Oprichting van een partij
-
-
De vergunningsaanvraag van een andere apotheek tot overbrenging buiten de onmiddellijke nabijheid werd prioritair behandeld en is ingewilligd. Dit had tot gevolg dat de vestigingscommissie en de verwerende partij van oordeel waren dat de aanvraag tot overbrenging van de verzoekende partij diende te worden geweigerd. Een van de vennoten van de verzoekende partij wordt geacht al op de hoogte te zijn van die aanvraag vóór de oprichting van de verzoekende partij. In die omstandigheden heeft de vennootschap, door het overeenkomen van een in de tijd beperkt gebruiksrecht op de bestaande locatie en het indienen van een aanvraag tot overbrenging van haar apotheek in de buurt van de vestiging waarvoor de andere apotheek een aanvraag had ingediend, een risico genomen. Het beweerde MTHEN staat ni...
-
-
-
...eisende partij, vertegenwoordigd door Mr Steven GIBENS, advocaat ... te worden tot één TBE voor de oprichting van een Ondernemingsraad en een Comité voor Preve...
-
...EL MOUDEN verschijnt voor d verzoekende partij en van advocaat A. DE MEU, die loco advocaat C. DE... hervorming van de Raad van State en de oprichting van de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen. Er wor...
-
Het aangevoerde nadeel vindt zijn rechtstreekse oorzaak niet in het aangevochten besluit. Het bestr. ministerieel besluit heeft enkel de verklaring van openbaar nut van de oprichting van een rioolwaterzuiveringsinstallatie tot voorwerp en houdt noch de toelating in om de verzoekende partij uit haar eigendom te ontzetten, noch houdt dit de vergunning in voor de oprichting van de betrokken rioolwaterzuiveringsinstallatie.
-
Art. 55, § 3, b), van de wet van 25 ventôse jaar XI op het notarisambt, zoals dat artikel is vervangen bij artikel 32 van de wet van 4 mei 1999
... aan de geassocieerde notaris bij de oprichting van de vennootschap zodat die opgevolgde notaris g... contract bepaalde, enerzijds, dat iedere partij haar nijverheid, haar werk en haar beroepskennis i...
-
Het betreft een vergunning tot de regularisatie van de verbouwing van een woning en de oprichting van een tuinhuis. De (meer dan) halvering van de vrije ruimte tussen de twee woningen en de vervanging van de bestaande tuinmuur met een hoogte van circa 2,30 m door een zijgevel met een hoogte van meer dan zes meter en een nokhoogte van bijna tien meter over een bouwdiepte van meer dan zestien meter, brengen de belichting van de woning van de verzoeker, alsook zijn woonklimaat ernstig in het gedrang. De betrokken zijgevel is ondanks het afwerkingsmateriaal opgevat als een wachtgevel, zonder dat het zich laat aanzien dat er in de nabije toekomst tegenaan gebouwd zal worden, gelet op de recente verbouwing van de woning van de verzoekende partij. Ook de overweging dat de afwerking van de blin...
-
Met verwerende partij kan vastgesteld worden dat de decreetgever zelf de regeling van het vervoer in het decreet van 20 april 2001 (betreffende de organisatie van het personenvervoer over de weg en tot oprichting van de Mobiliteitsraad voor Vlaanderen), anders dan in de besluitwet van 1946, niet beperkt tot onbezoldigd vervoer maar ook bepaalde vormen van bezoldigd vervoer regelt. Het wordt niet betwist dat het bestreden besluit de uitvoering vormt van dit decreet, zodat de beweerde bevoegdheidsoverschrijding, indien bestaande, reeds vervat ligt in dat decreet. Er wordt daarover een prejudiciële vraag gesteld.