Vonnis van Raad van State, 30 oktober 2006

Gelinkt als:

Samenvatting


Het bestreden tuchtbesluit legt wel degelijk een verband tussen de vastgestelde onregelmatigheden in de financiële dienst van het OCMW en de wettelijk omschreven taken en verantwoordelijkheden van de OCMW-ontvanger (art. 46, § § 1 tot 4, van de OCMW-wet). De persoonlijke fout van verzoeker lijkt er precies in te bestaan dat hij te kort is geschoten in de uitoefening van zijn wettelijke verantwoordelijkheden en opdrachten als ontvanger tav de goede werking van zijn dienst (art. 282 Nieuwe Gemeentewet).

Volledige samenvatting van dit document bekijken

Extract


Vonnis van Raad van State, 30 oktober 2006

RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE.

A R R E S T nr. 164.245 van 30 oktober 2006 in de zaak A. 170.524/XII-4789.

In zake :

Erik PEETERS, die woonplaats kiest bij advocaat D. Lindemans, kantoor houdende te 1000 Brussel,

Keizerslaan 3 tegen :

1.

de VLAAMSE GEMEENSCHAP, die woonplaats kiest bij advocaat T. De Sutter, kantoor houdende te Gent,

Koning Albertlaan 128

2.

het OPENBAAR CENTRUM VOOR

MAATSCHAPPELIJK WELZIJN VAN

DE STAD ANTWERPEN, dat woonplaats kiest bij advocaten Y. Loix en T. Peeters, kantoor houdende te Antwerpen,

Mechelsesteenweg 27.

DE Wnd. VOORZITTER VAN DE XIIe KAMER,

Gezien het verzoekschrift dat Erik Peeters op 24 februari 2006 heeft ingediend om de schorsing te vorderen van de tenuitvoerlegging van het besluit van 10 juni 2005 van de raad voor maatschappelijk welzijn van het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn (OCMW) van Antwerpen, waarbij hij bij tuchtmaatregel van ambtswege wordt ontslagen en van het besluit van 2 februari 2006 van de Vlaamse minister van binnenlands bestuur, stedenbeleid, wonen en inburgering, waarbij het beroep dat hij heeft ingediend tegen het besluit van 7 juli 2005 van de bestendige deputatie van de provincieraad van Antwerpen, houdende de goedkeuring van het voormelde tuchtbesluit van 10 juni 2005 niet wordt ingewilligd en het bedoelde tuchtbesluit wordt goedgekeurd;

Gezien het op 23 maart 2006 ingediende verzoekschrift, waarbij dezelfde verzoeker de nietigverklaring vordert van dezelfde beslissingen;

Gezien de nota's van de verwerende partijen;

XII-4789-1\22 Gezien het verslag opgemaakt door eerste auditeur B. Thys;

Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen;

Gelet op de beschikking van 6 juli 2006 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 19 september 2006, zitting waarop de zaak op vraag van verzoeker wordt uitgesteld naar de zitting van 3 oktober 2006;

Gehoord het verslag van staatsraad G. van Haegendoren;

Gehoord de opmerkingen van advocaten D. Lindemans en T. Eyskens, loco advocaat J. Vandenheuvel, die verschijnen voor verzoeker, van advocaat T. De Sutter, die verschijnt voor de eerste verwerende partij, en van advocaten Y. Loix en T. Peeters, die verschijnen voor de tweede verwerende partij;

Gehoord het eensluidend advies van eerste auditeur B. Thys;

Gelet op de artikelen 17 en 18 en titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;

Feitelijke gegevens

1.

Overwegende dat de feiten dienstig voor de beoordeling van de vordering tot schorsing de volgende zijn :

Verzoeker is sedert 1 januari 1995 ontvanger van het OCMW van Antwerpen.

Op 1 oktober 2004 stelt het bedrijfsrevisorenkantoor Ernst &

Young de voorzitster van het OCMW in kennis van de bevindingen van het onderzoek dat het in opdracht van het OCMW heeft uitg...

Volledige samenvatting van dit document bekijken

Gesponsorde links




ver las páginas en versión mobile | web

ver las páginas en versión mobile | web

© Copyright 2012, vLex. Alle rechten voorbehouden.

Inhoud van vLex België

Verken vLex

Voor professionals

Voor Partners

Bedrijf