in Raad van State › Arrest
in vLex België

18216 resultaten voor Raad van State › Arrest

  • Beoordeling vLex
  • Vonnis van Raad van State, 19 november 2019

    De Vlaamse Waterweg wijst er terecht op dat zij er belang bij heeft tussen te komen in onderhavig beroep waarin een RUP wordt bestreden met voorschriften "die een implicatie hebben op de beheermogelijkheden van [het kanaal] en de aanhorigheden". Het komt niet aan de verw.partij toe om in de plaats van de verzoekende partij in tussenkomst te oordelen welk standpunt ten gronde best...

  • Vonnis van Raad van State, 19 november 2019

    De screeningsnota steunt op de vaststelling dat het grafisch plan van het voorontwerp van RUP aan de aan woonpercelen palende randen van het bedrijfsterrein een groenbuffer voorziet. Meer bepaald gaat de screeningsnota er van uit dat er niets wijzigt aan de bestemming van verzoeksters woonperceel en dat dit perceel van het aanpalende braakliggende perceel - bij de herbestemming ervan tot...

  • Vonnis van Raad van State, 14 november 2019

    Overeenkomstig art. 4.2.14, §4, VCRO kan niet worden teruggekomen op in kracht van gewijsde gegane rechterlijke beslissingen die het vergund karakter van een constructie tegenspreken. Dit heeft betrekking op de periode voor de opname van de betrokken constructie als vergund geacht in het vergunningenregister. Derhalve moest de verwerende partij in haar onderzoek naar het vergund geacht karakter...

  • Vonnis van Raad van State, 7 november 2019

    Uit stukken, gevoegd bij het verzoek om gehoord te worden, blijkt dat de verzoekende partij de memorie van wederantwoord op 12 juli 2019 heeft afgegeven aan de diensten van Bpost. Het feit dat de aangetekende zending door een vertraging bij Bpost pas op 15 juli 2019 in het postsysteem werd ingevoerd waardoor de poststempel op de briefomslag die latere datum vermeldt, doet geen afbreuk aan de...

  • Vonnis van Raad van State, 7 november 2019

    Verzoeker heeft niet tijdig een verzoek tot voortzetting ingediend na ontvangst van het auditoraatsverslag waarin voorgesteld wordt het beroep te verwerpen. Verzoeker voert in het verzoekschrift om gehoord te worden aan dat hij de aangetekende zending houdende de kennisgeving van het auditoraatsverslag niet heeft ontvangen en ook niet op de hoogte werd gebracht van het bestaan ervan. Op basis van

  • Vonnis van Raad van State, 5 november 2019

    De regel van art. 200, § 2, van het gemeentedecreet dat ten hoogste twee derde van de leden van een adviesraad, zoals de Gecoro, van hetzelfde geslacht mag zijn, is van toepassing op de benoeming van de leden. Van die regel moet geen toepassing worden gemaakt om de vraag te beantwoorden of de Gecoro, gelet op de personen die effectief aanwezig waren, rechtsgeldig kon beslissen. Die vraag dient...

  • Vonnis van Raad van State, 29 oktober 2019

    De sectorale milieuvoorwaarden van Vlarem II verplichten de inrichtingen van rubriek 28.3 van de indelingslijst om een luchtbehandelingsinstallatie te gebruiken om ammoniakemissie en hinder te voorkomen. Dit maakt een essentieel onderdeel uit van de vergunningsaanvraag. Te dezen werd een alternatieve methode voor de luchtbehandeling aangevraagd en vergund. In de loop van de procedure in beroep...

  • Vonnis van Raad van State, 25 oktober 2019

    De verzoekende partijen maken niet duidelijk in welk opzicht de bestreden beslissing "voor heel wat projectonderdelen [...] rechtstreeks [kan] leiden tot belangrijke werken [die] de eigendom van verzoeker in bijzondere mate aantasten". Zij verduidelijken niet in het minst welke "projectonderdelen" en welke "werken" zij precies bedoelen. Evenmin lichten de verzoekende

  • Vonnis van Raad van State, 24 oktober 2019

    De in art. 4.2.3 VCRO bedoelde lijst van de Vlaamse Regering (van van vergunning vrijgestelde handelingen) betreft onder meer de in art. 4.2.1 VCRO bedoelde handelingen met een geringe ruimtelijke impact dan wel (stedenbouwkundige) handelingen die erin worden opgenomen door de Vlaamse Regering rekeninghoudend met hun ruimtelijke impact omwille van hun omvang, aard of ligging. Het bestreden arrest

  • Vonnis van Raad van State, 24 oktober 2019

    Alleen al uit de vaststelling dat het latere aktenemingsbesluit van het college van burgemeester en schepenen met een afzonderlijk annulatieberoep wordt bestreden en dit besluit derhalve geen definitieve rechtstitel verschaft voor de exploitatie van de betrokken inrichting, volgt dat het voorwerp (een milieuvergunning) van voorliggend annulatieberoep niet teloor is gegaan.

