Cassatie (Raad van State)

1171 resultaten voor Cassatie (Raad van State)

  • Vonnis van Raad van State, December 23, 2021

    De in laatste administratieve aanleg bevoegde overheid, vermeld in art. 52 OVD, kan een onregelmatigheid in het ontvankelijkheids- en volledigheidsonderzoek van de in eerste administratieve aanleg bevoegde overheid, vermeld in art. 15 OVD -meer bepaald de ontvankelijkheids- en volledigheidsbeslissing in eerste administratieve aanleg bij het ontbreken van een project-m.e.r.-screeningsnota bij de...

  • Vonnis van Raad van State, December 23, 2021

    De artt. 144 en 145 GW betreffen de regeling van de bevoegdheid van de rechtbanken inzake geschillen over burgerlijke en politieke rechten. Het middelonderdeel dat het beginsel van de scheiding der machten gesteund op deze bepalingen, inroept, gaat uit van een andere rechtsopvatting, en faalt bijgevolg naar recht.

  • Vonnis van Raad van State, December 23, 2021

    Het middel dat de schending aanvoert van "het wettelijk begrip \u0091bijzondere milieuvoorwaarden\u0027" en het beschikkingsbeginsel, en nalaat aan te geven welke wet hiermee wordt overtreden, zoals vereist in art. 14, § 2 van de RvS-wet, mist de nauwkeurigheid om ontvankelijk te kunnen zijn.

  • Vonnis van Raad van State, December 09, 2021

    Wanneer de motivering een verkeerde gevolgtrekking in rechte maakt, kan dit een schending van de wet uitmaken, maar is er nog geen sprake van een motiveringsgebrek.

  • Vonnis van Raad van State, December 02, 2021

    Het zorgvuldigheidsbeginsel houdt in dat een bestuur zich op afdoende wijze dient te informeren over alle relevante elementen om met kennis van zaken een beslissing te kunnen nemen, met dien verstande echter dat de aanvrager van een vergunning alle nuttige elementen moet aanbrengen om te bewijzen dat hij aan de voorwaarden voldoet om de gevraagde vergunning te krijgen. Het bestreden arrest dat...

  • Vonnis van Raad van State, December 02, 2021

    Het verzoekschrift in cassatie bevat drie middelen, waarvan het eerste betrekking heeft op de schending door het bestreden arrest van de rechterlijke motiveringsplicht aangaande de beoordeling door de RvVb van de door de verzoekende partij daar opgeworpen middelen. Dergelijke kritiek kon niet reeds in de procedure voor de RvVb opgeworpen worden, zodat alleen al om die reden het verzoekschrift in...

  • Vonnis van Raad van State, November 25, 2021

    De aan de RvVb opgelegde verplichting om zijn rechterlijke uitspraak te motiveren, heeft het karakter van een vormvereiste met beperkte draagwijdte. Een uitspraak is gemotiveerd wanneer de RvVb duidelijk en ondubbelzinnig de redengeving uiteenzet -al ware die redengeving verkeerd of onwettig- die hem ertoe brengt de beslissing te nemen. De rechterlijke motiveringsverplichting houdt in dat de RvVb

  • Vonnis van Raad van State, November 25, 2021

    Uit art. 78, § 2, OVD volgt dat de afwijking van het principe dat een omgevingsvergunning wordt verleend onder voorbehoud van burgerlijke rechten enkel geldt in geval van een omgevingsvergunningsaanvraag voor het verkavelen van gronden en daarmee onverenigbare door de mens gevestigde erfdienstbaarheden en bij overeenkomst vastgestelde verplichtingen met betrekking tot het grondgebruik "voor...

  • Vonnis van Raad van State, November 18, 2021

    Het GwH (nr. 92\/2021) heeft in essentie overwogen dat in verband met art. 4.8.11, §1, eerste lid, 3° VCRO een commercieel belang volstaat en dat hinder waarmee de decreetgever uitsluitend de negatieve gevolgen op het vlak van ruimtelijke ordening en leefmilieu zou hebben bedoeld te onderscheiden is van "nadelen" waarvan niet is gebleken dat de decreetgever dit begrip zou hebben willen

  • Vonnis van Raad van State, October 26, 2021

    Luidens artikel 9bis, § 1, van de wet van 11 december 1998 'betreffende de classificatie en de veiligheidsmachtigingen, veiligheidsattesten en veiligheidsadviezen' beraadslaagt het beroepsorgaan bij meerderheid van stemmen binnen dertig dagen nadat het beroep inzake het veiligheidsadvies bij het beroepsorgaan aanhangig is gemaakt. Het beroepsorgaan is een administratief rechtscollege dat, op...

