in Raad van State › Arrest
in vLex België

18099 resultaten voor Raad van State › Arrest

  • Beoordeling vLex
  • Vonnis van Raad van State, 19 december 2018

    Het samenwerkingsakkoord tussen het Vlaamse Gewest, het Waalse Gewest en het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest van 4 juli 1994 betreffende de uitwisseling van informatie over projecten met gewestgrensoverschrijdende milieueffecten heeft betrekking op de uitwisseling van informatie over projecten met gewestgrensoverschrijdende milieueffecten. De kritiek slaat op het feit dat overheden die dat...

  • Vonnis van Raad van State, 18 december 2018

    Verzoeker vordert bij een afzonderlijk verzoekschrift ook de schorsing bij UDN van het proces-verbaal of verslag van de zogenaamde CoorMulti, houdende de bepaling van het Belgische standpunt betreffende het Migratiepact. In dat verzoekschrift stelt verzoeker dat hij bij de politie een strafklacht heeft ingediend wegens valsheid van dat verslag, dat is opgenomen in het door de verwerende partij...

  • Vonnis van Raad van State, 18 december 2018

    Volgens de verzoekende partijen zou de verwerende partij na het verlijden van de notariële akte overgaan tot handelen, waardoor hun nadelen de facto definitief en onherstelbaar word. De betrokken notaris heeft aan de verwerende partij evenwel uitdrukkelijk laten weten dat niet over te gaan tot het verlijden van de akte totdat de RvS een beslissing heeft genomen. In die omstandigheid tonen...

  • Vonnis van Raad van State, 13 december 2018

    Het bestreden arrest aanvaardt het belang omdat de verzoekende partijen voor de RvVb eigenaar zijn van de aanpalende woning en de aantasting van het woon- en leefklimaat aanvoeren van de woning en dus niet van henzelf, nu zij die woning niet zelf bewonen, wat niet tot gevolg heeft dat het vereiste persoonlijke karakter ontbeert. Verder stelt het bestreden besluit dat de verzoekende partijen als...

  • Vonnis van Raad van State, 13 december 2018

    Het middel dat ervan uitgaat dat het bruto-bouwvolume van de "overige constructies" bedoeld in art. 4.1.1, 7°, VCRO gemeten wordt met uitsluiting van de in die bepaling bedoelde fysisch aansluitende aanhorigheden van deze constructies, faalt naar recht.

  • Vonnis van Raad van State, 4 december 2018

    De verzoekende partij werd intussen zelf definitief benoemd tot gerechtsdeurwaarder. Zij heeft niet geantwoord op de mail van het auditoraat waarin gevraagd werd naar haar actueel belang bij het beroep en was noch aanwezig, noch vertegenwoordigd op de openbare terechtzitting. Gelet op deze gegevens en inzonderheid het gebrek aan medewerking van de verzoekende partij met de rechtbank en de...

  • Vonnis van Raad van State, 4 december 2018

    Het vereiste van UDN is niet evident aanwezig omdat de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging bij UDN gericht is tegen een tweede vermelding "onvoldoende" die tot ontslag wegens beroepsongeschiktheid kan leiden. Het is immers, voor de beoordeling van de UDN, niet de vraag of de verzoekende partij zwaar getroffen wordt door de bestreden beslissingen, maar enkel of een schorsing

  • Vonnis van Raad van State, 23 november 2018

    Verzoekers' opportuniteitskritiek op de door de verwerende partij bijgebrachte mobiliteitsstudie toont de spoedeisendheid niet aan. Deze studie geeft weliswaar aan dat een aanpassing van de oversteken en een voldoende aantal wachtzones zich opdringen, maar concludeert dat het overdreven zou zijn om te stellen dat de huidige verkeersopstelling gevaarlijk is. Verzoekers' kritiek overtuigt niet van...

  • Vonnis van Raad van State, 22 november 2018

    Gelet op art. 4.1.1, 2°, VCRO dient voor de berekening van het bouwvolume de aanhorigheid bij het hoofdgebouw die daarmee in bouwtechnisch opzicht een rechtstreekse aansluiting of daarbij steun vindt, gevoegd te worden. Het bouwvolume van het geheel is het gemeten bruto-bouwvolume met inbegrip van buitenmuren en dak, zonder dakoversteken en schouwen. Derhalve schendt het bestreden arrest deze...

