Besluit van de Waalse Regering houdende sectorale voorwaarden ivm de groeven en hun bijhorigheden. (Vertaling).

Wetgeving › Sección Única

Gelinkt als:

Extract


Besluit van de Waalse Regering houdende sectorale voorwaarden ivm de groeven en hun bijhorigheden. (Vertaling).

HOOFDSTUK I.- Gemeenschappelijke bepalingen.

Artikel 1. Deze sectorale voorwaarden zijn van toepassing op de activiteiten betreffende de winning van steen, zand, klei, minerale zouten, bedoeld in de rubrieken 14.00.01, 14.00.02 en 14.00.03 op de aanhorigheden van groeven bedoeld in de rubrieken 14.90.01.01 en 14.90.01.02.

Art. 2. In de zin van dit besluit wordt verstaan onder :

1° nieuwe groeven : de percelen waarop de winningen worden uitgevoerd en waarvoor het dossier betreffende de vergunningsaanvraag is ingediend na de datum van inwerkingtreding van dit besluit;

2° nieuwe bijhorigheden : de bijhorigheden waarvoor het dossier betreffende de vergunningsaanvraag is ingediend na de datum van inwerkingtreding van dit besluit;

3° bestaande installaties : de groeven en de bijhorigheden met inbegrip van de paden en wegen, gedekt door een vergunning die geldig is vanaf de inwerkingtreding van dit besluit;

4° omtrek van het winningsgebied : de grens van het winningsgebied opgenomen in de plannen van aanleg (gewestplannen of in de gemeentelijk plannen van aanleg);

5° uitgravingsgrens : de grens van alle percelen die in de milieuvergunning toegelaten zijn. Ze is altijd inbegrepen in de omtrek van het hierboven bepaalde winningsgebied en kan verwisseld worden met die omtrek;

6° eindbestemming : de bestemming van de grond aan het einde van de winning overeenkomstig het Waalse Wetboek van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Patrimonium;

7° herinrichting : het geheel van handelingen en werken gedurende en na de exploitatie om over te gaan tot de bij de vergunning opgelegde sanering;

8° intern circuit : het geheel van de verkeersruimten binnen het bedrijf, met inbegrip van welke die op de site zelf maar buiten de omtrek van het bedrijf worden aangelegd en die uitsluitend bestemd zijn voor het voertuigenverkeer van dit bedrijf.

HOOFDSTUK II - Vestiging en bouw.

Afdeling 1. - Materiële definitie van de uitgravingsgrens.

Art. 3. De punten die nodig zijn om de uitgravingsgrens, de exploitatie- en herinrichtingsfasen ondubbelzinnig te bepalen alsmede de voor de bepaling van de bovenbedoelde gebieden nodige merkpalen zijn uitgedrukt in coördinaten (X, Y) in het Belgische cartografische systeem LAMBERT zoals bepaald door het Nationaal Geografisch Instituut (NGI).

Art. 4. De coördinaten van de in artikel 3 bedoelde punten alsmede afpalingsplannen liggen ter inzage van de technisch ambtenaar, de gemachtigd ambtenaar en de toezichthoudende ambtenaar en dit zodra de werken beginnen.

De exploitant moet elk ogenblik bij machte zijn om de bovenbedoelde ambtenaren te leiden naar de plaats van al deze vaste punten en van deze palen of om hun een liggingsplan te bezorgen opdat ze deze punten en palen vlug kunnen terugvinden.

Afdeling 2. - Ruimten van geologisch belang.

Art. 5. Mits voorafgaande aanvraag en met inachtneming van de veiligheidsregels zorgt de exploitant voor de vrije toegang tot de groeve voor de geologen belast met de herziening van de geologische kaart alsmede voor de contractanten van door het Waalse Gewest gefinancierde studieovereenkomsten die door hem daartoe behoorlijk gemachtigd zijn en die onder zijn gezag vallen.

HOOFDSTUK III. - Exploitatie en ongevallenpreventie.

Afdeling 1. - Toegang tot de exploitatie.

Art. 6. Zichtbare en goed geplaatste panelen verbieden de toegang tot de groeve voor onbevoegden. Ze worden geplaatst op elke kruising van de toegangswegen tot de toegelaten omtrek met het openbaar domein. De groeve is voorzien van een omheining - ook na het einde van de exploitatie - langs de straten, wegen, paden alsmede langs de percelen waarvoor ze een gevaar zou kunnen vertonen. Deze omheining wordt geïnstalleerd op de geëxploiteerde percelen op een afstand van minstens 2 meter van de uitbaggeringsgrens.

Afdeling 2. - Behoud van de naburige terreinen.

Art. 7. De groeve wordt geëxploiteerd zodat geen grondverschuiving de uitbaggering verder dan de uitgravingsgrens kan uitbreiden en a fortiori om de integriteit van de eigendommen, waterlopen en van de naburige verkeerswegen te bewaren met inachtneming van de aanwezigheid van pylonen, hoogspanningslijnen en diverse leidingen. De onderste trap van de ontsluitingstrede is voldoende breed om het voorbijrijden van de ontsluitingsvoertuigen mogelijk te maken.

Als het exploitatiefront de integriteit van de naburige eigendommen in het gevaar brengt zelfs als de bovenvermelde voorwaarden worden vervuld, onderbreekt de exploitant de werken en verwittigt hij de toezichthoudende ambtenaar. Op advies van de technisch ambtenaar stelt de bevoegde overheid nieuwe beschermingsmaatregelen vóór het opnieuw begi...

Volledige samenvatting van dit document bekijken

Gesponsorde links




ver las páginas en versión mobile | web

ver las páginas en versión mobile | web

© Copyright 2012, vLex. Alle rechten voorbehouden.

Inhoud van vLex België

Verken vLex

Voor professionals

Voor Partners

Bedrijf