  • Vonnis van Raad van State, September 30, 2021

    Het middel dat voor het eerst in cassatie de miskenning van het devolutief karakter van het administratief beroep aanvoert en van de mogelijkheid voor de bevoegde overheid in graad van administratief beroep om een vastgestelde onregelmatigheid te herstellen, is onontvankelijk.

  • Vonnis van Raad van State, September 30, 2021

    Het middel dat aanvoert dat de decretale substitutiebevoegdheid van de RvVb en art. 37, § 2, DBRC-decreet op een discriminerende wijze afbreuk doen aan het beginsel van de scheiding der machten, is niet gericht tegen het bestreden arrest en is derhalve onontvankelijk.

  • Vonnis van Raad van State, September 16, 2021

    Het bestreden arrest heeft vastgesteld dat de vordering van de verzoekende partij tijdig en regelmatig werd ingesteld, dat er geen excepties werden opgeworpen met betrekking tot de ontvankelijkheid van de vordering, en heeft de drie middelen en bijgevolg het beroep tegen de vergunningsbeslissing na onderzoek verworpen. Het cassatieberoep van de verzoekende partij is gericht tegen de verwerping...

  • Vonnis van Raad van State, September 16, 2021

    De kwalificatie van een omgevingsvergunningsaanvraag voor de bouw van meerdere woningen tot groepswoningbouw vereist een omstandige oordeelsvorming van het vergunningverlenende bestuursorgaan.

  • Vonnis van Raad van State, September 16, 2021

    Overeenkomstig art. 52, § 1, van het algemeen procedurereglement samengelezen met de artt. 26, 41, 43 en 49 van het cassatieprocedurebesluit dient het verzoekschrift tot tussenkomst te worden ingediend uiterlijk binnen een termijn van dertig dagen na de ontvangst van de beschikking bedoeld in art. 48 van het cassatieprocedurebesluit. Dit is te dezen het geval. Het feit dat de stad eerder...

  • Vonnis van Raad van State, September 06, 2021

    Artikel 14 van het koninklijk besluit van 11 juli 2003 heeft betrekking op de omstandigheden waarin het gehoor van de minderjarige dient plaats te vinden op het commissariaat-generaal voor de vluchtelingen en de staatlozen. Verzoeker geeft niet aan op welke wijze deze bepaling kan zijn geschonden met het bestreden arrest vermits zijn kritiek enkel is gericht tegen de wijze waarop de fiche NBMV...

  • Vonnis van Raad van State, September 06, 2021

    Artikel 12.1, a), van richtlijn 2011\/95 stemt overeen met artikel 1, D, van het vluchtelingenverdrag. Het HvJ heeft in zijn arrest van 13 januari 2021 in de zaak C-507\/19, XT tegen Duitsland, met verwijzing naar onder meer zijn arrest van 25 juli 2018 in de zaak C-585\/16, Alheto tegen Hongarije, net als in zijn eerder arrest El Kott, gesteld dat de voornoemde bepaling van toepassing is "wa

  • Vonnis van Raad van State, June 17, 2021

    Luidens art. 5.3.1, § 1, tweede lid, VCRO kan het stedenbouwkundig attest niet leiden tot de vrijstelling van een vergunningsaanvraag. Uit art. 5.3.1, § 2, VCRO, volgt dat de bevindingen van het stedenbouwkundig attest bij het beslissende onderzoek over een aanvraag tot stedenbouwkundige vergunning in bepaalde gevallen kunnen worden gewijzigd of tegengesproken. Luidens art. 5.3.1, § 3, VCRO...

  • Vonnis van Raad van State, June 17, 2021

    Overeenkomstig art. 14, § 2 van de RvS-wet doet de afdeling bestuursrechtspraak uitspraak, bij wijze van arresten, over de cassatieberoepen ingesteld tegen de door de administratieve rechtscolleges in laatste aanleg gewezen beslissingen in betwiste zaken wegens overtreding van de wet of wegens schending van substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven vormen. Het middel dat...

  • Vonnis van Raad van State, June 14, 2021

    Hangende het geding meldt de verzoekende partij (de Belgische Staat) dat ze niet langer een actueel belang heeft bij het cassatieberoep omdat verweerder in het bezit is gesteld van een F-kaart. De verzoekende partij heeft verweerder gemachtigd tot een verblijfsrecht, gelijk aan het oorspronkelijk gevraagde. Vermits het cassatieberoep wordt verworpen, dient de verzoekende partij als de in het...