  • Vonnis van Raad van State, 24 oktober 2019

    Uit de gegevens van het dossier waarop de RvS acht mag slaan, blijkt dat aan de voor de RvVb bestreden vergunningsbeslissing van de deputatie geen last is verbonden in de zin van art. 4.2.20, §1, vierde lid VCRO en art. 4.2.5, §1, eerste lid van het decreet grond- en pandenbeleid. Het bestreden arrest dat aanneemt dat aan de last van het bescheiden woonaanbod is voldaan, zelfs indien dit niet...

  • Vonnis van Raad van State, 24 oktober 2019

    De kwalificatie van een stedenbouwkundige vergunningsaanvraag voor de bouw van meerdere woningen tot groepswoningbouw vereist een omstandige oordeelsvorming van het vergunningverlenende bestuursorgaan.

  • Vonnis van Raad van State, 24 oktober 2019

    Door de argumenten van de verzoekende partij met betrekking tot het openbaar karakter van de wegenis in de vergunningsaanvraag af te doen als "niet duidelijk" wat betreft hun relevantie of doorslaggevend karakter of als gegevens te beschouwen waarvan niet werd aangetoond dat er aandacht aan had moeten worden besteed bij de beoordeling, en als "des te minder overtuigend" omdat...

  • Vonnis van Raad van State, 22 oktober 2019

    Op de hoorzitting in graad van administratief beroep was verzoeker door zijn raadsman vertegenwoordigd, die een verweernota voor hem heeft neergelegd. Het enkele feit dat verzoeker niet persoonlijk op de hoorzitting kon aanwezig zijn, maakt geen schending van het hoorrecht of de rechten van verdediging uit. Verzoeker heeft tegen de beslissing tot bevestiging van de administratieve geldboete...

  • Vonnis van Raad van State, 22 oktober 2019

    Een "planologische regularisatie" middels een gemeentelijk RUP is niet a priori onwettig, op voorwaarde dat een deugdelijke ruimtelijke afweging overeenkomstig art. 1.1.4 VCRO aan het plan ten grondslag ligt. De verzoekende partijen tonen in hun verzoekschrift niet aan dat dit laatste te dezen niet het geval zou zijn.

  • Vonnis van Raad van State, 15 oktober 2019

    Bij gebrek aan een tijdig ingestelde memorie van wederantwoord vervalt op grond van art. 21, tweede lid RvS-wet, verzoekers belang. Er is hem, in het kader van de elektronische procedure, daarop geattendeerd middels een e-mailbericht. Verzoeker stelt de verplichting tot het indienen van een memorie van wederantwoord over het hoofd te hebben gezien omdat het e-mailbericht niet het uitzicht had van

  • Vonnis van Raad van State, 15 oktober 2019

    De oprichting van de waterzuiveringsinfrastructuur wordt mogelijk gemaakt door een gemeentelijk RUP. Het beroep tot nietigverklaring door de verzoekende partijen werd door de RvS verworpen. De rechtsvoorgangers van de verzoekende partijen hebben tegen dat RUP tijdens het openbaar onderzoek een bezwaar ingediend, zodat zij wel degelijk de mogelijkheid hebben gehad hun bezwaren en opmerkingen te...

  • Vonnis van Raad van State, 15 oktober 2019

    Als de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing niet wordt geschorst, blijft de verplichting tot openbaarmaking (artikel II.50, § 3, eerste lid en tweede lid, van het Bestuursdecreet), onverminderd gelden. Verdere vertrouwelijke behandeling van het betreffende stuk na een arrest waarin de vordering tot schorsing wordt verworpen zou geen zin hebben, en zou zelfs de correcte tenuitvoerlegging...

  • Vonnis van Raad van State, 8 oktober 2019

    Uit art. 7, § 1, van het hersteldecreet van 25 april 2014 volgt dat de in art. 2.2.7, § 7, VCRO voorziene vervaltermijn van 180 dagen pas begint te lopen de dag na de goedkeuring door de dienst Mer van het ongewijzigde plan-MER. Art. 6, § 2, 4°, van het decreet van 25 april 2014 verbindt aan de goedkeuringstermijn van vijfendertig dagen geen sanctie; het betreft een termijn van orde. Te dezen...