  • Vonnis van Raad van State, 20 november 2018

    Het KB van 24 september 2013 (betreffende de evaluatie in het federaal openbaar ambt) is van toepassing op personeelsleden van het federaal openbaar ambt, niet op het wetenschappelijk personeel van de wetenschappelijke instellingen, noch op de mandaathouders. Daarnaast is de verwerende partij geen rechtspersoon die wordt bedoeld in art. 1, 3°, van de wet van 22 juli 1993 houdende bepaalde...

  • Vonnis van Raad van State, 14 november 2018

    Het bestreden arrest overweegt dat het onontvankelijk bevinden van een administratief beroep dient te worden beschouwd als een aanvechtbare vergunningsbeslissing.

  • Vonnis van Raad van State, 6 november 2018

    Het is de logica zelf dat de breedte van een nieuwe weg (mede) verantwoord wordt door de functie die de weg moet hebben.

  • Vonnis van Raad van State, 30 oktober 2018 (zaak . .)

    Het behoort niet tot de rechtsmacht van de RvS om, zoals verzoekster vraagt, de examenresultaten van D. C. te herzien. De RvS vermag met betrekking tot de vaststelling van de examenresultaten immers niet in de plaats van de school te treden. De vordering moet alvast in zoverre worden verworpen.

  • Vonnis van Raad van State, 23 oktober 2018

    Art. 1.3.2, § 3, derde lid, 7° en 8°, VCRO voorziet er uitdrukkelijk er dat de Procoro mede wordt samengesteld uit leden-deskundigen die werkzaam zijn op het provinciebestuur. Deze omstandigheid toont derhalve nog geen ontoelaatbare vooringenomenheid of partijdigheid in hun hoofde aan. Verder bestaat er in hoofde van de leden een plicht om zich te onthouden van deelname aan de besprekingen en...

  • Vonnis van Raad van State, 23 oktober 2018

    Wat de effecten van het PRUP op de cultuurhistorische waarde betreft, wordt volgens verzoekers in het plan-Mer ten onrechte geoordeeld dat het betrokken beschermde landschap niet negatief beïnvloed zou worden door de in het PRUP voorziene brug, en het effect hiervan "neutraal" zou zijn. De omstandigheid dat het Vlaamse Gewest het beschermingsbesluit gedeeltelijk heeft opgeheven, houdt...

  • Vonnis van Raad van State, 23 oktober 2018

    De verzoekende partijen delen mee geen memorie van wederantwoord te hebben ingediend omdat zij sinds 4 juni 2018 over "een definitieve stilzwijgende handelsvestigingsvergunning" beschikken, zodat het beroep volgens hen zonder voorwerp is gevallen. Overigens zouden zij sedert de inwerkingtreding van het decreet 'betreffende het integraal handelsvestigingsbeleid' op 1 augustus 2018 geen...

  • Vonnis van Raad van State, 23 oktober 2018

    Redelijkerwijze dient het begrip "kennisgeving\

  • Vonnis van Raad van State, 18 oktober 2018

    De tewerkstelling gedurende nauwelijks enkele dagen in het kader van een tijdelijke actie, zonder dat daaraan een vrijgekomen betrekking in de personeelsformatie beantwoordt, mag niet worden beschouwd als een wedertewerkstelling zoals bedoeld in art. 117, § 3, derde lid, van de wet van 14 februari 1961. Ze kan immers niet leiden tot een duurzame tewerkstelling van verzoeker in een vrijgekomen...

  • Vonnis van Raad van State, 17 oktober 2018

    De stakingsaanzegging heeft momenteel reeds uitwerking en loopt binnen een aantal dagen af, zodat de verzoeker ingevolge de bestreden beslissingen zonder een schorsing bij UDN geen gebruik kan maken van zijn stakingsrecht dat een basisrecht is. De verwerende partij stelt ten onrechte dat de verzoeker niet in zijn stakingsrecht wordt gefnuikt en dat er in deze geen sprake is van spoedeisendheid...

  • Vonnis van Raad van State, 16 oktober 2018

    Met een nietigverklaring wordt een bestuurshandeling met terugwerkende kracht ongedaan gemaakt tot op de dag waarop deze werd gesteld. Een vernietigingsarrest brengt de zaken weer in de toestand waarin ze zich bevonden juist vóór het nemen van de vernietigde beslissing, die geacht moet worden nooit te hebben bestaan. In casu heeft verzoeker een aanvraag ingediend om zijn mandaat na het bereiken...

