-
In de milieuvergunningsprocedure is er geen algemeen rechtsbeginsel of algemeen beginsel van behoorlijk bestuur van toepassing dat voorschrijft dat de aanvrager dient te worden gehoord door de overheid die de uiteindelijke beslissing neemt.
-
In zoverre in het middel de schending wordt aangevoerd van "het algemeen rechtsbeginsel van behoorlijk bestuur\
-
Luidens art. 3 Ger. Wb. zijn de wetten op de rechterlijke organisatie, de bevoegdheid en de rechtspleging van toepassing op hangende rechtsgedingen. De onmiddellijke toepasselijkheid van de wetten op de bevoegdheid, kan als een algemeen rechtsbeginsel beschouwd worden.
-
Ofschoon art. 38quinquies, tweede lid, tuchtwet, weliswaar de indruk kan wekken dat mondelinge getuigenverhoren ook gehouden kunnen worden in afwezigheid van de betrokkene, blijkt noch uit de tekst zelf noch uit de parlementaire voorbereiding expliciet dat de wetgever de bedoeling gehad heeft het algemeen rechtsbeginsel van het recht van verdediging in die zin te expliciteren. De burgemeester had dan ook de verplichting om verzoeker en zijn verdediging in de mogelijkheid te stellen het door haar geplande getuigenverhoor bij te wonen en er een inbreng in te hebben.
-
De Raad van State is geen algemeen rechtsbeginsel bekend dat stelt dat de administratieve overheid gehouden is bij haar beslissing rekening te houden met alle relevante gegevens van de zaak.
-
Het komt in de eerste plaats aan de KV toe aan te tonen dat er een gegronde vrees voor vervolging bestaat met toepassing van het algemeen rechtsbeginsel volgens hetwelk de bewijslast valt op de KV. De KV moet zélf een begin van bewijs aanbrengen waaruit blijkt dat hij mogelijks onder de criteria van de Vluchtelingenconventie valt.
-
Geen enkele wettelijke bepaling noch een algemeen rechtsbeginsel verplichten de gemeente om over te gaan tot een openbare verkoop, eerder dan tot een onderhandse verkoop.
-
Met het bestreden besluit stelt de Vlaamse Regering de onontvankelijkheid vast van het beroep tegen de beslissing van de OVAM waarbij aan verzoekende partij de verplichting wordt opgelegd in te gaan op de aanmaning tot het uitvoeren van een beschrijvend bodemonderzoek, wegens laattijdigheid. De termijn van 30 dagen, bepaald in art. 30, §2, bodemsaneringsdecreet, wordt niet verlengd wegens het verstrijken van de termijn op een zaterdag, zondag of wettelijke feestdagen. Art. 53 Gerechtelijk Wetboek is te dezen niet van toepassing omdat het instellen van een administratief beroep geen proceshandeling is. Er bestaat evenmin een algemeen rechtsbeginsel in deze zin.
-
De eventuele ongegrondheid van het beroep bij de Vaste Beroepscommissie voor vluchtelingen volstaat niet om dat beroep als niet-ontvankelijk omwille van het algemeen rechtsbeginsel "fraus omnia corrumpit" te beschouwen.
-
Art. 156 Z.I.V.-Wet werd opgeheven door art. 29, 4º van de programmawet (II) van 24 december 2002. Vanaf 15 februari 2003 (in werking treding programmawet) geldt er diengevolge een andere administratieve sanctie: het verbod van verzekeringstegemoetkoming wordt vervangen door een administratieve geldboete. Aangezien niet betwist wordt dat deze laatste sanctie lichter is, moet de nieuwe wet op dit punt worden toegepast en niet de oude wet die was voorzien ten tijde van de inbreuk. Door ten aanzien van de verzoekende partij een verbod van verzekeringstegemoetkoming uit te spreken terwijl op het ogenblik van de uitspraak een lichtere sanctie van toepassing was, heeft de Commissie van beroep het algemeen rechtsbeginsel van de terugwerking van de mildere straf miskend.