren gevestigd te 1000 Brussel, Kartuizerstraat 21,

    tweede geïntimeerde,

    vertegenwoordigd door mr. A. W. loco mr. A. D., advocaat te Brussel.

    Na over de zaak beraadslaagd te hebben, heeft de vierde kamer van het arbeidshof te Antwerpen, afdeling Antwerpen, het volgende arrest uitgesproken.

    Gelet op de zittingsbladen van 6 april 2011, 16 november 2011 en 21 december 2011.

    Rekening houdend met de akten van de rechtspleging, onder meer:

    * het eensluidend verklaard afschrift van het tussenvonnis, op 1 december 2010 uitgesproken door de eerste kamer van de arbeidsrechtbank te Mechelen;

    * het eensluidend verklaard afschrift van het vonnis, op 9 februari 2011 uitgesproken door de eerste kamer van de arbeidsrechtbank te Mechelen, overeenkomstig artikel 792, tweede en derde lid, Ger.W., aan het echtpaar D.-H. ter kennis gebracht bij gerechtsbrieven op 17 februari 2011;

    * het verzoekschrift tot hoger beroep, neergelegd ter griffie van dit hof op 28 februari 2011 en ter kennis gebracht overeenkomstig artikel 1056 Ger.W. op 2 maart 2011;

    * de conclusies voor Fedasil, neergelegd ter griffie van dit hof op 6 mei 2011;

    * de conclusies voor het OCMW van Heist-op-den-Berg, neergelegd ter griffie van dit hof op 6 juni 2011;

    * de conclusies voor het echtpaar D.-H., neergelegd ter griffie van dit hof op 12 juni 2011;

    * de syntheseconclusies voor Fedasil, neergelegd ter griffie van dit hof op 8 augustus 2011;

    * de conclusies voor het OCMW van Heist-op-den-Berg, ontvangen ter griffie van dit hof op 29 augustus 2011.

    Partijen werden gehoord op de openbare terechtzitting van 16 november 2011.

  3. Ontvankelijkheid

    Met een verzoekschrift, neergelegd ter griffie van dit hof op 28 februari 2011, tekenden D.D. en S.H., optredend in eigen naam en als wettige vertegenwoordigers van hun minderjarige kinderen M. L. D., E. D. en N. D., hoger beroep aan tegen het (eind)vonnis van 9 februari 2011 (AR 09/1465/A) van de arbeidsrechtbank te Mechelen.

    Het vonnis werd aan D.D. en S.H. ter kennis gebracht overeenkomstig artikel 792, tweede lid, Ger.W., bij gerechtsbrieven op 17 februari 2011.

    Het hoger beroep werd tijdig ingesteld, is regelmatig naar de vorm en ontvankelijk.

  4. Feiten en voorafgaande procedure

    D.D. en S.H., van Gambiaanse nationaliteit, kwamen naar België respectievelijk op 10 maart 2003 en 9 januari 2004 en verklaarden zich vluchteling. Bij arrest van de Raad van State van 27 november 2008 werden de asielaanvragen definitief afgewezen. Van dan af verbleef het gezin illegaal in België. Zij hebben drie minderjarige kinderen, allen geboren te L. Op 15 augustus 2008 was hen een bevel om het grondgebied te verlaten betekend en dit werd gehandhaafd.

    Op 24 juni 2009 richtte het echtpaar een vraag om materiële hulp aan het OCMW van Heist-op-den-Berg. Via het OCMW werd een aanvraag tot huisvesting aan Fedasil (KB 24 juni 2004) overgemaakt...

Om verder te lezen

PROBEER HET UIT