Vonnis van Raad van State, 27 november 2002

Gelinkt als:

Samenvatting


De verzoekende partijen voeren aan dat zij bij terugkeer naar hun land van herkomst een moeilijk te herstellen ernstig nadeel ondergaan. Een gedwongen terugkeer naar dat land is een onmenselijke vernederende behandeling, nu zij daar onmogelijk kunnen terugkeren omdat zij er bedreigd en vervolgd worden. De uiteenzetting van het nadeel, zoals door de verzoekende partijen geformuleerd, is te algemeen en te summier.

Volledige samenvatting van dit document bekijken

Extract


Vonnis van Raad van State, 27 november 2002

RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE

A R R E S T nr. 112.937 van 27 november 2002 in de zaak A. 108.563/VII-24.271

In zake :

1. XXX,

2. XXXX, verblijvende te 1390 GREZ-DOICEAU, tegen : de Belgische Staat, vertegenwoordigd door 1.

de commissaris-generaal voor de vluchteling...

Volledige samenvatting van dit document bekijken

Gesponsorde links




ver las páginas en versión mobile | web

ver las páginas en versión mobile | web

© Copyright 2012, vLex. Alle rechten voorbehouden.

Inhoud van vLex België

Verken vLex

Voor professionals

Voor Partners

Bedrijf