in Raad van State › UDN
in vLex België

1818 resultaten voor Raad van State › UDN

  • Beoordeling vLex
  • Vonnis van Raad van State, 19 februari 2019

    De verwerende partij beperkt de vraag of zij inzake de vaststelling van representativiteit van de verzoekende partij slechts over een gebonden bevoegdheid beschikt, tot de (naleving van de) termijn die voorgeschreven wordt door art. 9, tweede lid, van het KB van 8 februari 2001 inzake het indienen van een aanvraag. Die zienswijze lijkt echter al te beperkt. Daargelaten nog dat de verzoekende...

  • Vonnis van Raad van State, 7 februari 2019

    De met de bestaande waterproblematiek verbonden nadelen betreffen evident geen rechtstreeks gevolg van de tenuitvoerlegging van het bestreden besluit. De onmiddellijke schorsing van het bestreden besluit vermag die reeds bestaande nadelen niet te verhelpen.

  • Vonnis van Raad van State, 31 januari 2019

    De tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing heeft niet tot gevolg dat verzoekers opleiding wordt beëindigd, noch dat het hem onmogelijk wordt gemaakt die opleiding te voltooien. Deze beslissing houdt enkel in dat hij geen vrijstelling krijgt van deelname aan het volhardingskamp. De eindjury kan die de opleiding op elk ogenblik stopzetten met een gemotiveerde beslissing, waartegen verzoeker...

  • Vonnis van Raad van State, 23 januari 2019

    Art. 28 BWRO bepaalt dat "[a]lle bepalingen van het gewestelijk bestemmingsplan [...] bindende kracht en verordenende waarde [hebben]". De artt. 0.7 en 15 GBP leggen een uitdrukkelijk verband tussen de toegestane handelingen en werken en de bestemming bosgebied. De aanleg en het gebruik van een parking voor motorvoertuigen die voor langere periodes zo niet hoofdzakelijk bestemd is voor...

  • Vonnis van Raad van State, 17 januari 2019

    Zodra verzoeker kennis kreeg van de BB wist hij of moest hij weten dat de in het verzoekschrift uiteengezette volgens hem uiterst nadelige gevolgen van de tenuitvoerlegging - en dus ook de aangevoerde ernstige en onherroepelijke financiële impact ervan op zijn bestaan - zich onmiddellijk vanaf die kennisneming zullen voordoen. De UDN is derhalve bij de kennisgeving van de BB ontstaan. Het...

  • Vonnis van Raad van State, 15 januari 2019

    Aan verzoeker wordt op grond van art. 134sexies Nieuwe Gemeentewet een plaatsverbod opgelegd. Volgens verzoeker is er UDN omdat hij zich met het openbaar vervoer naar school begeeft en hij daar nu niet meer kan geraken. Het aangevoerde nadeel is achterhaald, nu verzoeker zich nog vóór het instellen van de voorliggende vordering uit de school liet uitschrijven. Dat hij dit deed om te vermijden dat

  • Vonnis van Raad van State, 8 januari 2019

    De vordering tot schorsing is gericht tegen het afsplitsbare deel van de intrekkingsbeslissing waarbij de beslissing om voor de invulling van het ambt van algemeen directeur in eerste instantie alleen de zittende functiehouders in aanmerking te nemen, wordt ingetrokken. Verzoeker is één van de zittende functiehouders. Hij heeft er belang bij om die regeling behouden te zien. De omstandigheid dat...

  • Vonnis van Raad van State, 18 december 2018

    Verzoeker vordert bij een afzonderlijk verzoekschrift ook de schorsing bij UDN van het proces-verbaal of verslag van de zogenaamde CoorMulti, houdende de bepaling van het Belgische standpunt betreffende het Migratiepact. In dat verzoekschrift stelt verzoeker dat hij bij de politie een strafklacht heeft ingediend wegens valsheid van dat verslag, dat is opgenomen in het door de verwerende partij...

  • Vonnis van Raad van State, 4 december 2018

    Het vereiste van UDN is niet evident aanwezig omdat de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging bij UDN gericht is tegen een tweede vermelding "onvoldoende" die tot ontslag wegens beroepsongeschiktheid kan leiden. Het is immers, voor de beoordeling van de UDN, niet de vraag of de verzoekende partij zwaar getroffen wordt door de bestreden beslissingen, maar enkel of een schorsing

  • Vonnis van Raad van State, 30 oktober 2018 (zaak . .)

    Het behoort niet tot de rechtsmacht van de RvS om, zoals verzoekster vraagt, de examenresultaten van D. C. te herzien. De RvS vermag met betrekking tot de vaststelling van de examenresultaten immers niet in de plaats van de school te treden. De vordering moet alvast in zoverre worden verworpen.

