Vonnis van Raad van State, 26 mei 2008

Gelinkt als:

Samenvatting


Art. 21, derde lid, R.v.St.-Wet bepaalt dat wanneer de verw.p. geen administratief dossier heeft ingediend, de door de verzoeker aangehaalde feiten als bewezen worden geacht, tenzij deze kennelijk onjuist zijn. Dit betekent niet dat de R.v.St. de stelling van de verzoeker omtrent de ontvankelijkheid als bewezen zou moeten beschouwen. Het blijft aan de R.v.St. toekomen om de ontvankelijkheid van het beroep te onderzoeken en, aangezien de ontvankelijkheid de openbare orde raakt, desgevallend ambtshalve een exceptie van onontvankelijkheid op te werpen.

Volledige samenvatting van dit document bekijken

Extract


Vonnis van Raad van State, 26 mei 2008

RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK.

A R R E S T nr. 183.352 van 26 mei 2008 in de zaak A. 75.694/IX-413 .

In zake :

Robert BAERT, wonende te AALST,

Parklaan 57/5 tegen : de Vlaamse Gemeenschap, vertegenwoordigd door de Vlaamse regering.

D E R A A D V A N S T A T E, IXe K A M E R,

Gezien het verzoekschrift dat Robert BAERT op 15 september 1997 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van het besluit van 18 juli 1997 van de secretaris-generaal van het departement leefmilieu en infrastructuur in zoverre hem daarbij een persoonlijke nota wordt opgelegd waarin hij wordt terec...

Volledige samenvatting van dit document bekijken

Gesponsorde links




ver las páginas en versión mobile | web

ver las páginas en versión mobile | web

© Copyright 2012, vLex. Alle rechten voorbehouden.

Inhoud van vLex België

Verken vLex

Voor professionals

Voor Partners

Bedrijf