  • Vonnis van Raad van State, 4 oktober 2019

    De grondvoorwaarde van de spoedeisendheid is te onderscheiden van deze van het voorhanden zijn van een ernstig middel. Aan de eerstgenoemde grondvoorwaarde moet afzonderlijk zijn voldaan. Verzoekers kritiek aangaande de discriminatie van de eigenaars en zijn bewering dat onvoldoende rekening is gehouden met zijn bezwaren, vermogen de spoedeisendheid van de vordering in beginsel dan ook niet te...

  • Vonnis van Raad van State, 3 oktober 2019

    De bestreden milieuvergunning op proef is opgegaan in de verleende definitieve vergunning. Alle partijen zijn het erover eens dat het beroep geen voorwerp meer heeft. Een rechtsplegingsvergoeding is een tegemoetkoming in de kosten van de advocaat van de "in het gelijk gestelde partij". Noch de verzoeker, noch de verwerende partij is als een dergelijke "in het gelijk gestelde partij&

  • Vonnis van Raad van State, 3 oktober 2019

    De RvVb stemt in met de ligging van de gewestplangrens zoals die bepaald is door de vergunningverlenende overheid. De RvVb beperkt zich derhalve tot de hem opgedragen wettigheidscontrole van de bestreden vergunningsbeslissing en schendt art. 7.4.4. VCRO niet.

  • Vonnis van Raad van State, 3 oktober 2019

    Uit de bestreden beslissing kan worden afgeleid dat voor het gebied, aangeduid als signaalgebied, een vervolgtraject werd goedgekeurd. Gelet op het ontbreken van een RUP, zoals vermeld in de bestreden beslissing, en de discretionaire beoordelingsbevoegdheid bij de uitvoering van een watertoets in het kader van een vergunningsaanvraag, besluit de RvS dat de huidige bestreden beslissing geen...

  • Vonnis van Raad van State, 3 oktober 2019

    Art. 37, § 2, DBRC-decreet bepaalt dat de RvVb het arrest in de plaats kan stellen van die beslissing als de nieuw te nemen beslissing, bevolen conform paragraaf 1, eerste lid, van artikel 37 DBRC-decreet, het gevolg is van een gebonden bevoegdheid van de verwerende partij. De decreetgever beoogt met deze indeplaatsstellingsbevoegdheid van de RvVb onder meer de gevallen van feitelijke of a...

  • Vonnis van Raad van State, 3 oktober 2019

    De overwegingen in het bestreden arrest hebben betrekking op het wettigheidstoezicht van de RvVb op de beoordeling door de vergunningverlenende overheid van de goede ruimtelijke ordening zoals bedoeld in art. 4.3.1, § 1, eerste lid, 1°, b) en § 2, eerste lid, 1° en 2°, VCRO. De verwijzing naar het niet bestaande "artikel 4.3.1, § 1, eerste lid, d VCRO" is derhalve een materiële...

  • Vonnis van Raad van State, 2 oktober 2019

    Het al dan niet bestaan van een arbeidsovereenkomst is een element dat in acht moet worden genomen door de Raad van State met het oog op het beoordelen van zijn rechtsmacht.

  • Vonnis van Raad van State, 2 oktober 2019

    Het blijkt dat de verwerende partij heeft beslist het dossier voor advies over te maken aan de 'commissie erkenning bijzondere nuttige ervaring' en dat er nog geen definitieve beslissing over de aanvraag tot valorisatie van voorgaande diensten werd genomen. Een principiële maar voorlopige beslissing in afwachting van een eindbeslissing is geen voor vernietiging vatbare rechtshandeling. Het beroep

  • Vonnis van Raad van State, 2 oktober 2019

    Verzoekster is bij arbeidsovereenkomst tewerkgesteld bij de verwerende partij. Bij de BB van de politieraad van de verwerende partij wordt geweigerd om verzoeksters beroepservaring in de privésector in aanmerking te nemen voor de berekening van haar geldelijke anciënniteit. Het geschil kadert aldus in de rechten en verplichtingen die uit die arbeidsovereenkomst voortvloeien en heeft met andere...

  • Vonnis van Raad van State, 2 oktober 2019

    Er mag worden aangenomen dat een tuchtoverheid de afdoende kennisneming van de feiten niet nodeloos mag uitstellen en dat de zorgvuldigheidsplicht gebiedt dat de tuchtoverheid informatie inwint wanneer zij aanwijzingen heeft van mogelijke tuchtfeiten. Is zulks niet het geval, dan kan niet worden verwacht van een tuchtoverheid dat zij alle gevaarzettingen of mogelijks tuchtrechtelijk strafbaar...

  • Vonnis van Raad van State, 27 september 2019

    De verwerende partij overtuigt er niet van dat zij het advies van de gemeenteraad van de verzoekende partij van 31 mei 2016, luidens hetwelk "elk draagvlak voor het PRUP ontbreekt\

  • Vraag een proefperiode aan om aanvullende resultaten te zien