  • Vonnis van Raad van State, 17 oktober 2018

    De stakingsaanzegging heeft momenteel reeds uitwerking en loopt binnen een aantal dagen af, zodat de verzoeker ingevolge de bestreden beslissingen zonder een schorsing bij UDN geen gebruik kan maken van zijn stakingsrecht dat een basisrecht is. De verwerende partij stelt ten onrechte dat de verzoeker niet in zijn stakingsrecht wordt gefnuikt en dat er in deze geen sprake is van spoedeisendheid...

  • Vonnis van Raad van State, 4 september 2018

    Door de intrekking van de tweede bestreden beslissing bestaat er in hoofde van verzoeker geen beslissing meer waarop de met de eerste bestreden beslissing vastgestelde correctiecoëfficiënt kan worden toegepast. Verzoeker heeft de mogelijkheid op het ogenblik dat een nieuwe beslissing wordt genomen in de plaats van de tweede bestreden beslissing, alsnog de schorsing bij UDN van de eerste bestreden

  • Vonnis van Raad van State, 1 juni 2018

    Het uitgangspunt van de verzoekende partij is dat het contra legem is een vergunning af te leveren "met retroactieve werking en zonder wachttermijn". Dit uitgangspunt stelt een juridisch vraagstuk aan de orde dat hiervoor niet aan bod is gekomen. Alleen al om die reden kan de verzoekende partij - in de huidige stand van de zaak - niet overtuigen van de noodzaak om de gevraagde...

  • Vonnis van Raad van State, 26 februari 2018

    De BB is verzoekster niet onverwachts overkomen. Ze is het resultaat van een selectieprocedure waaraan verzoekster heeft deelgenomen en waarvan zij in de ene of andere zin het antwoord mocht verwachten. Het voorliggende verzoekschrift is pas meer dan vijf weken na de kennisgeving van de BB aan de RvS bezorgd. Dit is voor een procedure bij UDN schromelijk laat. In het inleidend verzoekschrift...

  • Vonnis van Raad van State, 21 augustus 2017

    Het intekenen op de overheidsopdracht kan niet worden aangezien als een daad van dagelijks bestuur. De verzoekende partij concretiseert bovendien niet op afdoende wijze dat wat het indienen van de voorliggende offerte betreft, de cumulatieve voorwaarden van het geringe belang van de verrichting en de noodzaak van een snelle oplossing vervuld zijn opdat de organen van de verzoekende partij belast...

  • Vonnis van Raad van State, 17 augustus 2017

    De verzoekende partij vraagt de debatten te heropenen indien een, volgens haar, determinerende e-mail geen deel uitmaakt van het administratief dossier. Het gegeven dat de betrokken e-mail te dezen geen deel uitmaakt van het door de verwerende partij neergelegde administratief dossier noch van de door de verzoekende partij bij het verzoekschrift gevoegde overtuigingsstukken, motiveert op zich...

  • Vonnis van Raad van State, 7 augustus 2017

    Op grond van art. 4, 1°, van het KB van 27 december 1994 worden de wisselkantoren slechts geregistreerd en wordt hun registratie slechts gehandhaafd voor zover de personen die de feitelijke leiding waarnemen, over de noodzakelijke betrouwbaarheid en de passende ervaring beschikken om deze functies waar te nemen. Zo niet kan de FSMA (en de minister van Financiën) in toepassing van art. 13, § 1,...

  • Vonnis van Raad van State, 4 augustus 2017

    De richtlijn 2014\/24\/EU van het Europees Parlement en de Raad van 26 februari 2014 betreffende het plaatsen van overheidsopdrachten en tot intrekking van Richtlijn 2004\/18\/EG werd niet tijdig omgezet (tegen 18 april 2016) in het interne recht. Die richtlijn heeft het onderscheid tussen prioritaire diensten (A-diensten) en niet-prioritaire diensten (B-diensten) afgeschaft terwijl in het intern

  • Vonnis van Raad van State, 27 juli 2017

    Op grond van art. 58, § 3, van het KB Plaatsing mag het minimum aantal geselecteerden niet kleiner zijn dan vijf bij beperkte procedure en niet kleiner dan drie bij onderhandelingsprocedure met bekendmaking of concurrentiedialoog en moet het aantal geselecteerden in elk geval voldoende zijn om een daadwerkelijke mededinging te waarborgen, voor zover er voldoende geschikte kandidaten zijn. Indien...

  • Vonnis van Raad van State, 20 juli 2017

    Uit de bestekbepalingen blijkt dat de aanbestedende overheid voor de beoordeling van het prijscriterium moet rekening houden met een prijs bestaande uit de geraamde hoeveelheden, vermeerderd met de marge of de management fee en dit vermenigvuldigd met de duur van de opdracht en niet enkel met de marge of de management fee. Het argument van de verwerende partij dat uit het Q&A-formulier en uit

  • Vonnis van Raad van State, 14 juli 2017

    In de mate waarin bij de feiten weergegeven of bij de bespreking van de middelen stukken ter sprake komen die voorlopig vertrouwelijk worden gehouden, wordt enkel de inhoud ervan weergegeven zoals deze blijkt uit andere niet-vertrouwelijke stukken, uit het verzoekschrift, de nota of het verzoekschrift tot tussenkomst en waarbij de betrokken partij dus in die mate zelf de ingeroepen...