  • Vonnis van Raad van State, 16 oktober 2018

    Verzoekers eerste en tweede middel hebben beide uitsluitend betrekking op de beslissing waarbij hij niet geslaagd is verklaard. De nietigverklaring van de werfreserve vordert hij in het derde middel enkel bij gevolgtrekking. Indien hierna zou blijken dat de selectiecommissie niet regelmatig heeft beslist dat verzoeker niet geslaagd is, dan vitieert dit de mede op deze vaststelling gesteunde...

  • Vonnis van Raad van State, 11 oktober 2018

    Naar aanleiding van verzoekers overlijden en de niet-hervatting van het geding, werd de zaak van de rol afgevoerd. Op de terechtzitting doet de verwerende partij afstand van haar vordering tot toekenning van een rechtsplegingsvergoeding.

  • Vonnis van Raad van State, 11 oktober 2018

    Gelet op de niet-ontvankelijkheid van het beroep tot nietigverklaring bij gebrek aan ontvankelijk middel, heeft het auditoraat terecht geoordeeld dat het geschil kan worden afgedaan met korte debatten in de zin van art. 93, eerste lid, van het algemeen procedurereglement.

  • Vonnis van Raad van State, 10 oktober 2018

    Door aan te nemen dat, wat de belangenafweging in het licht van artikel 74\/13 van de vreemdelingenwet betreft, een uitdrukkelijke motivering in de aanvankelijk bestreden bevelen om het grondgebied te verlaten is vereist en enkel op grond van het ontbreken van dergelijke motivering een schending van artikel 74\/13 van de vreemdelingenwet aan te nemen, na nochtans te hebben vastgesteld dat uit de...

  • Vonnis van Raad van State, 10 oktober 2018

    Artikel 4 van de wet van 19 februari 1965 'betreffende de zelfstandige beroepsactiviteit der vreemdelingen' bepaalt enkel dat de beroepskaart slechts mag worden afgegeven aan de vreemdeling die een vergunning heeft gekregen om in België te verblijven of er zich te vestigen. Vermits de wet geen nadere criteria bevat, beschikt de overheid over een ruime discretionaire bevoegdheid. De verwerende...

  • Vonnis van Raad van State, 10 oktober 2018

    De verzoekers betogen zelf dat de vraag of zij belang hebben bij de vernietiging van de bestreden besluiten, geheel afhangt van de vraag of art. XII.VII.18,§ 2, RPPol (aanstelling) juncto art. XII.VII.19bis RPPol (benoeming BOB'ers) juncto art. XII.VII.16quinquies, § 2 RPPol (benoeming niet-BOB'ers zoals in casu) een ongrondwetttigheid bevat, wat de noodzaak onderschrijft tot het stellen van een...

  • Vonnis van Raad van State, 9 oktober 2018

    Na de sluiting van het debat deelt de verzoekende partij een advies van de KCML mee. Zoals de verzoekende partij zelf doet gelden, strekt de gevraagde heropening van het debat er in wezen toe haar alsnog de gelegenheid te geven de stelling die zij heeft ingenomen in haar eerste middel te "bevestig[en]". Dit is geen grond tot heropening van het debat.

  • Vonnis van Raad van State, 9 oktober 2018

    Het verzoekschrift dat de verwerende partij indiende na de ontvangst van het auditoraatsverslag waarin de nietigverklaring wordt geadviseerd, bevat geen vraag om met toepassing van art. 14ter van de RvS-wet welbepaalde gevolgen van het, in voorkomend geval, vernietigde besluit te handhaven. In die mate kan het dan ook geen gevolg sorteren. Een reden om het uit het debat te weren is dat evenwel...

  • Vonnis van Raad van State, 9 oktober 2018

    Het werkelijke voorwerp van beroep is niet de toebedeling van het betrokken perceel aan een andere persoon in plaats van aan de verzoekende partijen, maar wordt wel degelijk de wettigheid bekritiseerd van het besluit van 24 mei 2016 van het ruilverkavelingscomité tot het vaststellen van de plannen en lijsten zoals bedoeld in de artt. 26 en 34, 1°, 2° en 3°, van de ruilverkavelingswet.

  • Vonnis van Raad van State, 9 oktober 2018

    Verzoeker betoogt dat de aanleg van een parking de toekomstige invulling van het habitatrichtlijngebied hypothekeert. Het argument van de Procoro dat zich op de kwestieuze locatie momenteel geen habitat zou bevinden, weerlegt verzoekers kritiek niet, nu de instandhoudingsdoelstellingen een "stijging" van de natuurwaarden beogen. Dat de aanleg van de kwestieuze parking in habitatgebied...

  • Vraag een proefperiode aan om aanvullende resultaten te zien