Vonnis van Raad van State, 28 maart 2002

Gelinkt als:

Samenvatting


De kritiek op het feit dat de Commissaris-generaal in de bestreden beslissing nagelaten heeft om zijn bron aan te halen waaruit blijkt dat er effectief tijdens het verblijf van verzoekster in Mogadishu VN-troepen, een "green line" en een Agbal militie aanwezig zouden zijn geweest, is geen kritiek die betrekking heeft op de door verzoekende partij aangevoerde schending van de zorgvuldigheidsplicht.

Volledige samenvatting van dit document bekijken

Extract


Vonnis van Raad van State, 28 maart 2002

RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE.

A R R E S T nr. 105.264 van 28 maart 2002 in de zaak A. 95.566/XIV-3659.

In zake :

XXX, die woonplaats kiest bij advocaat M. DE CLIPPELE, kantoor houdende te 9000 GENT,

Coupure 383 tegen :

1.

de commissaris-generaal voor de vluchtelingen en de staatlozen,

2.

de Belgische Staat, vertegenwoordigd door de minister van Binnenlandse Zaken.

DE Wnd. VOORZITTER VAN DE XIVe KAMER,

Gezien het verzoekschrift dat XXX, van Somalische nationaliteit, op 15 september 2000 heeft ingediend om de vernietiging te vorderen van de beslissing van de commissaris-generaal voor de vluchtelingen en de staatlozen van 18 augustus 2000 tot bevestiging van de beslissing van de minister van Binnenlandse Zaken van 28 februari 2000 tot weigering van verblijf, met bevel om het grondgebied van het Rijk te verlaten, aan de verzoekende partij ter kennis gebracht op 23 augustus 2000;

Gezien het verzoekschrift dat de verzoekende...

Volledige samenvatting van dit document bekijken

Gesponsorde links




ver las páginas en versión mobile | web

ver las páginas en versión mobile | web

© Copyright 2012, vLex. Alle rechten voorbehouden.

Inhoud van vLex België

Verken vLex

Voor professionals

Voor Partners

Bedrijf