  • Vonnis van Raad van State, 13 juli 2017

    In fase 1 van de onderhandelingsprocedure worden de offertes beoordeeld. Daarna volgt fase 2 met een mondelinge toelichting van "de ingediende offerte". Het toelaten tot de mondelinge toelichting betekent niet automatisch dat de aanbestedende overheid die offerte regelmatig heeft verklaard. Voorts lijken de verzoekende partijen er geen belang bij te hebben om aan te voeren dat zij ten...

  • Vonnis van Raad van State, 11 juli 2017

    Overeenkomstig art. 2, § 1, 12°, b), van het KB Plaatsing kunnen de technische specificaties bij een opdracht voor leveringen ook de conformiteitsbeoordeling en de procedures voor de conformiteitsbeoordeling betreffen. De opname op de Synergrid-lijst is het sluitstuk van de procedure voor het verkrijgen van een gelijkvormigheidsattest, op basis van een technisch dossier en testen op het toestel.

  • Vonnis van Raad van State, 7 juli 2017

    De bestreden gunningsbeslissing werd intussen in een andere zaak door de RvS geschorst. Het schorsingsarrest brengt met zich mee dat het niet aan de RvS toekomt om op die beslissing terug te komen en wat de bestreden beslissing betreft, opnieuw middelen te onderzoeken die zouden leiden tot een nieuwe beslissing over de uitvoerbaarheid. Dit is ook het geval indien die middelen verschillend zijn...

  • Vonnis van Raad van State, 30 juni 2017

    Blijkens de inventaris en het bestek dienden de inschrijvers prijs te geven voor, eensdeels, een toestel met een capaciteit "tot 125 kopjes per uur" en, anderdeels, voor een toestel met een capaciteit van "125-250 kopjes per uur". Door voor de twee toestellen telkens slechts "ongeveer 125 kopjes" te vermelden werden in de offerte blijkbaar geen toestellen aangeboden...

  • Vonnis van Raad van State, 27 juni 2017

    Uit het bestek blijkt dat de inschrijvers voor de drie percelen een uitvoeringstermijn - in aantal bladzijden dat per dag per vertaler kan worden vertaald - dienen op te geven. De verzoekende partij blijkt voor de 3 percelen uitvoeringstermijnen te hebben opgegeven die beduidend hoger liggen dan die voor de andere geselecteerde inschrijvers werden opgegeven. Op de door de verwerende partij...

  • Vonnis van Raad van State, 27 juni 2017

    In de mate dat verzoeker wijst op de mogelijke gevolgen van de thans opgelegde tuchtsanctie voor eventuele nieuwe tuchtprocedures, gaat het niet om een rechtstreeks gevolg van de tenuitvoerlegging van de BB. In dat geval zullen immers nieuwe beslissingen op grond van andere feiten worden genomen. Bovendien gaat het om louter hypothetische gevolgen waarvan derhalve geen onherroepelijk schadelijk...

  • Vonnis van Raad van State, 22 juni 2017

    Luidens art. 85 van het OCMW-decreet staat de secretaris van het OCMW aan het hoofd van het personeel van het OCMW - behalve voor de personeelsleden van het OCMW die tewerkgesteld zijn bij een intern verzelfstandigd agentschap van het OCMW - en is hij bevoegd voor het dagelijks personeelsbeheer. De raad voor maatschappelijk welzijn bepaalt wat onder het begrip 'dagelijks personeelsbeheer' moet...

  • Vonnis van Raad van State, 20 juni 2017

    De aanbestedende overheid moet waken over de gelijke behandeling der inschrijvers. De verwerende partij argumenteert weliswaar dat een andere materiaalkeuze nog steeds besteksconform is, maar in het licht van de libellering en de uitdrukkelijke kwalificatie van het betrokken besteksvoorschrift als minimumbepaling, lijkt de opvatting van de verzoekende partij dat het gebruik van keramische tegels...

  • Vonnis van Raad van State, 19 juni 2017

    Het bijzonder bestek legt als technische bekwaamheid op dat een inschrijver beschikt over een "VCA-certificaat of gelijkwaardig ten bewijze dat de firma voldoet aan de minimumeisen op het gebied van veiligheid, gezondheid en milieu of een gelijkwaardig document voor buitenlandse inschrijvers". De verzoekende partij legt geen VCA-attest voor, maar meent dat zij bij haar offerte een...

  • Vraag een proefperiode aan om aanvullende resultaten te zien