  • Vonnis van Raad van State, June 14, 2021

    Het belang bij een cassatieberoep voor de Raad van State moet niet enkel bestaan bij het instellen van dat beroep maar ook gedurende de gehele procedure, tot op het ogenblik van de uitspraak. Het kan teloorgaan door omstandigheden die zich in de loop van het geding voordoen. Daarenboven moet een verzoeker wiens belang in de loop van het geding op grond van relevante gegevens in vraag wordt...

  • Vonnis van Raad van State, June 10, 2021

    Te dezen neemt de memorie van wederantwoord van verzoekende partijen niet de vorm aan van een samenvattende memorie bedoeld in art. 14, derde lid, van het cassatieprocedurebesluit. Zij beperken zich in hun memorie van wederantwoord tot een repliek op de memories van de overige partijen zonder het in het verzoekschrift aangevoerde middel te hernemen of samen te vatten. In de memorie van...

  • Vonnis van Raad van State, June 10, 2021

    Het verordenend stedenbouwkundig voorschrift bestemt de zone tot de historisch gegroeide weverij en spinnerij. Naast deze exclusief toegelaten hoofdactiviteit laat het voorschrift onder de gestelde voorwaarden nevenactiviteiten toe, te weten verbonden aan en noodzakelijk voor de hoofdactiviteit. De stopzetting van de hoofdactiviteit doet van rechtswege "de nabestemming reservegebied voor...

  • Vonnis van Raad van State, June 03, 2021

    In art. 4.7.21, § 1°, VCRO bevestigt de decreetgever de traditionele beslissingsbevoegdheid van de deputatie in beroepsmateries in de nieuwe administratieve beroepsprocedure van de reguliere procedure. Door het instellen van het administratief beroep in de nieuwe vergunningenprocedure gaat enkel de beslissingsbevoegdheid van het college van burgemeester en schepenen over naar de deputatie. Het...

  • Vonnis van Raad van State, June 02, 2021

    Het bestreden arrest is beperkt tot de vernietiging van de bestreden vergunningsbeslissing op grond van de gegrondverklaring van het eerste middel van de verzoekende partij. Het verzoek van de verzoekende partij om toepassing van art. 37, § 2 DBRC-decreet wordt door de RvVb impliciet afgewezen. In het bestreden arrest ontbreekt elke beoordeling van de RvVb van het uitdrukkelijke verzoek van de...

  • Vonnis van Raad van State, May 20, 2021

    Uit de klare en duidelijke tekst van art. 4.3.1, § 1, VCRO blijkt dat de vergunning in geval van onverenigbaarheid zoals bedoeld in het eerste lid, geweigerd wordt, tenzij, luidens het tweede lid, in het geval er "[g]een onvolledige of vage aanvraag" voorligt, door het opleggen van voorwaarden "het recht en de goede ruimtelijke ordening gewaarborgd kan worden". Houdt zo'n...

  • Vonnis van Raad van State, March 30, 2021

    De door verzoeker voorgestelde vraag aan het GwH betreft niet het onderscheid tussen de eerste categorie van aanvragen die overeenkomstig het toentertijd geldende art. 4.7.26 VCRO behandeld worden door de Vlaamse Regering of de gewestelijke stedenbouwkundige ambtenaar en de tweede categorie aanvragen die, zoals in casu, in de reguliere procedure naar aanleiding van het georganiseerd...

  • Vonnis van Raad van State, February 12, 2021

    Door de uitbreiding van het middel als onontvankelijk af te wijzen en te overwegen "geen reden [te zien] om in dit verband zelf toepassing te maken van zijn ambtshalve bevoegdheden zoals voorzien in artikel 89 van het Procedurebesluit\

  • Vonnis van Raad van State, January 12, 2021

    Het belang bij een cassatieberoep voor de Raad van State moet niet enkel bestaan bij het instellen van dat beroep maar ook gedurende de gehele procedure, tot op het ogenblik van de uitspraak. Het kan teloorgaan door omstandigheden die zich in de loop van het geding voordoen. Daarenboven moet een verzoeker wiens belang in de loop van het geding op grond van relevante gegevens in vraag wordt...

  • Vonnis van Raad van State, December 22, 2020

    Art. 4.2.22, § 1 VCRO bepaalt dat vergunningen een zakelijk karakter hebben en dat zij worden verleend onder voorbehoud van de op het onroerend goed betrokken burgerlijke rechten. Art. 144, eerste lid GW bepaalt dat geschillen over burgerlijke rechten bij uitsluiting tot de bevoegdheid behoren van de rechtbanken. De RvVb oordeelt terecht dat het "noch het vergunningverlenend bestuur, noch de

  • Vraag een proefperiode aan om aanvullende resultaten te zien

VLEX uses login cookies to provide you with a better browsing experience. If you click on 'Accept' or continue browsing this site we consider that you accept our cookie policy. ACCEPT