Ordonnantie betreffende de milieuvergunningen. (NOTA : raadpleging van vroegere versies vanaf 26-06-1997 en tekstbijwerking tot 24-06-2004)
Wetgeving › Sección Única
Gelinkt als:Wetgeving › Sección Única
Gelinkt als:Extract
Ordonnantie betreffende de milieuvergunningen. (NOTA : raadpleging van vroegere versies vanaf 26-06-1997 en tekstbijwerking tot 24-06-2004)
TITEL I. - Definities en algemene bepalingen.
Artikel 1. Grondwettelijke machtiging. Deze ordonnantie regelt een aangelegenheid bedoeld in artikel 39 van de Grondwet. Art. 2. Doelstellingen. Deze ordonnantie wil de bescherming waarborgen tegen elke vorm van gevaar, hinder of ongemak die een inrichting of een activiteit, rechtstreeks of indirect, zou kunnen veroorzaken ten opzichte van het leefmilieu, de gezondheid en de veiligheid van de bevolking, met inbegrip van elke persoon die zich binnen de ruimte van de inrichting bevindt, zonder er als werknemer beschermd te kunnen zijn. Art. 3. Definities. Voor de toepassing van deze ordonnantie, verstaat men onder : 1° inrichting : elke inrichting die door een natuurlijke persoon of door een publiekrechtelijke of privaatrechtelijke rechtspersoon wordt uitgebaat en waarvan de activiteit in een klasse is ondergebracht; 2° tijdelijke inrichting : elke inrichting die niet langer uitgebaat wordt dan : a) drie jaar, wanneer het gaat over een inrichting die nodig is voor een bouwterrein, b) drie maanden, in de andere gevallen, en waarvan de gevaren, de hinder of de nadelen beperkt zijn tot de duur van de vergunning; 3° mobiele inrichting : een inrichting die gemakkelijk verplaatsbaar is om op verschillende sites te worden uitgebaat; 4° uitbating : de vestiging, de indienststelling, de instandhouding, het gebruik of het onderhoud van een inrichting, alsook elke vorm van emissie afkomstig van een inrichting; 5° project : de inrichting waarvoor een aangifte, een aanvraag om een milieu-attest of milieuvergunning wordt ingediend; 6° gemengd project : een project waarvoor op het ogenblik van de indiening ervan tegelijkertijd een milieuvergunning betreffende een inrichting van klasse I.A of I.B en een stedenbouwkundige vergunning nodig is; 7° dossier : a) de aanvraag om een milieu-attest of milieuvergunning en de aanvullingen die in de loop van het onderzoek van de aanvraag door de aanvrager zijn aangebracht; b) alle stukken die door het bestuur naar aanleiding van het onderzoek van de aanvraag worden opgesteld; 8° aanvrager : de natuurlijke persoon of de publiekrechtelijke of privaatrechtelijke rechtspersoon die een milieu-attest of milieuvergunning aanvraagt; 9° uitbater : elke persoon die een inrichting uitbaat of voor wiens rekening een inrichting wordt uitgebaat; 10° Instituut : Brussels Instituut voor Milieubeheer; 11° bevoegde overheid : de overheid die gemachtigd is om een milieu-attest of milieuvergunning uit te reiken; 12° Overlegcommissie : de territoriaal bevoegde commissie opgericht bij (artikel 9 van het Brussels Wetboek van Ruimtelijke Ordening); 13° openbaar onderzoek : de maatregelen waarvan de nadere regels vastgesteld zijn in (artikel 6 van het Brussels Wetboek van Ruimtelijke Ordening); 14° speciale regelen van openbaarmaking : de procedure bepaald (in de artikelen 150 en 151 van het Brussels Wetboek van Ruimtelijke Ordening); 15° effecten van een project : de rechtstreekse en indirecte, tijdelijke, toevallige en permanente effecten op korte en lange termijn van een project op : a) de mens, de fauna en de flora; b) de bodem, het water, de lucht, het klimaat, de geluidsomgeving en het landschap; c) de stedenbouw en het onroerend erfgoed; d) de globale mobiliteit; e) het sociale en economische vlak; f) de wisselwerking tussen deze factoren; 16° definitieve beslissing : een beslissing is definitief wanneer alle in deze ordonnantie of in (het Brussels Wetboek van Ruimtelijke Ordening) voorziene administratieve beroepen of termijnen om ze in te stellen zijn uitgeput. 17° ("emissierecht" : het recht één ton koolstofdioxide-equivalent in de loop van een welbepaalde periode uit te stoten.) Art. 4. Klassen van inrichtingen. De inrichtingen worden in vier klassen ingedeeld naargelang de aard en de omvang van het gevaar en de hinder die zij zouden kunnen veroorzaken : de klassen I.A, I.B, II en III. De lijst der inrichtingen van klasse I.A wordt vastgelegd bij wege van ordonnantie. De lijst van de inrichtingen van de klassen I.B, II en III wordt door de Regering vastgelegd. Onverwijld, wordt het ontwerp van besluit aan de Brusselse Hoofdstedelijke Raad door de Regering overgezonden. Het advies van de Raad voor het leefmilieu van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest wordt hier bijgevoegd. Art. 5. Bevoegde ambtenaren. De Regering stelt de leidinggevende ambtenaren van het Instituut aan die gemachtigd zijn de milieu-attesten en milieuvergunningen af te geven. Art. 6. Uitbatingsvoorwaarden. § 1. De Regering stelt elke bepaling vast die van toepassing is op elke in...Volledige samenvatting van dit document bekijken
Gesponsorde links
ver las páginas en versión mobile | web
ver las páginas en versión mobile | web
© Copyright 2012, vLex. Alle rechten voorbehouden.
Inhoud van vLex België
Verken vLex
Voor professionals
Voor Partners
Andere documenten:
22 JUILLET 2005. - Arrêté du Gouvernement flamand modifiant l'arrêté du Gouvern... | 17 septembre 2005. - arrêté royal modifiant l'arrêté royal du 3 juillet 1996 portant exécution de la loi relative à l'assurance o... | Arrest nº 9/1996 de Grondwettelijk Hof February 08 1996 | Direction générale des Ressources naturelles et de l'Environnement. - Office wallon des déchets Autorisation de transferts transfrontaliers de déchets BE ... | Sentencia nº 2810 de Consiglio di Stato, June 05, 2009 | sentencia nº 222 de consiglio di stato, january 16, 2008 | sentencia nº 4505 de consiglio di stato, september 14, 2009 | sentencia nº 5610 de consiglio di stato october 21 2008